donderdag 26 juni 2014

11en30 en geneagrammen

Het mededelingenblad van NGV Friesland, 11en30, komt in juli 2014 uit met het gemeentewapen
van Terschelling op de cover. Dit nummer is met name gevuld met veel genealogische gegevens, waaronder enkele geneagrammen. Dit zijn overzichten waaruit de gemeenschappelijke afstamming van twee of meer personen blijkt. Deze vorm wordt vaak gebruikt voor het weergeven van gemeenschappelijke begaafdheid of beroepen. Of gewoon om verwantschap met één of ander bekend persoon weer te geven. In het geneagram Selie-Slof komen familienamen voor als Porte, Tekema, Wiersma en Pijpstra, samenkomend bij Ludzer Sjoerds die in 1733 te Suameer trouwde.
En het geneagram Huitema-Kist kijkt naar de afstammelingen van Hedzer Rinnerts die in 1726 te Suawoude werd geboren en in 1753 in Tietjerk trouwde. Familienamen o.a. Visser, Hiemstra, Spijkstra, Hooijenga, Harsta, Nauta en Dijkstra.
Het nieuwe lid Solkamans beschrijft hoe deze familienaam is afgeleid van de Friese familie Van Solckema.
Jan Fokko van der Wal beschrijft een kwartierstaat van Johannes de Boer uit Leeuwarden. Zijn gelijknamige vader werd in 1888 te Buitenpost geboren. Ook komt in dit overzicht een familie Wielsma uit Kollum voor en een Sytze Klazes Bouma die in 1787 te Oudwoude werd geboren. Een Johannes Pieters Sikkema trouwt in 1781 te Kollum met Rinske Rinses Rispens.
Mattie Bruining tenslotte laat zien hoe zij gezamenlijke voorouders heeft met de bekende weerman Piet Paulusma en bestuurder Joop Atsma.

maandag 23 juni 2014

De Friese schilder Wessel Pieters Ruwersma

In de online collectie van het Rijksinstituut voor Kunsthistorische Documentatie (RKD) in Den Haag kwam ik een voor mij onbekende Friese schilder tegen. Hij werd vermeld als Wessel Pieter
Ruwersma.
In een particuliere collectie komt in ieder geval een schoorsteenstuk voor van een Dorpsgezicht met een met bomen begroeide laan. Het is gedateerd op 1811. Is het Kollum?

Herkent iemand de kerk en het gebouw met gracht aan de linkerzijde? We horen het graag!

Update:
Op de Friese Wikipedia wordt wel een en ander vermeld bij Wessel Ruwersma: hij zou de autodidactische leermeester zijn van Willem Bartel van der Kooi! Dit is gebaseerd op de publicatie De levens en werken der Hollandsche en Vlaamsche kunstschilders, beeldhouwers, graveurs en bouwmeesters, van den vroegsten tot op onzen tijd, auteur: Christiaan Kramm.
RKD meldt dat hij in 1751 in Holwerd is geboren: Westdongeradeel, dopen, doopjaar 1751. Gedoopt op 28 maart 1751 in Holwerd. Dopeling: Wessel. Vader: Pijter Wijbes. Moeder: Aaltje Wessels.

In de NH kerk van Kollum moet een schilderstuk van WP Ruwersma hangen, een voorstelling van putti, die uit de Schrift lezen en attributen van Geloof, Hoop en Liefde dragen, aan de westzijde, bij het orgel, volgens het boek van Herma vd Berg.
In het boek van C. Boschma, Willem Bartel van der Kooi en het tekenonderwijs in Friesland, wordt Van der Kooi, die in 1768 te Augustinusga werd geboren, zelf geciteerd als hij op blz. 135 zegt: "In den jare 1781 bestelde mijn Vader mij, ten zelfden einde, bij Wessel Pieters Ruwersma, een verwer in het nabuurig Dorp Buitenpost, bij welke ik een jaar doorbragt- Deeze beide perzoonen (ook verwer Beerent Alberts Faber uit Augustinusga wordt genoemd) (welke nog leeven) bezitten eene aangeborene neiging en veel geschiktheid tot de schilderkunst; dezelve oefenden zich daarin nu en dan eens, als hun verwers handwerk zulks toeliet, doch hebben het, bij gebrek aan onderwijs en gelegenheid om te schilderen, niet ver kunnen brengen.
In ditzelfde boek worden als levensjaren van Ruwersma ook 1750 (Kollum)-1827 (Buitenpost) opgegeven (zonder bronvermelding overigens). Hij was eveneens leermeester van schilder Albert Gerrits Swart uit Kuikhorne.
In noot 39 wordt vermeld over Ruwersma: Op de veiling Leeuwarden 13/14 juni 1849 (Koll. MPD baron van Sytzama e.a.) was van hem een paneeltje met drinkende en dobbelende lieden voor de tent van een zoetelaarster (kat.no. 121). Een supraporte op paneel van zijn hand met drie engelenfiguren die Geloof, Hoop en Liefde voorstellen, bevindt zich in de noordbeuk van de Maartenskerk te Kollum.
In de overlijdensacte van Wessel Pieters Ruwersma op 25 maart 1827 te Buitenpost op 76-jarige leeftijd wordt vermeld dat hij huisschilder was en geboren is te Holwerd en woonachtig was te Buitenpost. O.a. zijn broer Wiebe Pieters Ruwersma doet aangifte.
Wessel Pieters Ruwersma trouwde wel in Kollum: Kollumerland c.a., huwelijken 1772. Vermelding: Bevestiging huwelijk op 17 mei 1772 in Kollum. Bruidegom: Wessel Pijtters afkomstig van Buitenpost. Bruid: Antje Sweitses afkomstig van Kollum.
Er is in eerste instantie wat verwarring ontstaan omdat naast Wessel Pieters Ruwersma, de huisschilder, ook een Wiebe Pieters Ruwersma, verwer en glazenmaker (zijn broer of halfbroer) en een Hessel Pieters Ruwersma, verwer (en waarschijnlijk ook een halfbroer) bestaan.

De werkelijke leermeester van Willem Bartel van de Kooi is zeer waarschijnlijk toch gewoon Wessel Pieters Ruwersma (1750-1827).

Hieronder voor de volledigheid daarom ook de gegevens van Wiebe en Hessel:
Broer Wiebe Pieters Ruwersma wordt in 1832 in de kadastergegevens op HISGIS als verwer aangemerkt. Hij is tevens glazenmaker (ramen) zoals blijkt op www.altijdstrijdvaardig.nl :Ruwersma Wiebe, Verwer en Glasenmaker moet mee betalen omdat hij vermeld staat op de Repartitie der som van Driehonderd Negen en Zeventig guldens over de In en Opgezetenen (162 gezinshoofden)  van de voormalige gemeente Kollum enz. tot den leverantie van 2 Artillerie Paarden ten dienste van de Russische Armee, tot welke leverancie zij in opdracht van de Commissarissen Generaal verpligt waren, ook het huisnummer staat vermeld.enz.  jaar 1817 (3) dossier (11).
In de dossiers van het Kollumer Oproer van 1797 is hij waarschijnlijk Wijbe 'verwer'. En op de Lijst met Inwoners van Kollum in 1817 is hij ook aangemerkt als verver en glasemaker op nummer 194.
In de Lijst van Inwoners van Kollum in 1825 komt vreemd genoeg Hessel Pieters Ruwersma op nummer 160 voor als verwersknegt en Wiebe Pieters op nummer 167 als verwer, met zijn zoon Jacob Wiebes Ruwersma als verwersknecht.
Tenslotte in de Lijst van Inwoners van Kollum in 1844 komt Hessel Pieters Ruwersma, 2 jaar voor zijn dood, voor op nummer 146, perceel A151. Broer Wiebe woont dan nog op nummer 167, kadastraal perceel B451.
Hessel Pieters Ruwersma werd geboren op 24 oktober 1774, Gedoopt op 11 december 1774 in Kollum. Vader: Pytter Wybes. Moeder: Gaatske Hessels. Hessel was getrouwd met Hiltje Johannes Planting en woonde in Kollum. Hessel was eerder getrouwd: Kollumerland c.a., huwelijken 1799. Vermelding: Bevestiging huwelijk op 26 mei 1799 in Kollum. Bruidegom: Hessel Pieters afkomstig van Kollum. Bruid: Teetske Pieters afkomstig van Kollum. Opmerking : het huwelijk is bevestigd door het nedergerecht Kollumerland. Uit dit huwelijk werd in 1800 een zoon geboren, Pieter, die in 1834 trouwde met Aagje Jarigs Postma uit Murmerwoude. Teetske Pieters overleed op 8 mei 1811 in Kollumerland.
De vader van de 3 (half-)broers, Pieter Wybes  is 4x getrouwd geweest. In de Quotisatie-kohieren van 1749 is hij een “gemene costwinner” te Holwerd. Hij was later ook verwer te Kollum. De zoons hadden het dus niet van een vreemde!

Update 2: In de Leeuwarder Courant van 7 en 14 september 1827:  De openbare Notaris ROMEIN, te Buitenpost, zal op Zaturdag den 15 September 1827, des namiddags ten twee ure, ten huize van de wed. Wadman, kasteleinsche te Buitenpost, voor zoo verre het aandeel der afwezige betreft, daartoe benoemd bij Vonnis van de Regtbank van Eersten Aanleg, zitting houdende te Leeuwarden, en ten overstaan van het Vredegeregt van het Kanton Buitenpost, ter instantie vau de Erfgenamen van wijlen Wessel Pieters Ruwersma, bij strijkgeld verkoopen: 1. Eene welgereguleerde en net betimmerde HUIZINGE, bestaande in twee Onder- en eene Bovenkamer, Keuken, Achterhuis, Bleekveld en Regenwatersbak cum annexis, -staande en gelegen in de Buurt te Buitenpost, gekwoteerd 110. 79, bij wijlen W. P. Ruwersma bewoond geweest. 2. Een bunder en ruim 47 v. roeden GREIDLAND, gelegen in het Oost van Buitenpost. 

Update 3: Via Geert vd Veer kreeg ik een afbeelding van een aquarel die WP Ruwersma in 1810 maakte voor de familie Van Haersma. Hij publiceerde er een boekje over: Haersmastate 1767 – 1911, dat o.a. aanwezig is op ons Streekarchief en Tresoar. Met op de achtergrond Haersma State en de kerk van Buitenpost wordt op de voorgrond de genealogie in beeld gebracht dmv 5 letterlijke stambomen van de jubilerenden en hun kinderen met familiewapens, gemaakt door deze Ruwersma. De aquarel (51 X 67 centimeter) is  gemaakt ter gelegenheid van het 50-jarig huwelijksfeest van de stichter van Haersmastate mr. Daniël de Blocq van Haersma en zijn vrouw Maria Wybrandi. Zij is geboren te Kollum, dochter van Sybrandus Wybrandi en Trijntje Johannes. Hopelijk kunnen we dit ook t.z.t. publiceren in ons verenigingsblad De Sneuper.
In de database van RKD komt ook een mooi groepsportret van de kinderen van Daniël de Blocq van Haersma voor.

donderdag 12 juni 2014

De Sneuper 114 met drinkdobben, Opskuor en familieschilderij

Het zomernummer van ons verenigingsblad De Sneuper, nummer 114, heeft een bijzondere cover:
de wereld-unieke drinkdobben van Ferwerderadiel gefotografeerd met een vlieger! En uiteraard is het bijbehorende, wetenschappelijke, artikel gelardeerd met nog meer bijzondere foto's, van o.a. de Dijktempel van Ids Willemsma.
En wat te denken van de in 1889 in Morra veel ophef veroorzakende zaak van Jacob Douma die zijn vrouw spoorslags verliet en met zijn liefje en dienstbode naar de USA vertrok? Later dit jaar zal een van onze leden een reis in hun voetsporen gaan maken, langs enkele van de nakomelingen.
Jan Douwes Isema beschrijft een prachtig familieschilderij, de manier waarop hij het terug kreeg in de familie en het vermoeden dat de schilder Douwe Hansma zou zijn. Direct na publicatie reageerde ons lid Henk Goslings al dat het schilderij waarmee Douwes Isema zijn familieschilderij vergeleek niet van Hansma is maar van Gosling Posthumus. De toeschrijving aan Hansma door Peter Karstkarel in het standaardwerk Geschiedenis van Dokkum is incorrect! Hier komen we dus op terug. 

Zo is De Sneuper 114 weer gevuld met voor elk wat wils en gevarieerde artikelen, waar de volgende keer misschien ook uw onderzoek of tekst tussen kan staan. Want wij blijven afhankelijk van de kopij van onze leden! Dat en nog veel meer in dit lentenummer van De Sneuper:

Inhoudsopgave:
HISTORIE & STREEKGESCHIEDENIS
- De drinkdobben in Noard-Fryslan butendyks, Marjan Vroom (gebaseerd op haar scriptie Gras upt werp)
- Opskuor in Moarre- fictie & feiten, Hans Scholte
- Familieschilderij dominee Jan Douwes, Jan Douwes Isema

GENEALOGIE & FAMILIEGESCHIEDENIS
- Meindersma's en Meindertsma's, Sake Meindersma
- Op zoek naar (een foto van) Aaltje de Jong (echtgenote van schrijver Jan Eekhout), Lo van Driel
- Herkomst van familienaam Schoorstra, Peter Schoorstra
RUBRIEKEN & COLUMNS
- COLUMN: Je mutte mar hoare..., Ale Hansma

- De koffer van Mathilde: Aapjes kijken, Hilda Bouta
- HERALDIEK: dorpswapens van Foudgum & Hantum, Rudolf Broersma

- Oud nieuws: Meester Wamelink betrapt tonneur, Piet de Haan
DIGITAAL, ACTUEEL & VARIA
- Digitaal verhaal: Familiebijbel Geeske Harmens, Hans Zijlstra


Op de Praatstoel 2: verhalen uit NOF. Bestel dit fantastische boek! Slechts 20 euro voor ruim 400 pagina's hardcover (plus verzendkosten 6,75 ivm dikte boek. Af te halen in Dokkum en Oosternijkerk zonder verzendkosten).
 
Wilt u ook meegenieten van de interessante verhalen uit onze regio, dan kunt u zich eenvoudig aanmelden als lid (slechts 15 euro per jaar) via dit online formulier.  

Tevens kondigen we de Najaars-Ledendag van 2014 aan die door onze vereniging op zaterdag 4 oktober 2014 in het IJstijdenmuseum te Buitenpost wordt gehouden. Noteert u het alvast in de agenda!  
En, last but not least, onze leden kunnen De Sneuper ook als pdf ontvangen als ze dat willen (stuur een mail)! 

maandag 9 juni 2014

Index op de floreenkohieren van Oostdongeradeel.

Onze actieve leden zullen de prachtige online bronbewerkingen op onze website wel kennen, maar
Donia Sathe, Oosternijkerk
let op, er komen regelmatig nieuwe bij!
Ons erelid Reinder Tolsma heeft onlangs de floreenkohieren van Oostdongeradeel eens even netjes op een rijtje gezet.
Deze index betreft de namen van eigenaren en gebruikers van alle 325 stemdragende boerderijen in de 13 dorpen van Oostdongeradeel. Bedoeld worden: Aalsum, Anjum, Ee, Engwierum, Jouswier, Lioessens, Metslawier, Morra, Niawier, Oosternijkerk, Oostrum, Paesens en Wetsens.  In totaal worden 6083 regels weergegeven waarbij, alle dorpen  meegerekend, 4058 unieke namen worden vermeld. Gezegd dient te worden dat veel eigenaren in meerdere dorpen voorkomen, voor de gebruikers geldt dat meestal niet.
De floreenkohieren geven de eigenaren, gebruikers, naastlegers, grootte en de grondbelasting weer die voor elke boerderij betaald moest worden. Deze floreenrente gaat terug tot het Register van Aanbreng uit 1511, eigenlijk het eerste floreenkohier. In 1700 worden de floreenkohieren vernieuwd waarna in 1708 en daarna iedere 10 jaar de kohieren worden aangepast. Het jaar 1808 wordt overgeslagen maar daarna lopen de kohieren door tot 1858, het jaar waarin ook de kadastrale nummers per boerderij worden weergegeven waardoor localisatie van de boerderij mogelijk wordt. Via de “Kadastrale en Pre-kadastrale atlas van Friesland, deel 17 Oostdongeradeel, is dat door de Fryske Akademy in boekvorm uitgegeven en op internet te raadplegen via HisGis. Zo is in veel gevallen bezitsgeschiedenis van een boerderij van 1511 tot 1858 te volgen.
Het belang van de floreenkohieren voor de hedendaagse onderzoeker is velerlei. Omdat op de genoemde boerderijen ook het stemrecht in dorps- en grietenijzaken rustte,  kan worden nagegaan wie er in dorp en grietenij veel te zeggen had. Zo koopt secretaris Wilhelmus Bergsma rond 1750 veel boerderijen op waarna hij het land verkoopt en het hornleger, waarop het stemrecht rustte, voor zichzelf houdt. Het valt ook op dat er in veel dorpen een geregelde opvolging in eigenaren voorkomt. Een veel geziene is: Wilco van Holdinga, weduwe Schwartzenbergh, Ernst van Aylva, Hans Hendrik van Haersma, Sjoerd Talma, Wilhelmus Bergsma, diens weduwe, Johannes Casparus Bergsma, Petrus Adrianus Bergsma; zij bestrijken de periode 1700-1828. Vooral in het dorp Wetsens is dit duidelijk het geval, genoemde personen waren dus in dat dorp de baas en hadden daardoor stemrecht in de grietenij Oostdongeradeel.
Voor genealogen is ook veel uit deze index te halen omdat de gebruikers worden genoemd. Soms is iemand te volgen op meerdere boerderijen, een enkele keer in meerdere dorpen. Soms wordt een boerderij generaties lang door dezelfde familie gebruikt, maar er zijn ook boerderijen die vrijwel elke tien jaar een andere gebruiker hebben.

De index heeft wel een paar nadelen.
-de kohieren werden om de 10 jaar opgemaakt, als iemand in de tussenperiode op een boerderij zat, wordt hij niet genoemd (de juiste jaren dat iemand op een boerderij zat, kunnen gevonden worden in de reeelkohieren die vrijwel van elk jaar beschikbaar zijn: nummer van floreen- en reelkohier zijn gelijk)
-het kohier van 1808 ontbreekt
-niet altijd kan het kohier vertrouwd worden of is duidelijk wie er bedoeld wordt. Zo worden de leden van de familie Van Haersma aangeduid als: grietman Haarsma, kapitein van Haersma, Heere Haersma, mevrouw Haersma, H.H. van Haersma, enz. Soms zijn vermeldingen aantoonbaar onjuist. Daarnaar zal verder onderzoek nodig zijn.

De kolommen hebben de volgende betekenis:
A.    Plaats
B.    Nummer van de boerderij
C.    Eigenaar (e) of gebruiker (g) of eigenaar/gebruiker (e/g)  van de boerderij
D.    Jaren waarin deze persoon voorkomt
E.    De eerste keer dat de boerderij genoemd wordt, staat hier de grootte in 1640 en 1700, de floreenrente, de naam van de boerderij, sommige toponiemen en verdere bijzonderheden. De vermelding uit het jaar 1640 komt uit het Stemkohier
Wat de schrijfwijze betreft is zoveel mogelijk uniformiteit betracht, dus niet alle vormen van Pijter, Pijtter, Pyter, Pytter enz. die in de kohieren voorkomen, maar steeds: Pyter, Rienk, Freerk, Claas enz.

zaterdag 7 juni 2014

Audrey Hepburn, dochter van barones Van Heemstra, op cover Gen.magazine

Gen.magazine, het blad voor de Vrienden van het CBG komt in zijn juni 2014-nummer met een prachtige cover met Audrey Hepburn, wier moeder van Friese adel was: Van Heemstra. Het thematisch dossier is deze keer dan ook gewijd aan de Nederlandse adel, i.v.m. het tweehonderdjarig jubileum van het koninkrijk en dus ook tweehonderd jaar Nederlandse adel.

Inhoudsopgave:

Een museum over familie
In het Limburgse Eijsden staat het enige familiemuseum ter wereld. Op 16 mei opende daar het Internationaal Museum voor Familiegeschiedenis in een oud klooster. Het CBG heeft heel wat van zijn museale collectie in bruikleen afgestaan. Ruud Straatman vertelt wat er te zien en te doen is in en rond Eijsden.

Namen van adel
Adellijke familienamen zijn namen waar een adellijke titel of een predikaat aan verbonden is. Maar zijn ze ook op een andere manier herkenbaar? Leendert Brouwer laat zien hoe adellijke namen tot stand zijn gekomen, en hoe het kan gebeuren dat een ‘Meijer’ wél van adel is, en een ‘De Graaf’ niet.

Van Coeverden
De familie Van Coeverden is van heel oude adel. Al in de dertiende eeuw leerden ze de Hollandse heren ‘mores’. En nu? Hilbrand Rozema interviewde twee baronnen, die zich altijd erg bewust zijn geweest van hun positie – en die toch heel gewoon zijn gebleven.

De Ridderlijke Duitsche Orde
Tijdens de Derde Kruistocht (1189-1192) werd de Duitsche Orde opgericht. De tradities staan hoog in het vaandel in de orde. Binnenkort verschijnt een boek over de eretekenen en uniformen van de leden. Speciaal voor Gen. schreef auteur Fr. de Boer een voorpublicatie.

Audrey Hepburn en Nederland
Een van de grootste actrices van de westerse wereld is opgegroeid in Nederland als dochter van een Nederlandse barones. En toch vinden we amper sporen van haar aanwezigheid hier. Hanneke Ronnes en Ellen Lammers breken een lans voor het instellen van ‘herinneringsplaatsen’ voor Audrey Hepburn.

Merklappen
Walter van de Garde en Joke Visser doen al heel wat jaren onderzoek naar merklappen en stoplappen. Van de Garde beschrijft hoe de maaksters van een aantal van deze fraaie handwerkproducten met behulp van genealogisch onderzoek aan elkaar zijn te koppelen. Er is ook een mooie site met Friese merklappen.

En verder in het dossier:

Nederlandse adel

Het thema van het dossier is ‘Nederlandse adel’. Maar wat ís dat eigenlijk en hoe is die adel dan ontstaan? Robert Stiphout zet de geschiedenis van de adel in de Nederlanden uiteen.

Nederland’s Adelsboek
Guus van Breugel nam een kijkje in de keuken van de samenstellers van het ‘rode boekje’.

200 Jaar Hoge Raad van Adel
Secretaris Egbert Wolleswinkel beschrijft de geschiedenis en functie van dit Hoge College van Staat.

Zoals gebruikelijk in Gen. ook de rubrieken Nieuws, Gesignaleerd, CBG weet raad, Portret & Verhaal (van het RKD), Armoriaal, Kijk op Bronnen, Familiejournaal, Archiefwijzer, de lezerscolumn Familiekroniek en de vaste columns Memo, Favo, Digitaal, Vernoeming, Vrouwen en kinderen eerst. Nieuw is de column @EricHennekam van de bekende zoekspecialist, met tips over het zoeken naar historische persoonsinformatie op internet.

maandag 2 juni 2014

Mummies en aardappels uit Friesland

Historisch Tijdschrift Fryslan, het tweemaandelijkse ledenblad van het Koninklijk Fries
Genootschap voor Geschiedenis en Cultuur, heeft deze keer als thema De Friese aardappel.
Artikelen over De gerniers (gardeniers, keuterboeren), Akkerteeltcultuur, de Kleihoek als bakermat en Poters, Hettema en HZPC.
Daarnaast ook nog andere geschiedenisverhalen met de Mummies van Wiuwert opnieuw ontleed, Tramlijn Joure-Sneek en Het park van Rinsma State.
Kees Kuiken beschrijft in Van knol tot kampioen de mensen achter het succesverhaal van de aardappel. Het Bildt, bekend van de Bildtstar, speelt daarin natuurlijk een belangrijke rol. En wist u dat het Bintje genoemd is naar Bintje Pebesma-Jansma (1888-1976) uit Suameer/Sumar?
Teun de Jong, zelf akkerbouwer te Sint Annaparochie, schreef het artikel Poters op wereldreis. Hierin o.a. het kweekbedrijf Ropta bij Metslawier dat nu nog steeds als researchcentrum in eigendom is van HZPC uit Joure. Het door Prof. Ir. Dorst ontwikkelde ras Alpha wordt nog steeds op Malta verbouwd. En maar liefst zo'n 2/3 van de wereldhandel in pootgoed komt uit Nederland.
Philippus Breuker, zelf zoon van een gardenier, behandelt in het Friestalige artikel De gerniers op 'e klaai de kleine akkerbouwers op de Friese kleigronden (langs de kust). In de jaren '70 waren ze merendeels verdwenen door de schaalvergroting.
Gerrit Herrema, gepensioneerd docent Agrarische techniek, die bij onze vereniging ook wel eens over de vlasteelt heeft verteld, schreef Teelt op smalle akkers. Hij is nu vrijwilliger bij AFRON, de Friese vereniging voor historische landbouw. Tot het begin van de 20e eeuw werden aardappelen vaak op smalle akkers of 'bedden' verbouwd. Deze waren gescheiden door een voor. Later ging men over op ruggen, die door hun hogere ligging beter droog te houden waren. Het sproeien ging vaak met een pap van kopervitriool en kalk, vermengd met slootwater, tegen aardappelziekte fytoftora.
Pioniers in pootaardappels waren de heren Hettema uit Beetgum. Handelshuis Hettema en zonen fuseert eind jaren 90 met cooperatie ZPC tot HZPC.
In Kort Nieuws leuke nieuwtjes zoals de verwerving van een collectie moderne kunst van Libbe van der Kerk uit Wolvega door de Ottema-Kingma Stichting.
Het Museum Admiraliteitshuis heeft van de Protestantse gemeente Metslawier en Niawier de nodige zilveren stukken zoals avondmaalsbekers, doopbekkens en schotels in bruikleen gekregen.
Verder heeft Han Nijdam, onderzoeker bij de Fryske Akademy, een nieuw stuk Oudfries gevonden, een fragment uit de Codex Unia van 1485. Het zat in de papieren van de 17e eeuwse historicus Simona Abbes Gabbema.
En het Britse Nationaal Archief heeft dossiers vrijgegeven over Mata Hari, Margaretha Geertruida Zelle.
Een beetje vreemde eend in de bijt van dit nummer is Friese mummies ontleed. Hierin vertelt Jan van Zijverden over de in 1765 ontdekte mummies in de grafkelder van de kerk te Wiuwert  (Wieuwerd). In de Vrije Fries van 1853 werd gesproken over elf lijkkisten van zwaar eikenhout. Vijf van hen hebben gehele mummies en enkele zijn gevuld met botten. Het verhaal ging dat een van de mummies Anna Maria van Schurman zou zijn, maar dat is vermoedelijk een fabeltje omdat haar laatste wens was juist niet in de kerk begraven te worden. Inmiddels zijn er echter nog maar vier. Vermoedelijk zijn het leden van de familie Van Walta die in 1609 een grafkelder lieten aanleggen. Ophef was er toen er allerlei mensen beweerden dat aardstralen een rol speelden bij de mummificering van de lijken. Ene Johannes Bron verkocht zelfs anti-aardstralenkastjes, de Bron-corrector, die de mummies zou doen verdwijnen. De grafkelder in Wiuwert is van mei tot en met september van 10 tot 12 rn van 13 tot 16.30 uur open (niet op zondag). In het Drents Museum te Assen is ook een tentoonstelling over mummies, t/m 31 augustus 2014.