Posts tonen met het label state. Alle posts tonen
Posts tonen met het label state. Alle posts tonen

vrijdag 19 mei 2017

Waardering voor sneupers van de lokale historie

Holdinga State te Anjum
Onder grote belangstelling (een volle zaal) vertelde Philippus Breuker afgelopen zaterdag 13 mei 2017 in Easterlittens over zijn nieuwste boek “Het landschap van de Friese klei 800-1800”.

Breuker werkt graag samen met sneupers en is van mening dat deze mensen meer waardering verdienen. Zelf doet hij voor specifieke vragen over een dorp of regio graag een beroep op lokale historici. In de afgelopen jaren heeft hij die samenwerking als erg plezierig ervaren. Daarom overhandigde de auteur de twee “eerste exemplaren” van zijn boek aan een sneuper. Een van de beide gelukkigen was Reinder Tolsma. Vanaf deze plaats gefeliciteerd!   

Wie meer wil weten over de ontstaansgeschiedenis van het hele Friese kleigebied -van Greidhoek, Bouwhoek en aangrenzende grietenijen- kan zijn hart ophalen in dit boek. Dankzij al zijn vergaarde kennis kan Breuker “het landschap lezen” en goed uitleggen waarom het er zo uitziet. Met grote gedrevenheid zocht hij naar verklaringen, onder meer m.b.t. veldindeling, gemeenschappelijk grondgebruik en het fenomeen hemrik.

Rond het jaar 800 begon de ontginning en ontwikkeling van het kleigebied. Letterlijk alles wat we nu om ons heen kunnen zien -weilanden, akkers, bomen, dijken, wegen en gebouwen- is aangelegd of gemaakt door mensen. Het is een continu proces, waarbij dingen komen en gaan. Zo waren er ooit honderden stinzen, die bijna allemaal weer zijn verdwenen. De nakomelingen van de oude landadel bouwden hofsteden, herenkamers en buitenplaatsen, met bijbehorende fraaie hoven, tuinen en boomgaarden.

Aanvankelijk 'zat' vrijwel de hele Friese adel op de rijke kleigrond. Ter illustratie een afbeelding (collectie Fries Museum) van Holdingastate te Anjum, gebouwd in 1580 en afgebroken in 1831. Vanaf het begin van de 19e eeuw kreeg de adel een duidelijke voorkeur voor wonen op de zandgrond. Al eerder lieten rijke verveners fraaie buitenhuizen bouwen in de Trynwâlden.

“Het landschap van de Friese klei 800-1800” telt 447 bladzijden, weegt bijna 2 kilo en bevat veel fraaie illustraties in kleur. Mede dankzij foto's van het hedendaagse landschap krijgt de lezer duidelijke inzichten in het 'waarom' van de omgeving waarin wij leven. Uitgebreide noten en een register op plaatsnaam (bijv. Anjum 20x en Dokkum 13x vermeld) completeren het geheel. Kortom, een historisch product waarop de uitgever, Louw Dijkstra, weer zijn best heeft gedaan. Zie www.wijdemeer.nl voor meer info.

Ingezonden door Symen Schoustra van www.irnsum.nl

zondag 23 augustus 2015

Fragmentengebouw Rijksmuseum bevat traptoren Franeker Ockingastins

Het Rijksmuseum in Amsterdam heeft een gebouw, tegenwoordig de Philipsvleugel genoemd, dat vele oude bouwelementen bevat van poorten en gevelstenen uit geheel Nederland. Het wordt ook wel het Fragmentengebouw genoemd.
Het gebouw is door architect Pierre Cuypers opgebouwd uit bouwfragmenten van andere monumenten in Nederland die aan het einde van de 19de eeuw op grote schaal werden gesloopt. Het Rijksmuseum wilde de fragmenten bewaren voor de Nederlandse architectuurgeschiedenis en dus kwamen ze uit het hele land naar Amsterdam. Zo zijn ook in de naastgelegen tuin de Heerepoort van Groningen en de Bergpoort uit Deventer terechtgekomen, evenals beelden uit de tuin van Bosch en Hoven, een buitenplaats bij Haarlem, fragmenten van de afgebroken Amsterdamse Regulierspoort en de waterpoort van Gorinchem. Naast grote tuinvazen van Landgoed Enghuizen bij Lochem, een zuilenrij van de Onze Lieve Vrouwenkerk in Edam, Stadhouderspoort van het Haagse Binnenhof, Poortgebouw van het Duitse Huis in Utrecht, en een toegangshek van buitenplaats Over-Amstel zijn ook vele oude gevelstenen in de diverse muren ingemetseld. Bekijkt u de fotoserie in het online foto-album maar eens.

Traptoren Ockingatins, Fragmentengebouw Rijksmuseum
Tot mijn verrassing is er ook een deel van een oude Friese stins ingebouwd, namelijk de traptoren van de Ockingastins in Franeker die ook als ingang fungeerde. Aan de binnenzijde is de gemetselde wrongtrap nog bewaard. Waarschijnlijk is ook de basis van het rechthoekige gebouw waaraan de traptoren vastzit afkomstig van de Ockingastins (ongetwijfeld gelieerd aan de adellijke Friese familie Van Ockinga). Het draagt namelijk dezelfde blauw-bordeauxrode luiken voor de ramen.
De stins werd ook wel Ockinga-huis genoemd en was een groot diep huis van twee verdiepingen boven kelders, aan de straat bekroond met een trapgevel. Het uiterlijk van Ockingahuis is bekend uit de Franeker stadsplattegronden van de 16de en 17de eeuw. 

Aan de binnenzijde van het Fragmentengebouw zijn de bogen uit het trappenhuis van het Constantijn Huygenshuis uit Den Haag en de 16e eeuwse muur van het Kasteel van Breda van graaf Hendrik III van Nassau geïntegreerd.
Dus hoewel enorm veel states en stinzen in Friesland zijn afgebroken, is er notabene in Amsterdam nog een restant bewaard gebleven.

In tegenstelling tot de gebouwen (alleen de Schierstins in Veenwouden is over van de 700 Friese middeleeuwse torenkastelen, naast enkele states zoals Popta) zijn gelukkig wel veel elementen uit de interieurs van de Friese states bewaard gebleven, zoals oude schilderijen, porselein en meubilair. Door de toenemende digitalisering van museumcollecties vinden we daar steeds meer van terug, zoals u met enige regelmaat in ons verenigingsblad De Sneuper en op ons blog kunt lezen!