vrijdag 28 november 2008

Eeuwelingen in Friesland

Om het honderdste artikel sinds de start van dit blog (eind januari 2008) op passende wijze te illustreren leek het me aardig om eens aandacht te besteden aan honderdjarigen in Friesland. Door de verbeterde gezondheidszorg en toegenomen welvaart komen er steeds meer van deze sterken der aarde. Honderd jaar en langer geleden waren ze nog een uitzondering. Steevast kregen ze de nodige aandacht en tot voor kort was het standaard dat de burgemeester van de woonplaats op verjaardagsvisite kwam. Volgens het boek Eeuwelingen, levensverhalen van honderdjarigen in Nederland, van Steffie van den Oord, waren er in 2002 al zo'n 1100 honderdplussers in ons land. Grofweg geschat zullen er in Friesland op dat moment zo'n 100 geweest zijn. In het aardige boek worden 22 eeuwelingen geïnterviewd over hun leven, waarbij twee Friezen: oud-dominee Douwe van der Wielen (31 dec 1899, Bergum) en oud-zeeman Haije Tigchelaar (8 dec 1897, Harlingen). De VPRO interviewde de auteur over de verhalen van honderdjarigen. Een vergelijkbare opzet als ons reeds uitverkochte boek met Oral History van mensen in Noordoost Friesland, Op de Praatstoel.

Toevalligerwijze overleed deze week de oudste mens ter wereld, de 115-jarige Edna Parker uit Indiana, USA. Ooit was ook de Nederlandse Hendrikje Van Andel-Schipper met 115 jaar de oudste van de wereld. Op 29 juni 1890 werd ze, slechts drie pond zwaar!, geboren te Smilde. Hendrikje lijkt voorbestemd slechts enkele maanden te leven. Ze overleed in 2005. De oudst geregistreerde persoon ter wereld was de 122-jarige Jeanne-Louise Calment uit Frankrijk. Leuke televisiebeelden uit 'Van Gewest tot gewest' geeft een uitzending over de verzamelaar van honderdjarigen Fred van Dam. Zoek op 'Fred van Dam' in www.gewest.nl (beeld in 2 mei 2004 vanaf 16:02 min. af te spelen in Real-player).

In februari 2008 werd de oudste vrouw van Friesland, mevrouw Draaisma, 106 jaar.

Op 5 maart 1991 overleed de toen oudste mens van Nederland, de in Veenwoudsterwal wonende 109-jarige Trijntje Jansma-Boskma, geboren op 3 februari 1882 te Tietjerksteradeel, dochter van Auke Klazes Boskma en Trijntje Lammerts Ruisch.

In 2007 ging de 100-jarige Maria Bok uit Tytsjerk nog mee met een ballonvlucht.

Ook in het Jaarboek 1989 van het CBG wordt uitgebreid aandacht besteed aan honderdplussers door de eeuwen heen. Hierin o.a. Tjitte Hendriks de Vries, geboren Knijpe (bij Heerenveen) 4 maart 1765 (naar eigen zeggen), overleden Beneden Knijpe 27 februari 1873, begraven aldaar 4 maart 1873, oud 107 jaar (zie ook de afbeelding rechtsboven bij dit artikel, Bron: Iconografisch Bureau, RKD). Als jongen van vier jaar kreeg hij roodvonk, waar hij doof van bleef. In Napoleons tijd hoefde hij daarom niet in dienst, maar toen de Fransen kwamen, moest hij stro voor hen varen. “t Was een verschrikkelijk sterk man; die de dokter weinig van noode had. Op 90-jarige leeftijd voer hij nog met de zandpraam en hij was reeds over de honderd, toen hij nog met bezems liep’, aldus een interview uit 1902 met twee van zijn dochters. In 1866, toen hij 101 jaar werd, werd in de krant bericht dat hij iedere zaterdag nog te voet naar Heerenveen kwam en dan menige aalmoes ontving. ‘Telkenjare worden portretten van hem genomen.’

Een recent artikel claimde: Honderdjarigen hadden jonge moeders. Lang leven lijkt niet zo zeer te danken aan de verbeterde gezondheidszorg maar meer aan zaken als aanleg van riolering en drinkwaterleidingen en voldoende voeding. Een positieve levensopvatting draagt er ook aan bij.

De honderdjarige huisarts Gerritsma uit Sneek maakte in 2007 een eigen cd met pianomuziek. Ook reed hij drie keer mee in de Elfstedentocht!

In 2005 vierde Afke Holwerda-Broersma uit Tibma, bij Ee, haar honderdste verjaardag. In haar werkzame leven was ze baakster en koster van de Hervormde kerk van Jouswier.

En op zaterdag 20 september 2008 vierde mevrouw Gep den Braven-Jorna, die in 1940 en 1941 ook de Elfstedentocht reed, haar honderdste verjaardag op Texel.

Kent u nog meer honderdjarigen uit de regio? Laat het ons weten!

Update: Harry Perton van het informatieve Groningse blog Gelkinghe wees mij op de Leeuwarder Courant van 15 november 1930, de archiefrubriek 'Voor het thee-uur'. Hierin diverse eeuwelingen in vroegere eeuwen. Klik op de afbeelding voor een leesbare vergroting.
Wibo Boswijk meldt een andere regionale honderdjarige in zijn familie: Antje Rinsema, geboren 28 december 1882, dochter van Wiebe Taekes Rinsema en Trijntje Jans Wibbelink (Ureterpervallaat).
Reinder Tolsma meldt: Wat Oosternijkerk betreft. In 1990 schreef ik n.a.v. een honderdjarige een stukje onder de titel “De sterksten tusken de sterken”. Daarin kwam naar voren dat er in Oosternijkerk na 1927 en tot 1984 29 mensen ouder zijn geworden dan 90 jaar (20 vrouwen en 9 mannen), 3 mensen tussen de 95 en 100, 3 mensen werden 100 (waarbij ook een Beetstra, zeker een sterk geslacht want onlangs overleed ook een Beetstra die in Oosternijkerk heeft gewoond: 102 jaar), 1 vrouw werd 101.

maandag 24 november 2008

Friese kunstschilders in de 17e eeuw

Ze komen zelden in de publiciteit, maar ze zijn er wel degelijk. Schilderijen van Friese kunstschilders in de 17e eeuw. De belangrijkste schilder van zeegezichten was Wigerus Vitringa (1657-1725). Oorspronkelijk opgeleid als jurist aan de Universiteit van Franeker bekwaamde hij zich in de schilderkunst. Zijn nevenberoep werd belangrijker dan zijn ouders wilden, omdat die liever zijn advocatenpraktijk voortgezet zagen. Het Fries Museum exposeerde diverse van zijn schilderijen en gaf er een boek over uit.

Een kunstschilder in de stijl van Rembrandt was Wybrand de Geest (1592-1663?), bijgenaamd De Friesche Adelaar. Hij trouwde met een nichtje van Rembrandts vrouw Saskia Uylenburgh, Hendrikje Uylenburgh. Hij woonde in Leeuwarden aan de Eewal. Bij Tresoar is ook een Album Amicorum van hem bewaard gebleven, die via de Digicollectie te bekijken is.
Van Lambert Jacobsz (ca.1598-1637) hangt een schilderij in het Rembrandthuis in Amsterdam. Hij was de eerste leermeester van Govert Flinck (beide waren doopsgezind), die later bij Rembrandt in de leer ging. Ook de in Harlingen geboren Jacob Adriaensz Backer (1608-1651) was een leerling van Lambert Jacobsz.
Hoewel zijn achternaam Schots klinkt was ook Jacobus Sibrandi Mancandan (1602-1680) een getalenteerde Friese (landschaps-)schilder. De uit Minnertsga afkomstige kunstenaar schilderde veelal landschappen met dieren en herders en was burgemeester van Franeker. Hij trouwde met Elske Mathys Siderius.
De Leeuwarder kunstschilder Casparus Hoomis (ca.1640-1677) werkte voor de massamarkt met goedkope werkjes, samen met Leendert Nulck en Harmen Monsma.

Zowel de doopsgezinde kunsthandelaar Hendrick Uylenburgh (1584/9-1661, (die met Rembrandt samenwerkte) als zijn broer kunstschilder Rombout Uylenburgh (1580/5-1627/8) werden geboren in Leeuwarden. Van laatstgenoemde is een schilderij aangekocht door het Rembrandthuis. Hij begon zijn carriere in het Poolse Danzig en Krakau.

En laten we niet de Friese Raphaël vergeten: Gerardus Wigmana (1673-1741), bekend van zijn schilderij uit 1697 dat in het stadhuis van Dokkum hangt, met daarop oa. burgemeester Julius van Aitzema en de javaan Philander de Baron.
Een Dokkumer kunstschilder en glazenmaker was Joannes Claessen Wiarda, wiens vrouw Antje Volkerts (Dockema of Doekema) en dochter Neeltje Wiarda (geb. 1695 te Dokkum) optraden als getuige in een rechtszaak van Elisabeth de Flines, over wie recent een boek uitkwam van Machiel Bosman. (Voor het burgerwapen van Joannes Claesen Wiarda, zie Genealogysk Jierboek 1993, c.q. het Wapenboek van Gerrit Hesman). Een bewaard gebleven schilderij van Wiarda is, voor zover ik weet, niet bekend. Mocht u er wel een kennen laat het ons dan weten.
Update: Tot en met 22 februari 2009 heeft het Rembrandthuis in Amsterdam een overzichtstentoonstelling van het werk van Jacob Backer, Rembrandts tegenpool. Hij wordt een van de meest succesvolle schilders van de Gouden Eeuw genoemd. In de catalogus zag ik ook een Friese leerling van hem vermeld: Wiggert Domans, Franeker, 1625-1650.

vrijdag 21 november 2008

Wandelen door Groningen van 1637



Genealogie en de cultuurhistorie van de regio zijn leuke zaken om je mee bezig te houden, maar het mooiste is om de geschiedenis te beleven. Tegenwoordig is de term 'beleving' sowieso erg 'in' bij alles wat men (vroeger) museum of tentoonstelling noemde. Het moet niet meer een passieve uitstalling zijn, maar een interactieve en liefst multimediale 'experience' zijn. Daar ben ik het op zich wel mee eens, mits je het niet overdrijft. Kinderen van nu worden steeds mondiger en bijdehandter maar ook de oudere generatie raakt steeds meer vertrouwd met nieuwe manieren van presenteren, vooral via internet.

Een prachtig voorbeeld dat ik deze week tegenkwam is het omzetten van een oude kaart van de stad Groningen, gemaakt rond 1637 door de bekende cartograaf Egbert Haubois, in een 3-dimensionale film. Het bijzondere hieraan is dat het een hele nieuwe kijk op een oude situatie geeft en zelfs leidt tot nieuwe ontdekkingen van bijzondere oude panden. RTV Noord zond er een korte documentaire over uit die via YouTube te bekijken is (zie panel bovenin dit artikel). De film, die de Groninger Archieven hebben laten maken door het Groninger bedrijf Los Digitalos, duurt in het origineel een kwartier. Beeld zegt vaak meer dan veel woorden, zie ook de Sneuper filmpjes op YouTube.

Dokkum heeft altijd een bijzondere band met de stad Groningen gehad, mede vanwege de nabijheid en de richting van de diverse wegen, zoals de Stroobosser Trekvaart, Reitdiep en de daaraan parallel lopende wandelwegen. Het zou mooi zijn als de oude kaart van Dokkum, die Joan Blaeu maakte in 1652, op een zelfde manier als die van Groningen 3-dimensionaal gemaakt zou kunnen worden. Misschien dat je dan zelfs een wandeling kunt maken van Dokkum naar Groningen in de situatie van rond 1650. Wie neemt het initiatief ?

Update: inmiddels kan de DVD van de driedimensionale Haubois-kaart van Groningen besteld of afgehaald worden voor slechts 7 euro bij de adressen die genoemd worden op de site van Los Digitalos.

woensdag 19 november 2008

Noordoost Friesland in beeld, toen en nu

Al sneupend over internet kom ik af en toe filmpjes tegen die Noordoost Friesland mooi en verrassend in beeld brengen. De meeste mensen zullen de filmpjes van het Fries Filmarchief wel kennen, maar er zijn diverse andere bronnen.
Zelf publiceer ik af en toe op YouTube beelden van de ledendag van de Historische Vereniging Noordoost Friesland, zoals de ledendag waarbij we in Anjum de molen bezochten en recent de ledendag in Ee met bezoek aan kerk en vlasmuseum Braakhok. Ook historische beelden van Munnekezijl heb ik deels op YouTube geplaatst. Maar zoals gezegd, er is meer.
Zo publiceerde de VPRO onlangs kleurenbeelden van de Elfstedentocht van 1963, waarin bij Sibrandahuis (tussen Birdaard en Dokkum), de controleur constateerde dat de latere winnaar Reinier Paping onreglementair stayerde!
Bij Omrop Fryslan, waar tegenwoordig oud-burgemeester van Dongeradeel Cazemier directeur is, werd een programma uitgezonden waarin zangeres Miranda van Kralingen (bekend van het Requiem in Moddergat) in Engwierum en omgeving rondloopt.

Als u zelf ook nog leuke (oude) films van de regio hebt, laat het dan weten.

maandag 17 november 2008

Friese brieven in Amsterdam

Nog niet zo lang geleden verhuisde een deel van de Universiteitsbibliotheek van de UvA in Amsterdam naar een nieuw onderkomen, vlakbij het Allard Pierson Museum. Op de oude locatie aan het Koningsplein had ik al eens het origineel van het dagboek van vroedvrouw Catharina Schrader ingekeken.

Op de nieuwe locatie aan de Oude Turfmarkt 129 is nu de bibliotheek Bijzondere Collecties gevestigd, waarin zowel de Doopsgezinde bibliotheek met een grote verzameling prenten is gevestigd als een grote hoeveelheid brieven. De bibliotheek met de doopsgezinde publicaties wordt gerund door de heer Adriaan Plak, een man die zeer veel van de materie weet. Op een middag tijdens een vrije dag ben ik eens gaan kijken in de interne catalogus van brieven. Er bleken toch aardig wat brieven uit Dokkum en omliggende plaatsen in de collectie te zitten. Hieronder een klein overzicht van de aantekeningen die ik maakte:

Brieven uit Dokkum:
- Aan Petrus Camper, 1770, HSS mag. Aq 10
- Jacob Heeringa aan Gebr. Diederichs, 1830, HSS mag. 9Ci
- H. Bruning aan J. Craandijk, 1892, HSS mag. Bx13
- Petrus Hermanni aan Snecanus, 1616, HSS mag. G62
- Michael Wilhelm Scheltema Ezn. aan W.M. Westermann, 1868, 1869, HSS mag. Bk289
- Dominicus Sapma aan D. Goulart, juni 1638 (Latijn), HSS mag.Bc65
- Goswinis van Nyendaal aan J. Snecanus, 1659-1661 (4), HSS mag. G101:a-d
- B. + Alle Schaafsma aan G. Suringar, 1846, HSS mag.KVB, BVa 89-38
- Doederus de Vries aan G. Suringar, 1887, HSS mag.KVB, BSu 72-326(b?)
- M.W. Scheltema aan G. Suringar, 1870,
- Willem Nicolaas Munting aan G. Suringar, 1828
- J. Leverland aan G. Suringar, 1869
- L. Knappert aan G. Suringar, 1890
- M.W. Scheltema aan Willem Moll, 1871

Diverse brievenschrijvers waren Remonstranten en ook lid van het aloude Dokkumer leesgezelschap Ledige Uren Nuttig Besteed (opgericht in 1778!).

Brieven uit Wierum:
- Pieter Westra aan Eduard Douwes Dekker (Multatuli), 20 maart 1877, HSS mag. XLV B1313

Brieven uit Ferwerd:
- Pieter Westra aan Vitus Bruinsma, 28 december 1879, HSS mag.XLV B 1625
- Pieter Westra aan Albert Verwey, 1908-1932, 7 brieven vanuit Bussum.

Nieuwsgierig geworden? Kijk dan even op de site van de Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam.

vrijdag 14 november 2008

Canon van Friesland gepresenteerd

Afgelopen week werd in Tresoar de Canon van Friesland gepresenteerd. In navolging van de Canon van Nederland, die bedoeld is om het historische bewustzijn van de Nederlanders te verbeteren.
De canon van Friesland zou dus het historisch bewustzijn van de Friezen en over Friesland specifiek moeten benadrukken en geeft een doorsnede in de tijd van voor Friesland belangrijke gebeurtenissen in 11 en 30 onderwerpen (dus 41). De 11 en 30 verwijst naar de 11 steden en 30 grietenijen (de voorlopers van gemeenten) in Friesland, ook bekend van de uitdrukking die weer verwijst naar de Friese Landdag waarbij het ellenlang duurde voordat de diverse vertegenwoordigers uiteindelijk bij elkaar kwamen. De site is zowel in het Frysk, Nederlands als Engels te bekijken en bevat veel audiovisueel materiaal voor het onderwijs.
De regio Noordoost Friesland is vertegenwoordigd met Bonifatius, die in de zelfde periode als de Friese koning Radboud leefde. Verder de terp van Hogebeintum, in de terpenperiode 600 voor Christus, 1000 na Christus. Ga het eens bekijken op www.11en30.nu .
Het principe van een canon zou je natuurlijk ook op de regio Noordoost Friesland specifiek kunnen toepassen. Naast bovengenoemde twee onderwerpen zou je dan bijvoorbeeld kunnen meenemen: Foeke Sjoerds, het Kollumer Oproer van 1797, het Reboelje yn de Dongeradielen van 1749, de Ramp van Moddergat van 1883 enz.
Heeft u nog suggesties ?

dinsdag 11 november 2008

Gevelsteen Ee nog niet terug

Hoewel de ledendag in Ee uiterst geslaagd was, moesten we helaas constateren dat de teruggevonden gevelstenen uit het geboortehuis van Foeke Sjoerds nog niet terug zijn op de plaats van herkomst.

Nog even de zaken op een rijtje: tijdens de verbouwing van een huis aan de Omgong/Achterwei in Ee, eerste helft vorige eeuw, wordt een drietal bakstenen uit de tuitgevel verwijderd. Hierop staan het bouwjaar van het huis, 1613, een letter W en een geopende schaar met de initialen IF. Onderzoek van Ee-kenner Douwe Zwart leert ons dat de steen met de initialen waarschijnlijk het huismerk van kleermaker Jan Foekes was. Een medewerker van het Fries Museum wilde ze wel hebben en nam ze in 1926 mee voor de collectie. Decennia lang verdwenen de stenen daarmee in een depot, waarvan de registratie van goederen niet erg duidelijk was.
Rond 1997 neemt Leeuwarder stadshistoricus Hendrik ten Hoeve het initiatief om een aantal gevelstenen die in het depot van het museum liggen terug te plaatsen in bestaande huizen, om ze weer zichtbaar voor het publiek te maken. Of hij daarvoor toestemming had van het bestuur van het Fries Museum en/of het bestuur van het Fries Genootschap voor Geschiedenis en Cultuur is onduidelijk. Logischerwijze komen oude Leeuwarder gevelstenen weer in Leeuwarder panden, maar vreemd genoeg komt ook éen van de drie gevelstenen uit het pand in Ee nu in een Leeuwarder gevel terecht. Dat is vreemd. Zeker gezien het feit dat Ten Hoeve duidelijk wist dat de gevelsteen uit Ee afkomstig was, getuige de zodanige vermelding van de steen in het boek ‘ Verhalen in Steen, gevelstenen in Leeuwarden’(Leeuwarden 1998), waarvan hij mede-auteur is.

Enkele jaren later kocht ik dit boek en merkte daarin de gevelsteen uit Ee op. Een kopietje van de bewuste pagina stuurde ik op naar Douwe Zwart met de vraag: "Ken je deze steen?". Al snel liet hij me weten dat hij de steen inderdaad kende en er al lang naar op zoek was. Zie ook ons vorige blogartikel hierover. Toen ik vervolgens eerder dit jaar ontdekte dat het Archeologisch Depot in Nuis (die ook als depot van het Fries Museum fungeert) een database met bewaarde spullen online had gezet, kon ik het niet nalaten om even te zoeken op 'gevelsteen Ee 1613'. En warempel: hij stond erin! Een tijdje geleden ging Douwe Zwart met mede-Sneupers Henk Aartsma en Piet de Haan naar Nuis om het ter plekke te controleren en het bleek inderdaad de gezochte tweede gevelsteen uit het Eester drieluik!

We publiceerden ooit al eens in De Sneuper en Nieuwe Dockumer Courant 'Waarom een gevelsteen uit Leeuwarden terug moet naar Ee'.
In de Leeuwarder Courant van 14 oktober 2008 besteed journalist Marius Dussel ook aandacht aan deze cultuurhistorische misstap (klik op het plaatje rechtsboven voor een leesbare vergroting). Hij interviewde de diverse betrokkenen, waaronder de eigenaresse van het huis in Leeuwarden waar éen van de stenen nu ingemetseld is. Zij is conservatrice textiel bij het Fries Museum, Gieneke Arnolli, ook bekend van haar onderzoek naar letterlappen/merklappen in Friesland. Het blijkt dat stadshistoricus Ten Hoeve het in 1997 wel toepasselijk vond om een steen met een schaar aan de conservatrice textiel kado te doen. Op zich een redelijk creatieve gedachte, maar ook wat naïef en cultuurhistorisch klopt er natuurlijk helemaal niks van! Kan een Leeuwarder stadshistoricus zomaar een 17e eeuwse gevelsteen uit Ee aan een werknemer van het Fries Museum schenken? Het is logisch dat Arnolli er niet meteen happig op is om de steen weer uit haar witgepleisterde gevel te halen, want dat zal wat kosten en ongemak met zich meebrengen. Haar argument dat ze er in Ee honderd jaar geleden geen belangstelling voor hadden vind ik echter niet zo sterk.

Ook Ernst Taayke, de conservator van het Archeologisch Depot staat niet te springen om de steen uit 1613 terug te geven. Want wat gebeurd er als het huis in Ee weer verkocht wordt en een onbehouwen nieuwe bewoner weer begint te verbouwen? Nou, dat is volgens mij allemaal wel in een contract bij de notaris goed te regelen. Notaris Hellema in Dokkum, de sponsor van onze Sneuper-covers, wil ons daar vast en zeker mee helpen.
Het is eigenlijk ook wel bijzonder dat het Fries Museum eerst vrolijk gevelstenen op willekeurige gronden uitdeelt aan werknemers en bewoners van de oude Leeuwarder binnenstad en vervolgens tien jaar later een aanvullende gevelsteen uit Ee niet terug in het straatbeeld wil hebben op de plaats waar deze thuishoort. Snapt u er nog wat van ? Ik ben wel benieuwd wat het bestuur van het Fries Museum en het bestuur van het Fries Genootschap hier zelf van vindt.


Update, juli 2019:
De gevelsteen is door het Fries Museum, als onderdeel van het ontzamelbeleid, teruggegeven aan de bewoner van het geboortehuis van Foeke Sjoerds in Ee en zal binnenkort weer in de gevel te zien zijn!

zaterdag 8 november 2008

Verslag ledendag Sneuper te Ee

De ledendag van de Historische Vereniging Noordoost Friesland op zaterdag 8 november 2008 startte om 10 uur met koffie en koek in dorpshuis It Anker in Ee. Om 10.30 uur begon de heer Herrema uit Holwerd met zijn zeer boeiende presentatie over de vlasteelt in Noordoost Friesland. Hij is ook secretaris van de Friese vereniging voor historische landbouw AFRON (Agrarisch Friesland Oud en Nieuw), die vaak in het Landbouwmuseum in Veenklooster exposeert. De presentatie kunt u hieronder nog even rustig doorkijken.
Vlasteelt Noordoost Friesland
View SlideShare presentation or Upload your own. (tags: dokkum sneuper)

Namens de Werkgroep Linnenwevers Dokkum en Omstreken (Netty Beckers, Hetty Kloosterman-Combs, Paul Rouing, Tineke Westerhof, Guus Bary) voerde laatstgenoemde het woord over de werkzaamheden die hadden geleid tot het extra nummer van De Sneuper. Dit nummer 90 van het verenigingsblad telt maar liefst 80 pagina's met alles over de vlasteelt en de productie van linnen, in combinatie met achtergronden, genealogie en sociale omstandigheden van met name katholieke linnenweversfamilies en 'lapkepoepen' uit het Duitse Munsterland en omgeving. Hieronder ook de familie Demes, de oprichters van de Dokkumer Vlaggencentrale. De tekst van de lezing vindt u hier. Heeft u zelf nog aanvullende informatie of vragen stuur dan een mailtje.

De leden kregen deze gratis aangeboden in het kader van het 20-jarig jubileum van de bloeiende vereniging. Anderen kunnen dit nummer los bestellen voor 3,75 euro per stuk. De vereniging telt inmiddels meer dan 400 leden en is nog steeds groeiende. Voor geinteresseerden is het nu extra interessant om lid te worden, niet alleen vanwege de extra uitgave van De Sneuper, maar ook omdat men dan een gratis dubbel-cd met de eerste 75 (digitale) nummers van De Sneuper ontvangt! U kunt zich eenvoudig aanmelden via dit online formulier en bent dan voor slecht 15 euro per jaar lid.

Redacteur Reinder Tolsma en voorzitter Jan Walda reikten de eerste exemplaren van het jubileumnummer uit aan de betrokkenen.

Het middagprogramma bestond uit 2 rondleidingen. Afwisselend in het Fries en Nederlands leidde Ee-kenner Douwe Zwart ons langs en door de Hervormde Kerk op de terp van Ee. Hij vertelde smakelijk over de Keerweer (een paal op de Omgong om ongewenste karren tegen te houden; alleen voor de lijkwagen werd de paal verwijderd). En over de grafstenen die vaak als stoep hergebruikt werden. Binnen in de kerk informeerde hij het publiek over de bijzondere grafstenen, rouwborden, herenbanken en andere details in het interieur.

In vlasmuseum It Braakhok vertelde de heer Broersma over de technieken in de vlasverwerking en demonstreerde dit daadwerkelijk met een interessante en humoristische presentatie. Zie het filmpje op YouTube.

Tot slot nog een mooie presentatie van Jan de Jager met foto's van Ee:

Fotopresentatie Ee


View SlideShare presentation or Upload your own. (tags: historische sneuper)

vrijdag 7 november 2008

Sneuper-ledendag 8 november te Ee

Op zaterdag 8 november 2008 komt de Historische Vereniging Noordoost Friesland bijeen in het terpdorp Ee.

We beginnen in het verenigingsgebouw It Anker, Stienfeksterwei 17 te Ee om 10.00 uur met een lezing en uitreiking van het extra nummer van De Sneuper, geheel gevuld met Katholieke linnenweversfamilies en de vlasteelt in Noordoost Friesland. Een werkgroep onder leiding van Guus Bary en vlaskenner Herrema werkten aan dit nummer.

In de middag zijn er rondleidingen, door o.a. Ee-kenner Douwe Zwart, in Vlasmuseum Braakhok en de oude kerk op de terp. Ook is er voldoende tijd om gegevens uit te wisselen, dus neem uw genealogische papieren en laptop mee!
Publicaties over Ee zijn o.a. Schetsen uit de historie van Ee (Douwe Zwart), Schatgraven in de kerk van Ee (Ben te Boekhorst) en Ie, sa it wie mar nea wer weze sil. Over het dorp Ee en zijn bewoners van de afgelopen eeuw (in het Fries). Wietse Plantinga, 2005, 59 pagina's.

Het extra nummer van De Sneuper is overigens voor leden gratis, maar zal ook los te bestellen zijn voor liefhebbers.

donderdag 6 november 2008

Dokkumer schippers in Sonttolregisters

In met name de 16e t/m 18e eeuw werd het merendeel van de handel over zee met het Oostzee-gebied gedaan. Hoewel velen denken dat de basis van de Gouden Eeuw werd gelegd door de VOC was dit in werkelijkheid de graanhandel met de Baltische staten, de zogenaamde Moedernegotie.

Schippers die door de nauwe doorgang in het Sont bij Helsingor, het vroegere Elseneur, voeren moesten daar tol betalen. En zoals zo vaak werden de betaalde bedragen en de namen van de betalers en hun lading vastgelegd in een boekhouding. Deze is ook grotendeels bewaard gebleven.
Enkele jaren geleden werden op initiatief van het Nationaal Archief in Den Haag een aantal jaargangen gedigitaliseerd en doorzoekbaar gemaakt in een online database. Het betreft de jaren 1721 t/m 1723, 1731, 1741 t/m 1743, 1751 t/m 1753 en 1761 t/m 1763. Daarin vond ik al vele schippers die als thuishaven Dokkum hadden (507 namen!). Zo staat bv Jan Gerrits Tal in de database als Tall. Interessant genoeg is zijn geboorte in 1727 beschreven in het dagboek van vroedvrouw Catharina Schrader. Hij was de zoon van de Dokkumer grootschipper op Hamburg Gerrit Jansen Tal en de enige overlevende van een drieling!
In het blad van Tresoar, Letterhoeke is te lezen dat recent is besloten dat een aantal universiteiten, in samenwerking met ons aller Tresoar, in een groot project ook de andere jaren van de Sonttolregisters gaan digitaliseren.
Op de website van het project is momenteel alleen het jaar 1760 doorzoekbaar, maar ook hier weer vele Dokkumer schippers: 115 namen!. Zo staat bv Jan Jacobs de Groot (die in de recente Sneupers van september en juni 2008 in 2 artikelen met zijn broers Berend en Jacob wordt genoemd) in de database als Jan Jacobes de Grodt. Hun namen waren dus veelal verhaspeld, maar zijn vaak nog wel te reconstrueren. Zoek dus bij voorkeur op Thuishaven en niet op Naam.

Schippers van de waddeneilanden (en 2 Dokkumer schippers, Jacob Jansz Bok en Pieter Lieuwes) worden vermeld in de Zeebrieven van het Amsterdamse stadsarchief op de site van Texelse genealogie/Miriam Klaassen.
Als laatste bronbestand kan ik nog melden dat er ook van het nabij Gdansk/Dantzig gelegen Poolse Elbing pondtolregisters online staan over de periode 1585-1700. Deze database is op o.a. schippersnamen en thuishaven te doorzoeken, maar bladeren lijkt hier de beste optie.

Google Books heeft het boek De sleutels van de Sont van G.W. Kernkamp gedigitaliseerd, een mooie bron voor achtergrondinformatie en in 2003 verscheen 'Al het Hollandse volk dat hier nu woont’. Nederlanders in Helsingør, circa 1550-1600, bij uitgeverij Verloren. Ook een verhaal van Jaap vd Zwaag over Lemster schippers in de Oostzeevaart geeft veel achtergrondinformatie.

woensdag 5 november 2008

Katholiek Dokkum online in beeld

Sinds kort heeft het Archief- en Documentatiecentrum voor R.K. Friesland (ADRKF) een deel van zijn fotocollectie online gezet (zie ook ons eerdere bericht van 13 juli 2008). Er kan o.a. gezocht worden op 'parochie' en trefwoord. Bij parochie Dokkum vind je bv 53 resultaten en bij Ameland 14. Veel foto's van processies en bedevaarten in Dokkum. Probeer het zelf maar eens uit op de zoekpagina.

dinsdag 4 november 2008

In het blauwe licht van God

Auteur; Jaap Hellinga
Blz: 128
Band: zacht
Illustratie: zwart/wit historische afbeeldingen (ook van de regio Noordoost Friesland)
Korte inhoud: De waanzinnige predikant Jacobus Lambertus Adriani verdronk zijn lieve Jitske, toen op Ameland ‘het blauwe licht aan hem verscheen’. De Harlinger weesjongen Rinse Jansen vertrok naar het vreemdelingenlegioen en keerde als zwerver terug. Stadsbeiaardier Jan Lindeman van Sneek kreeg kogels als beloning voor zijn spel, terwijl brandweer Klampstra in Leeuwarden een zilveren wandelstok ontving toen hij op 80-jarige leeftijd met pensioen ging. Duizenden verhalen worden bewaard in de archieven van Leeuwarden, Sneek, Noordoost Friesland (Dokkum) en Harlingen. De journalist Jaap Hellinga put er dankbaar uit voor een historische reeks in de Leeuwarder Courant.
ISBN: 978-90-330-07675
Prijs € 14,95
Info: info@friesepersboekerij.nl of info@noordboek.nl en in de boekhandel.

maandag 3 november 2008

Register van jaarrekeningen Ferwerd 1711-1755 online

Anton Musquetier, bekend van zijn uitgebreide website http://www.altijdstrijdvaardig.nl/ meldde een nieuwe digitale bron: de jaarrekeningen van Ferwerd over de jaren 1711-1755. Deze kerkboeken zullen binnenkort ook voor de jaren 1660-1710 ontsloten worden!

Het is sowieso interessant om eens rond te struinen in de digicollectie van de schatkamer van Tresoar.

Een site die ik ook graag even onder de aandacht breng is die van het Veenkoloniaal Museum. Veel informatie over industrie, landbouw, marskramers (kiepkerels), scheepsjagers en scheepvaart in het noorden van Nederland. Ook de lezingen in de winter onder leiding van de zeer aanstekelijke conservator Hendrik Hachmer zijn de moeite waard!

Update: De jaren 1660-1950 ! staan inmiddels op de site van Anton Musquetier

vrijdag 31 oktober 2008

Friezen op Spitsbergen 2

In een blogartikel van 11 september 2008 kondigde ik aan naar Spitsbergen te gaan.
Van 13 t/m 30 september ben ik met de driemastschoener Oosterschelde om Spitsbergen heen gevaren, waarbij we bijna dagelijks in een baai voor anker gingen. Vervolgens gingen we per zodiac-rubberboot naar het vasteland voor een wandeling. Dit gebeurde onder leiding van twee gidsen die in het dagelijkse leven boswachter zijn/waren en voorzien waren van een geweer om mogelijk gevaar van ijsberen te bezweren.

Na enkele dagen gingen we voor anker bij Smeerenburg, op Amsterdam-eiland in het Noordwesten van de eilanden-archipel die Spitsbergen in feite is. Hier zijn nog resten te zien van traanovens die door de compagnieën uit diverse plaatsen in de lage landen gebruikt werden. Zo hadden Amsterdam, Rotterdam, Hoorn, Enkhuizen, Delft en mogelijk Harlingen (dat in 1636 een Kamer in de Noordsche Compagnie kreeg met Stavoren) allemaal een eigen oven en bemanning. In 1634 overwinterden 7 mannen op Smeerenburg, waaronder de 2 Friezen Tjebbe Jellis en Feye Ottes, maar allen bezweken aan de kou. Interessant is dat in 1636 een Feye Ottens in Westdongeradeel lidmaat werd op belijdenis in Ternaard, een kustplaats aan de Waddenzee bij Holwerd. Dat zou zo maar een gelijknamige neef kunnen zijn.
Op de oude afbeelding hierboven de Amsterdamse traankokerij in bedrijf en op de foto aan het begin van het artikel de huidige situatie. De schoornsteenvormige berg op het schilderij moet haast wel een kunstzinnig verzinsel zijn, of anders de inmiddels sterk geslonken gletsjer die tegenover Smeerenburg ligt. Zie mijn filmpje op YouTube voor de huidige situatie aldaar.
Overigens is 2007/2008 uitgeroepen tot Internationaal Pooljaar.

Aan het begin van de reis, in de hoofdstad Longyearbyen, bezocht ik het Svalbardmuseum. Sinds eind vorig jaar is hier een deel van de door Dokkumer Louwrens Hacquebord en zijn expeditieleden opgegraven vondsten tentoongesteld. Aangezien ik het zelf altijd interessant vind om namen op borden of stenen te zien nog even speciaal aandacht voor deze (zie ook de afbeelding): Hier leit begraven Abram Iorisse Schaep van Rotterdam, is gestorve den ... opt schip....
Op de voorgrond een paar wollen kousen en schoenen zoals die begin 17e eeuw door de Spitsbergenvaarders werden gedragen.
Update: Bij nader inzien denk ik dat de schilder het beeld van de traanoven op Smeerenburg gecombineerd heeft met de, ook door Willem Barents ontdekte, berg op Bereneiland. Deze staat afgebeeld op een anonieme 18e eeuwse prent, die ik zag op een Wikipedia-pagina over de Noordsche Compagnie, ook wel Compagnie van Spitsbergen genoemd.
Update 2: Inmiddels heeft Professor Dr. Louwrens Hacquebord aangetoond dat de afbeelding die in de collectie van het Rijksmuseum zit niet Smeerenburg maar de Noordbaai van Jan Mayen-eiland weergeeft, met uitzicht op de Beerenberg op Jan Mayen.

Update 3, Cold Case: Op de tentoonstelling in Universiteitsmuseum Groningen, begin 2020, werd een foto en tekening getoond van in welke situatie de 7 begraven mannen werden aangetroffen tijdens de Spitsbergen 1979 expeditie van Louwrens Hacquebord c.s.
Dat biedt de mogelijkheid, om in combinatie met het verslag van de betrokkenen zelf, een eerste inschatting te maken van wie waar lag.
Als dan ook nog botmateriaal bewaard is gebleven zou daarop DNA-onderzoek gepleegd kunnen worden, om dan met genealogisch onderzoek te bepalen wie precies wie was. Ik vermoed echter dat de botresten helaas in een soort verzamelgraf gegooid zijn, of helemaal verdwenen.
Afijn, laten we een poging wagen:
Als eerste stierf: 14. Ianuary, 1635. sturf Adriaen Iansz van Delft.
Als tweede: Den 15. dito sturf Fetje Ottes.
Als derde: Den 17. dito, sturf Cornelis Thijsz op welcke sy haer meeste hoop wel gestelt hadden, naest Godt, voor welcke drie overledenen maeckten sy noch kisten, daer sy haer in leyden.

Blijkbaar was Cornelis Thijsz ogenschijnlijk de sterkste van het stel, want op hem hadden ze immers 'haer meeste hoop gestelt'.
Ook zijn deze eerste 3 nog netjes gekist, wat bij de overige 4 niet gebeurd lijkt te zijn omdat ze na het stoppen met schrijven (26 februari 1635) vermoedelijk vlak na elkaar zijn overleden en geen van allen meer de kracht had om een kist te timmeren.

Als je dan naar de tekening kijkt, lijkt het erop dat (van links af gezien), de eerste 3 kisten geraamtes bevatten die grotendeels 'normaal gestrekt' zijn.
Zouden ze in volgorde van links gelegd zijn, dus eerst Adriaen Jansz van Delft, dan Fetje Ottes uit Friesland en als derde de sterke Cornelis Thijsz (al met een opgetrokken knie van de verkramping)? 

De overige 4 liggen iets verder verwijderd en ook merendeels met opgetrokken knieën. Dat zouden logischerwijze degenen zijn die later overleden zijn en niet direct gekist. De later gearriveerde bemanningen (later in 1635) hebben de 4 alsnog naast hun maten begraven: De deur geopent wesende, sagen sy haer daer leggen, drie stonden in kisten, Claes Florisz en noch een, lagen elk in een kreb doot, en de andere twee lagen midden op de vloer op eenige zeylen en ander goet, hadden de knien by nae tegen de Kin getrocken, so krom waren sy gestorven, sy maekten kisten tot de vier, en begroeven haer nevens de andere drie in ’t sneeu; maer naderhant doen ’t sneeu begon te smelten, en ’t Lant begost bloot te komen, begroeven syse met Aerde, ’t best dat sy konden, alle seven aen malkanders sijde, leyden steenen op haer kisten, om dat sy van ’t Wilt niet verscheurt souden worden, naderhant isser geen meer volck op Spitsberghen gebleven.
Claes Florisz zou degene van de 4 kunnen zijn die niet met opgetrokken knieën is begraven, maar het zou evengoed de 'noch een' kunnen zijn. Een van de andere 3 is de Fries Tjebbe Jelles.
Zullen we er ooit nog achter komen wie wie was?
 

woensdag 29 oktober 2008

Piraten bij Dokkum en Ezumazijl rond 1400

Rond 1400 was er sprake van grootschalige piraterij in de regio Noordoost Friesland. Met name vanuit Dokkum en Ezumazijl aasden de piraten op de scheepvaart naar en van de Oostzee, die vaak rijk beladen langs kwam varen. Op een gegeven moment werd het zo erg dat maatregelen werden afgekondigd door Albrecht van Beieren. Vanuit het Hanzeverbond wordt door troepen in Groningen tot actie overgegaan en vindt in 1422 een expeditie plaats tegen de kapers te Dokkum en Ezumazijl. De plaatsen worden ingenomen en gedeeltelijk verwoest om de handel tussen de Hanzesteden te waarborgen. In dezelfde tijd speelt ook de vete tussen de Schieringers (de grijze pijen dragende Cisterciënzer monniken en aanhang) en de Vetkopers (de vetweidenden Norbertijner monniken), waarbij met name de Schieringers zich verzetten tegen de Hollandse invloeden (en dus Albrecht van Beieren) in Friesland.

De Piraten Encyclopedie van maritiem auteur Arne Zuidhoek noemt diverse Dokkumer en andere Friese piraten. Zoals Focke Abels, een watergeus uit Dokkum. Hij was ook aanwezig bij de inname van Den Briel in 1572. Zijn vader Jan Abels was een van de eerste Watergeusleiders, vaak samenwerkend met zijn broer Tamme Abels. Andere namen van Dokkumer en Friese watergeuzen: Foppe Annesz, Blauwkercke, Roepke Blockmaker, de klokkengieter Claes Bockesz uit Leeuwarden, Jan Bonga van Westdongeradeel, grietman die door Alva werd verbannen en bij Heiligerlee en Jemmingen slag leverde. Hij joeg samen met Jan Abels en Homme van Hettinga op Oostzeevaarders. In 1569 was hij met die twee een der meest beruchte geuzenkapiteins en in 1572 ook betrokken bij de bevrijding van Den Briel. Hij bezette Bolsward en Sneek en sloeg de Spanjaarden uit Dokkum. Lieuwe Broersma, watergeus van Kollumerzwaag, 1566-1568. Otto Jans Bults, Hendrik Claesz, watergeus en schoolmeester van Niezijl, 1570-1572. Johan Dircksz, watergeus van Dokkum, 1566-1568, evenals Marck Feddes, magere Jelle, Bocko Kremer, Garbrant Onversaecht, Berend Tjallinck, Pieter Cornelisz Witveld en Pieter Gabbesz. Claes en IJsbrant van Dockum, Dirck Doekesz, Cornelis Driesz, Sivecke Echesma, Foppe van Eminga Camstra, Sythe Feddes, Riemer Feytes, Popko Fockesz, watergeus van Holwerd, Ipe van Fransz, Pibo Harda, Hans Lollesz, watergeus van Hallum, Ulke Tjebbes, watergeus van Wierum, Ipe Luewesz, Cornelis Wesselsz, watergeus van Kollum, Ritske Wiltschut, watergeus van Anjum en Willem Martensz, watergeus van Burum. En ten slotte Cleyn Peter, watergeus van Visvliet die in 1570 twee schepen op de Eems veroverde maar spoedig in Greetsiel werd gevangengenomen en overleed.
In 1575 had ook de uit Middelstum afkomstige watergeus Barthold Entens van Mentheda zich in Noordoost Friesland, op de Schans bij Oostmahorn, verschanst. Hij werd hier door de Spaanse veldheer Caspar di Robles weer van verjaagd.

Zuidhoek stelt dat een piraat of zeerover voor zichzelf werkt, in tegenstelling tot bv werknemers van de WIC die met officiële kaperbrieven op rooftochten ter zee gingen. Piet Hein is hiervan het bekendste voorbeeld.

Een beruchte piraat uit Ost-Friesland uit de periode rond 1400 was Klaus Stortebeker. Mogelijk was hij een Fries van geboorte, maar hij handelde vanuit Gotland en Bornholm en later het gebied rond Hamburg. Hij vocht aan de zijde van de Friezen mee tegen de Hollanders en werd door velen als een soort Robin Hood beschouwd. Toen hij zich van de Friezen afkeerde werd hij uiteindelijk in 1401 tijdens een gevecht met schepen van het Hanzeverbond gevangen genomen en onthoofd.
Stortebeker en zijn handlangers werden wel Likedelers genoemd, omdat ze hun buit gelijkelijk verdeelden over de bemanning. In 1433 werd de Fries Sibeth Papinga als Likedeler genoemd. Over de bloeitijd van de zeerovers in de Noord- en Oostzee is een mooi Duitstalig boek verschenen, Stortebeker & Co.
In de voormalige DDR worden nog regelmatig spelen opgevoerd waarin Stortebeker de hoofdrol speelt. Zie bijvoorbeeld dit filmpje op YouTube.

maandag 27 oktober 2008

Hendrikje, kosteres van Foudgum

Hendrikje, kosteres van Foudgum
In de ban van Piet Paaltjens

T.J. Eekhof
Het ontroerende levensverhaal van een authentieke jonge vrouw uit Foudgum. Hendrikje Zuidema is jarenlang kosteres geweest van het kerkje van Foudgum, waar François Haverschmidt (1835-1894) predikant was. Hendrikje kreeg landelijke bekendheid door de manier waarop ze de herinneringen aan Haverschmidt (Piet Paaltjens) in haar kerkje levend hield. Voor veel Piet Paaltjens-liefhebbers werd Foudgum een bedevaartsoord dankzij Hendrikje. In dit boek vertelt ze haar levensverhaal, eerlijk en aandoenlijk.

ISBN: 9789033007606

Aantal pagina's: 128

Uitvoering: Paperback

Nieuw boek over boer Gerben Feitsma

Boer Gerben Feitsma
Portret van een friese NSB- burgemeester

Auteur: Oebele Vries

Blz: 208

Band: zacht

Illustratie; groepsgewijze zwart/wit foto's

Inhoud: De auteur ontrafelt in deze biografie de levensloop van Feitsma, onderzoekt zijn drijfveren en beschrijft de praktijk van zijn optreden als burgemeester van Kollumerland.

ISBN: 978-90-5615-192-8

Prijs E 19,90

Info: Het boek is te koop bij de Dokkumer boekhandel: Bergsma 0519-292366 en Schaaf 0519-292688.

vrijdag 24 oktober 2008

Boek Zeepost van Roelof van Gelder verschenen

In de zaterdagbijlage van NRC-Handelsblad, M-magazine, verschenen vorig jaar transcripties van brieven die o.a. door Roelof van Gelder uit de National Archives in London zijn gehaald. Deze brieven zijn ooit door de Engelsen bewaard nadat ze schepen van de Republiek op zee hadden overvallen en geplunderd. Ze hebben dus in veel gevallen nooit de geadresseerde bereikt. De brieven geven een prachtig inkijkje in de leef- en denkwereld van de gewone man en vrouw in de 17e en 18e eeuw. Uitgeverij Atlas heeft de brieven die Van Gelder transcribeerde en hertaalde nu samengebracht in het boek Zeepost.

In het project Sailing Letters van het Nationaal Archief wordt getracht nog meer van deze brieven te transcriberen en in publicaties op te nemen. De eerste grote publicatie verschijnt binnenkort bij Walburg Pers als deel 1 van het Sailing Letters Journaal: De dominee met het stenen hart en andere overzeese briefgeheimen, bezorgd door Erik van der Doe, Perry Moree en Dirk Tang. We publiceerden al eerder op dit blog over de brieven die van Friese zeevarenden bewaard zijn gebleven.

Heeft u zelf nog dergelijke brieven of weet u waar ze te vinden zijn, laat het ons dan weten!

dinsdag 21 oktober 2008

Foto's Nationaal Archief op Flickr.com

Het Nationaal Archief in Den Haag stelt sinds kort, als eerste archief, een deel van zijn fotocollectie digitaal beschikbaar via de fotosite Flickr. Op deze van oorsprong Amerikaanse site kunnen gratis foto's worden geplaatst die voorzien worden van steekwoorden en commentaar. Hierdoor kan er makkelijker door zoekmachines naar gezocht worden. Ook kunnen bezoekers van de site zelf commentaar en aanvullende gegevens achterlaten.
Momenteel zijn al foto's te bekijken over de Arbeidsinspectie, Repatrianten, Eerste en Tweede Wereldoorlog, Emigranten, het KNIL (Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger) en de Olympische Spelen van 1928.
De foto's uit de collecties van het Nationaal Archief en zijn partner Spaarnestad Photo zijn te zien op flickr.com/photos/nationaalarchief

De Historische Vereniging Noordoost Friesland heeft overigens al veel langer een foto-archiefje op de fotosite Flickr. Aan de linkerkant (onderaan) van de hoofdpagina van ons blog kan op een fotocollage geklikt worden of op de directe link naar www.flickr.com/sneuperdokkum

Wilt u ook oude foto's online zetten in ons foto-archief? Mail ze dan naar ons verenigingsadres.

zaterdag 18 oktober 2008

Elisabeth de Flines winnaar AKO-literatuurprijs 2008?

In Sneuper nummer 88 van september 2008 publiceerden we een artikel over 'Elisabeth de Flines, tussen Amsterdam en Dokkum'. Dit naar aanleiding van het boek van auteur Machiel Bosman getiteld 'Elisabeth de Flines, Een onmogelijke liefde in de achttiende eeuw'. Elisabeth de Flines, de dochter van een steenrijke koopman aan de Amsterdamse Herengracht, gaat er in 1700 vandoor met haar geliefde Eduart Back, de knecht van haar vader Jacob. Ze duiken onder en krijgen een kind, maar hun huwelijk wordt hun belet door haar vader en de rechter. In 1702 bepaalt de Hoge Raad dat ze drie maanden terug moet naar haar vader om zich te bezinnen op haar toekomst. In die periode weet haar vader haar onder druk los te weken van Eduart en een huwelijk voor haar te bekokstoven met een Friese advocaat, Adriaan Penterman. Na hun bruiloft in 1704 zetten ze hun huishouden op in Leeuwarden. In 1710 verhuizen ze naar Dokkum, waar ze hun intrek nemen in ‘De nieuwe collegie’, het oude onderkomen van de Friese admiraliteit die in 1645 naar Harlingen is uitgeweken. In 1713 sterft Adriaan Penterman, vader van acht kinderen inmiddels. De bizarre gebeurtenissen in het leven van Elisabeth de Flines worden kleurrijk beschreven in het boek.

Op 17 juni 2008 vond een opname plaats van het radioprogramma Verre Verwanten in het nog bestaande Dokkumer Admiraliteitshuis, het vroegere woonhuis van Elisabeth en Adriaan Penterman. Schrijver Machiel Bosman, streekarchivaris Tjeerd Jongsma en museumdirecteur Ihno Dragt werden geïnterviewd over de tijd dat Elisabeth en haar man in Dokkum woonden.

Vervolgens werd het intrigerende boek, dat de geschiedenis op beeldende wijze tot leven brengt, genomineerd voor de Grote Geschiedenisprijs 2008, georganiseerd door de Volkskrant en live op televisie gepresenteerd op Nederland 2 in "Gek van Geschiedenis"door Jeroen Pauw. De winnaar werd overigens het boek Gevaarlijke kennis. Inzicht en angst in de dagen van Jan Swammerdam, van schrijver Luuc Kooijmans. De aflevering van 2007 werd toegekend aan Auke van der Woud voor het boek "Een nieuwe wereld".

Het bijzondere is dat Elisabeth de Flines, Een onmogelijke liefde in de achttiende eeuw, als enige ook genomineerd is voor de prestigieuze AKO-Literatuurprijs 2008. Op maandag 3 november 2008 wordt in een rechtstreekse uitzending van het televisieprogramma Pauw & Witteman door juryvoorzitter Wim Deetman bekendgemaakt welk boek bekroond wordt met de AKO Literatuurprijs 2008.
Update: De winnaar werd uiteindelijk Doeschka Meijsing met het boek Over de Liefde.