zondag 16 juni 2013

De vergeten tuinen van Vlaskamp

Door Arjen Dijkstra, Nes
Landschapsbeheer Friesland organiseerde op vrijdagmiddag 14 juni een minisymposium als afronding van een inventarisatieproject naar de “Vergeten tuinen van Gerrit Vlaskamp”. Vlaskamp (1834-1906) legde in de tweede helft van de 19e eeuw een groot aantal tuinen aan bij Friese notabele woningen en boerderijen die nu cultuurhistorische waarde hebben. Daarnaast is zijn naam verbonden aan de Wilhelminaparken van Grou en Sneek.

Rekening Bolstienpleats
Initiator van deze inventarisatie is Aly van der Mark. Mevrouw van der Mark was al een keer aanwezig bij één van onze najaarsbijeenkomsten (2011, Ternaard) met het verzoek om informatie over notabele huizen in onze regio. Op dat moment was zij al enige tijd bezig met haar onderzoek. Basis van haar onderzoek was de geschiedenis van de familie van haar echtgenoot. Zij hoopte toen ze begon, “dat het maar een beetje een interessante familie zou zijn”. Dat bleek inderdaad het geval… 

Bolstienpleats, Aalsum


Zeer enthousiasmerend vertelde zij over hoe haar familieonderzoek zich uiteindelijk uitbreidde tot een geheel ander onderzoek. Zij ontdekte meer dan 350 plantlijsten in de boekhouding van de kwekersfamilie Bosgra met de vermelding ‘door Vlaskamp’. Dit vormde een aantal jaar geleden de aanleiding voor het onderzoek naar de tuinen en parken van zijn hand.

Landschapsbeheer Friesland was benieuwd naar huidige toestand van de tuinen en parken. Wie zijn de huidige eigenaren? Wat resteert er nog van het oorspronkelijke
ontwerp? Kan de eigenaren een perspectief geboden worden t.a.v. de toekomst van hun Vlaskamptuin? Door het Kenniscentrum Landschap van de Rijksuniversiteit Groningen de inventarisatie uitgevoerd. Anne Wolff van het kenniscentrum vertelde ons over de resultaten van het onderzoek. Een tuin is levend en kent een doorlooptijd. Toch is zo’n 34% van de Vlaskamptuinen nog herkenbaar. Een belangrijk aandeel van de tuinen ligt in de gemeente Dongeradeel. Een prachtig voorbeeld daarvan is de Bolstienpleats bij Aalzum, die nu wordt gebruikt als Bed & Breakfast.

Aly van der Mark schreef het boek ‘Prieel op de heuvel’ over zes generaties Vlaskamp. Zij overhandigde het eerste exemplaar aan burgemeester Ter Keurs van de gemeente Tytsjerksteradiel.

Na de pauze werden een aantal workshops gehouden. We konden bij het St Anthoon Gasthuis in het echt zien hoe een Vlaskamptuin, met invloed van volgende architecten, verder ontwikkelt. De andere workshops waren gericht op het maken van een tuinbiografie en hoe je een tuin kunt herstellen en verder ontwikkelen. Het symposium was dan ook vooral gericht op de huidige eigenaren van Vlaskamptuinen.

Met dit minisymposium is het project rond Gerrit Vlaskamp niet afgesloten. Eigenlijk is het nog maar net begonnen. 2014 wordt een Vlaskampjaar, met o.a. een expositie in het Fries museum. De promotie wordt goed opgezet. Er is sinds kort een website (www.gerrit-vlaskamp.nl) in de lucht, Gerrit heeft zijn eigen Facebookpagina (binnen een week 150 vrienden!) en hij Twittert. Om Jan Piet de Boer van Landschapsbeheer te citeren: “Gerrit Vlaskamp leeft door, nu zijn tuinen nog!”  

vrijdag 14 juni 2013

ePistolarium ontsluit 20.000 brieven uit Gouden Eeuw

Mijn nieuwsgierigheid werd gewekt door een bericht op Emerce getiteld 20.000 geleerdenbrieven uit
Gouden Eeuw digitaal te doorzoeken
Het deed me denken aan het initiatief Gekaapte Brieven, waarin door het Meertens Instituut en vrijwilligers transcripties van 17e en 18e eeuwse brieven zijn opgenomen die vanaf gekaapte schepen uit de Republiek in de National Archives te London terechtkwamen. Maar blijkbaar is dit een nieuw project!
Met het project Geleerdenbrieven, Circulation of Knowledge and Learned Practices in the 17th-century Dutch Republic zijn 20.000 brieven van 17e eeuwse wetenschappers in 8 verschillende talen, met nadruk op Nederlands, Frans en Latijn opgenomen in een online database. Er is een grote spellingsvariatie aan namen maar alle spellingen zijn terug te leiden tot 1 en dezelfde figuur. De database wordt ePistolarium genoemd, waarin geavanceerde zoekopdrachten mogelijk zijn door allerlei zoeksuggesties. 
Prachtig is ook de optie om correspondentennetwerken te visualiseren zoals hierboven getoond voor brieven die het woord Franeker bevatten. Blijkbaar zijn daar bij betrokken (ongetwijfeld in verband met de universiteit aldaar): Rene Descartes, Lodewijk Huygens, Bernhardus Fullenius, Martin Mersenne, Lodewijk Gerard van Renesse, Christiaan Huygens, Willem Frederik van Nassau-Dietz, Philip Ernst Vegelin van Claerbergen en Constantijn Huygens.
Op zoekterm Doccum worden 2 brieven gevonden: een van juli 1631 van Johannes Uytenbogaert (1557-1644) uit Den Haag naar Hugo de Groot (1583-1645) te Parijs en een van 19 oktober 1636 van Sweder van Haersolte (1582-1643) uit Den Haag naar Constantijn Huygens (1596-1687) te Sprang.

Doel is om te streven naar 150.000 brieven in de database. Een prachtig project om te blijven volgen waarin de gemeenschappen van alfa's en beta's in beeld worden gebracht!
Bekijk anders eerst ook even de verhelderende video over dit project.

woensdag 12 juni 2013

Kwartaalblad Genealogie CBG, juni 2013

Inhoud van dit nummer:
De namen van vondelingen
De gewoonte om baby’s ergens achter te laten in de hoop dat anderen hen een beter bestaan bieden is van alle tijden. Tegenwoordig komt dit verschijnsel in Nederland nog maar weinig voor, maar in het begin van de negentiende eeuw werden er in de grote steden jaarlijks tientallen vondelingen aangegeven. Die moesten allemaal een originele naam krijgen. Maarten van der Meer beschrijft hoe die naamgeving in zijn werk ging en tot welke fraaie, grappige maar soms ook droevige resultaten dat leidde.

Joodse genealogie: wat is het verschil?
In 1987 werd de Nederlandse Kring voor Joodse Genealogie opgericht. De voornaamste reden was het besef dat joods genealogisch onderzoek een hele serie aan extra moeilijkheden met zich meebrengt. Harmen Snel behandelt de drie voornaamste problemen: het ontbreken van veel primaire en secundaire bronnen, de bijzondere naamgeving en de mobiliteit van de joodse gemeenschap.

Sien, het model van Van Gogh
Dit voorjaar was de dramaserie Een huis voor Vincent te zien op tv. In de trailer kwam telkens die ene scène voor, waarin Vincents schildersmodel en geliefde Sien Hoornik hem verwijtend toeriep dat ze geen brood kon kopen van zijn kunst. Pauline Meijer-Knaap, een nazaat van Siens jongere broer Marinus, vertelt hoe het Van Goghs model verder verging.

Neef en nicht vrijt licht
Wie in zijn of haar kwartierstaat meermalen bij dezelfde voorouders uitkomt, mag ervan uitgaan dat er huwelijken zijn gesloten tussen personen die vrij nauw verwant waren. Er zijn zelfs Nederlandse families waarin onderlinge huwelijken een vast patroon vormden. Deze praktijk was bedoeld om huizen, land of ander vermogen in de familie te houden. Ook godsdienstige voorkeuren konden een rol spelen, zo kwam ‘binnentrouw’ in de zeventiende eeuw veel voor onder doopsgezinden. Kees Kuiken peilt vijf parentelen rond 1600 op dit verschijnsel.

Carolines fotoalbum
Vorig jaar mei kreeg het Centraal Bureau voor Genealogie een fotoalbum aangeboden. De gever had het album en enkele losse familiefoto’s via via in handen gekregen maar de precieze herkomst was hem niet bekend. De foto’s dateren uit de tweede helft van de negentiende eeuw. Aad van der Tang ondernam een intensieve speurtocht en vond voldoende aanknopingspunten om de geportretteerden te identificeren. Hij neemt de lezer bij de hand langs zijn vragen en antwoorden. Een paar raadsels blijven echter onopgelost.

Kijk op bronnen - afl. 8: De venia aetatis of meerderjarigheidsverklaring
Het moment waarop iemand als meerderjarig wordt beschouwd, verschilt per periode, plaats, rechtshandeling en geslacht. Soms was het nodig dat moment te vervroegen en diende men een verzoek om venia aetatis in bij de overheid. Hoewel ze van toepassing zijn op een relatief beperkte groep, vormen deze meerderjarigheidsverklaringen een belangrijke genealogische bron. Maarten van Bourgondiën  vertelt waarom.

Verder zoals gebruikelijk de rubrieken Nieuws, Gesignaleerd (bij de boeken een ietwat late recensie (NGV had hem allang) van It Fokke Ybele’s Skaai. 270 jaar familie Fokkema, Twijzel 2010) , CBG weet raad, Uit de archiefkast, het Wapenregister, de non-fictie leestips in Familiedrukwerk, de lezerscolumn Familiekroniek en de vaste columns Memo, Favo, Digitaal, Namen en meer en Vrouwen en kinderen eerst. Nieuw zijn de rubrieken Archiefwijzer en Familiejournaal.
Genealogie wordt vier keer per jaar toegezonden aan Vrienden van het CBG. Losse nummers zijn ook verkrijgbaar.

dinsdag 11 juni 2013

Familie van tien of meer generaties terug

Als hobby-genealoog heb ik regelmatig per email contact met verre familieleden. Zowel mede-leden van onze Historische Vereniging Noordoost Friesland als contacten die tot stand gekomen zijn door bijvoorbeeld een vraag op een online forum of een Y-DNA database. Laat ik eens een paar voorbeelden noemen.

Al jaren geleden deed ik mee aan een test met wangslijm voor het National Geographic Genographic Project. De resultaten daarvan leveren een lange rij van cijfers op en een zogenaamde haplo-groep van het mannelijke Y-chromosoom. Die gegevens kun je vervolgens delen via een Y-DNA database met andere deelnemers en als er een gehele of gedeeltelijke match is krijg je automatisch bericht per email. Er zijn verschillende gradaties van het aantal markers (mutaties) die je in kaart kunt laten brengen. In mijn geval heb ik 67 markers in beeld. Een tijdje geleden kreeg ik een mail van een Amerikaanse man met de familienaam Schenck die exact dezelfde rij nummers had. Dat je genetisch verwant bent lijkt dan vrij duidelijk maar puur op basis van het vergelijken van genealogische gegevens over de afgelopen pakweg 400 jaar hebben we geen enkele connectie kunnen vinden. De link moet dus ergens meer dan tien generaties terug liggen, voor mijn gevoel in Noord-Duitsland, maar bewijs ontbreekt vooralsnog.

Ooit zag ik in de digitale versie van Gens Nostra op het verenigingskantoor van de NGV in Weesp een vraag over mijn voorouder in mannelijke lijn Geert Jochums, geboren in 1709 te Ee, die een broer Jan Jochums had. De vragensteller, die van Jan Jochums afstamde, had dus dezelfde mannelijke voorouder als ik, hun beider vader Jochum Geerts, geboren in 1686 te Ee, negen generaties terug. Deze heer Boswijk heb ik inmiddels diverse malen ontmoet tijdens genealogische evenementen.

De hierboven genoemde Geert Jochums had twee zoons, Dirk/Durk Geerts en Jochum Geerts, die beide visser waren bij de Ezumazijl, eind 18e eeuw. Ik stam rechtstreeks af van Jochum Geerts, wiens nazaten de familienaam Zijlstra aannamen. Maar de nazaten van zijn broer Dirk of Durk namen de familienaam Gaasterland aan. En dat overigens zonder een duidelijke connectie met het gebied in Zuidwest Friesland. Het vermoeden is dat Gaast/Geast verwijst naar zandgronden bij de kwelders van de Lauwerszee. Afijn, een van onze verenigingsleden Gaasterland woont net als ik in Amsterdam en stamt af van genoemde tak. Afgelopen week fietste ik even bij hem langs en kon ik hem de hand schudden. Zowaar leek hij ook nog een beetje op mijn overgrootvader Bauke (geboren 1857 in Niawier), van wie ik een foto heb (zie rechtsboven in het blok met portretten)!

zondag 9 juni 2013

Historisch Tijdschrift Fryslan over Friese Meren

Onze meren zijn, zeker in economisch zware tijden, een onmisbare inkomstenbron voor Friesland. Als een
Zuid-Europees probleemland drijft ook Friesland deels op Duitse investeringen, al kunnen we van mening verschillen over de kwaliteit van de tegenprestatie en de toon van waardering voor onze oosterburen. Een nadere blik in de geschiedenis leert dat het zoete water altijd al zorgde voor een goedbelegde boterham. Het enige dat wèl veranderde, is de dreiging van het woeste water dat kostbare landbouwgrond opslokt, have en goed overstroomt en vee laat verdrinken.
Het binnenwater staat als het ware gebeiteld in de blauwdruk van het Friese karakter, veel meer dan de zee die ons omringt. Dat kan ook moeilijk anders als we weten dat ons gewest van oudsher een archipel van (schier)eilandjes is. Plassen en meren kwamen en gingen door zoutwinning, droogmaling voor nieuwe landbouw, turfgraverij, overstromingen en transport. Dorpen verdwenen in de kolkende watermassa, de helft van Friesland was eeuwenlang alleen over het water bereikbaar. Vier artikelen in deze Fryslân belichten verschillende aspecten van de rol van de meren in de Friese geschiedenis.

In deze editie ook een schets van Doede Nieuwenhuis (Munnekezijl 1907); een onderwijzer van de klassieke stempel die zich met alle ziel en zaligheid inzette voor de Friese taal, maar zijn idealen plompverloren achterliet toen hij naar Utrecht verkaste. Hilarisch en tragisch waren de laatste decennia van de Harlinger Admiraliteit: voor veel teveel geld werden schepen gebouwd die de haven niet eens konden verlaten. Corruptie tierde welig, de bestuurlijke schoonmaak bleef achterwege. Beschamend, maar het levert wel een boeiende vertelling op. De geschiedenis van berenburg staat de meesten van ons wazig voor de geest, maar hoe zat het nu precies met dat ‘It kin net!’?
Meer op de site van Historisch Tijdschrift Fryslan.

woensdag 5 juni 2013

Lied Arme Visschers doet geschiedenis herleven

Documentairemaker Johann de Graaf uit Dokkum werkte de afgelopen maanden aan een prachtige
ode aan de vissers van Paesens-Moddergat.
Het begon met een oud bericht in het archief van de Leeuwarder Courant over de ramp in 1883.
In het 'Geheugen van componerend en musicerend Nederland', het Nederlands Muziek Instituut, archief in Den Haag, vond De Graaf het muziekstuk terug dat in 1883 werd gecomponeerd om geld mee in te zamelen voor de weduwen en wezen van Moddergat na de grote vissersramp van 5 maart 1883. Dat werd destijds echter een nieuwe ramp want de toeschouwers bij de uitvoering in de Harmonie te Leeuwarden hielden de hand op de knip!

In de documentaire treed Sytse de Vries op als componist Maurice Hageman. De bekende Gerrit Breteler werd bereid gevonden het muziekstuk opnieuw uit te voeren, maar hij vond wel dat het dan in het Fries beter zou passen bij de sfeer van de Wadden bij Paesens-Moddergat.

Terloops wordt nog de zoon van Maurice Hageman genoemd, Richard Hageman, die als Amerikaans acteur en zanger carriere maakte.
Mooie beelden zijn er ook gemaakt aan boord van het vissersschip van Monte Schregardus, in wiens familie slachtoffers vielen tijdens de Ramp van Moddergat in 1883.
Breteler komt in beeld op zijn woonboerderij in Nes, waar hij de uitspraak doet: "volgens vissers is de zee de oerhoer. Ze zijn er graag op, maar zijn ook weer blij als ze er vanaf zijn."
Louw Vanger vertelt op de zeedijk de details van de gebeurtenissen in 1883, waarbij de overlevende Gerben Basteleur zijn omgekomen broer in de visnetten kreeg maar dat verzweeg totdat de vis verkocht was!
Tenslotte werd er gefilmd in de Kerk te Paesens. O.a. Pytsje de Graaf kwam in beeld, en ik stiekum ook nog even bij het naar binnen lopen van de kerk.

Gisteren, dinsdag 4 juni, was het zover. De premiere op Omrop Fryslan TV. Op zaterdag 8 juni om 10:30 uur ook nog op Nederland 2. Nogmaals te zien op zondag 9 juni om 15:30 uur op Nederland 2.
U kunt op de website van Omrop Fryslan TV de documentaite Fryslân DOK, Arme Visschers, it fergetten liet fan de fiskersramp alvast nog even rustig online bekijken.

zondag 2 juni 2013

Foto's van oud Dokkum op Facebook

Onze Historische Verening Noordoost Friesland heeft al lang een website, blog en Twitter-account. Dat is voor de beperkte mankracht voldoende om ons toch goed te profileren en vindbaar te maken via zoekmachines als Google. En dat blijkt ook wel aan de constante stroom bezoekers op die websites, die ook regelmatig tot ledenaanwas leidt (we hebben inmiddels 545 leden) omdat we het makkelijk maken om je online aan te melden voor slechts 15 euro per jaar (en dat alleen al voor de 4 kleurennummers van De Sneuper en de Dubbel-cd met de eerste 75 nummers).
Bovendien kunnen onze leden gratis digitale foto's aanvragen uit de door Jan de Jager vele gedigitaliseerde oude foto-albums (zoals van de familie Alberda). Via de lijst van onderwerpen van onderzoek en emailadressen van medeleden (die je als nieuw lid krijgt of kan opvragen via ons emailadres) kan ook eenvoudig gebruik gemaakt worden van dit sterke netwerk van kennis over genealogie en streekhistorie in Noordoost-Friesland! En even belangrijk is natuurlijk dat leden en zelfs niet-leden ons via email prachtige artikelen sturen die we in ons kleurrijke kwartaalblad De Sneuper (oplage 650) kunnen publiceren.

Waar we nog geen tijd voor hadden was het opzetten van een Facebook-account, waar ook makkelijk op gereageerd kan worden. Er zijn inmiddels immers veel mensen die op Facebook actief zijn.
Sinds enige tijd hebben echter onze vrienden van Oud Dokkum een Facebookpagina geopend waarop ze oude foto's plaatsen. Hierop wordt al veel gereageerd. Zelf zag ik vandaag een foto van een interessant schilderij van eind 18e eeuw (dus in de tijd van rond het Kollumer Oproer van 1797) die een beeld van de Halvemaanspoort geeft met op rechts nog een klein stukje van de IJsherberg, die ook nu nog bestaat. Weet iemand wie de schilder is en waar het origineel is?
Neemt u ook eens een kijkje op die Facebookpagina (u hoeft trouwens zelf niet op Facebook te zitten om het te kunnen bekijken!).

Update van Piet de Haan: De facebook site OudDokkum heeft niets te maken met de Stichting Oud Dockum, die lezingen verzorgd.
Deze site wordt gerund door een aangetrouwde neef van mij, Johan van der Bij, die in Dokkum een drukkerij/printshop [Allprint] op de Hogepol heeft. Hij is er een paar maanden geleden mee begonnen. Je kunt de foto's etc ook bij hem brengen en dan scant hij ze in.
Update HZ: Het schilderij schijnt in bezit te zijn van het Fries Museum. Alleen is de online collectie nog niet zo goed ontsloten als ooit wel eens beloofd is ;-(
Mogelijk is het deze (hoogte: 75.0 cm, breedte: 98.0 cm, hoogte: 86.5 cm, breedte: 110.0 cm, olieverf op doek, eigendom van Fries Genootschap): http://collectie.friesmuseum.nl/portal/search?start=1&view=table&query=halvemaanspoort

donderdag 30 mei 2013

Arjen Dijkstra gaat Elsevier en Eisinga onderzoeken

De digitale kenners weten inmiddels dat je voor nieuws op Twitter moet zijn. Dokkumer onderzoeker en lid van onze vereniging Dr. Arjen Dijkstra meldde dat hij binnenkort aan twee interessante projecten gaat beginnen.
Na de zomer gaat hij als fellow onderzoek doen naar het proces van uitbesteden (outsourcing) door de zeventiende eeuwse Elsevier uitgeverij. Hoe vaak hebben de Elseviers gebruik gemaakt van printers van buiten Leiden en Amsterdam? De collecties van de Universiteit van Leiden en de Elsevier Heritage Collection in Amsterdam staan daarbij centraal. Maar er is ook een link naar de Universiteit van Franeker, waar wiskundigen als Adriaan Metius (1571-1635) onderwijs gaven. Hij publiceerde bijvoorbeeld in 1626 maar liefst 5 boeken, waaronder een boek over wiskunde en geometrie, en een boek over fortificaties met het gebruik van een speciaal kompas, die door de gebroeders Bonaventura en Abraham Elzevier werden uitgegeven.

Voor het Eise Eisinga Planetarium in Franeker gaat Dijkstra onderzoek doen naar het leven van Eise Eisinga. Naast het feit dat hij oprichter was van het planetarium, was hij ook deel van een groep Friese 'nerds' die zich in hun vrije tijd (naast hun normale beroep als boer) bezighielden met astronomie en wiskunde. Deze autodidacten bouwden zelfs sterrenkijkers voor de Sterrenwacht van de Universiteit Leiden en deden levensgevaarlijke proeven met bliksemafleiders en donderkerkjes.
Eise Eisinga werd ook ooit verbannen uit de provincie Friesland en vestigde zich toen, zoals vele bannelingen in het Groningse grensdorp Visvliet. Ook in de afwikkeling van het Kollumer Oproer speelde Eisinga een rol! Het onderzoek van Arjen Dijkstra moet leiden tot een nieuwe biografie van Eise Eijsinga.
Het sluit allemaal mooi aan op zijn dissertatie over Wiskunde in de Gouden Eeuw waarop hij in 2012 te Franeker promoveerde en de documentaire over dit onderwerp die hij gemaakt heeft na een prijsvraag van NWO/Bessensap.

zondag 26 mei 2013

Slijk- en landmeting bij Dokkum in 1638

Bij Tresoar zag ik in een inventaris Metinge der Landen ende het slijk van Doccum gelegen, begonnen den 7e May 1638.No. 6970. Toegang 5 Gewestelijke bestuursinstellingen van Friesland 1580-1795. Tresoar (Frysk Histoarysk en Letterkundich Sintrum). 
Via Anton Musquetier kreeg ik foto's van betreffende document. Ik heb het een tijdje bewaard bij mijn digitale gegevens en aan mede-sneupers gevraagd of ze een transcriptie wilden maken of er een artikel aan wilden wijden, maar de animo was niet groot. Vandaar dat ik de scans nu maar gewoon online zet en alleen de namen en sommige toponiemen vermeld heb die in de documenten voorkomen. Het zijn 'Metinghe der Landen aenden Noorder en Zuyderzyde van t Doccomer Diept.' Bij deze voor het gemak nogmaals:

No. 14 Jr Gerrit van Wijtsma, Otto Swalue, Wybe Annes cum socys toe behorende
No. 15 Noch eenighe Greidlanden gemeten desen Landtschappe toebehorende bij Jan Henrijckx...
No. 16 Zes ... noch ...bij verscheijdene personen gebruijckt wordende Jr Douwe van Walta cum socys

 Jr Rienck van Burmania toebehorende...

No. 14 Noch gemeten no.14 Wytske Scheltingha cum sociis toebehorenden bij Opt Sijbes en Lijuwe Fockes gebruijckt...

No. 15 Item gemeten no.15 den erffgenamen van Jr Caerl van Unia cum socijs toe behorende, sijnde bij Wopke Jeltes gebruickt; is groot bevonden drie en vartich pondemaeten...

No. 16 Noch gemeten twee parten (?) Landtschaps landen, ... bij Mintie Idses op het...Aucke Wijtses tegenwoordich gebruijckt....

No. 17 Noch gemeten no.17 Wijtske Scheltingha cum sociis toebehorende...

No. 18 ....bij Folckert Luijtiens gebruijckt...

No. 19 ... Orck van Doyem.... Jr Douwe van Aylva, Wijtske Scheltingha ende andere personen toebehorende

No. 20 Noch gemeten no.20 sijnde Landtschaps Landen bij Jacob Isonis (?) gebruijckt...

No. 21 .... Tiaerdt Riencx en Jelger Cornelis cum sociis gebruijckt...

No. 22 .... Anne Pijters, Jan Jansen, Lijuwe Sijmens, ende Sijmen Fransen tegenwoordich gebruijckt...

het geheele Buijtenlandt geleghen aende Noorder zijde van t Doccomer Diept, beginnende van Doccomer Sluijtboom oostwaert tot aen Watma wiel is in eender somma groot bevonden een duijsent, vier hondert, acht en tachtich pondematen, ses penninghen ende acht ...


No. 4. Noch gemeten no.4 sijnde bij Bocke Sioerdts als meijer van Jr Tiepke Iske Popma van Aylva gebruijckt, is groot bevonden twee en dartich pondemaeten...

No. 5... gebruijckt bij Jelcke Walinghs als meijer van Drijsumer Sijlgenoten....

No. 6 ... bij Harmen Aents als eijgenaer selffs gebruijckt

No. 7 ... sijnde bij Douwe Douwes als eijgenaer gebruijckt

No. 8 ...mede bij Douwe Douwes als eijgenaer gebruijckt

No. 9. ...bij Iepe Sijbrandts ende Haije Bauckes gebruijckt

No. 10... Harmen Aernts, en Tamme Jurians erffgenaemen cum socys

No. 12 ... Greyd-Landt geleghen tusschen Oldwoldmer Groot ende Cleijn Schoor aen beijde zijden vanden Oldwoldmer Zijlried geteeckent met no.12 sijnde bij verscheijdene ...

No. 13 ... Collomer Zijlrijd alles gebruijckt wordende...


Blader dus eens online door het album met scans en laat me weten of er interessante namen tussen staan en mogelijk zelfs een artikel voor De Sneuper geschreven kan worden.

donderdag 23 mei 2013

Friese vissersvrouwen hadden de broek aan

Bij een recent bezoek aan Museum Admiraliteitshuis te Dokkum viel mij een boekje op die ik blijkbaar
eerder over het hoofd had gezien. Het was er een uit de recente stroom van publicaties van museumdirecteur Ihno Dragt, getiteld Friese vissersvrouwen hadden de broek aan.
Het boek staat vol met prachtige oude foto's en tekeningen van met name mensen en huizen uit de vissersdorpen aan de Waddenzee zoals Moddergat en Wierum.
Dit is wat Ihno Dragt in het Voorwoord schreef: In de loop van het jaar 2012 werd mij gevraagd een korte lezing te houden over de Friese vissersvrouwen die vroeger gekleed gingen in mansbroeken als ze op
het wad wormen gingen zoeken. Dit in het kader van een voorjaarsbijeenkomst van de Nederlandse Vereniging voor Kostuum, Kant, Mode en Streekdracht (NVKKMS). Deze vereniging organiseert jaarlijks een aantal ledendagen, die tijdens de winterdag van 26 januari 2013 in het kader stond van het thema Man of vrouw, rolwisseling en rol-bevestiging door kleding.
Het onderwerp van de lezing had ik al – in een breder kader – beschreven in het boekje dat achterin deze publicatie onder nummer 2 vermeld staat (Bijdehande, blauwoogige dolsters: Onmisbare schakels in de Friese beugvisserij van de 19de eeuw. G.I.W. Dragt, februari 2011). Voor een publiek dat waarschijnlijk minder geïnteresseerd is in de diverse visserijtechnieken heb ik de passages over de kleding en dan vooral de broek, eruit gehaald en hier met enige wijzigingen en aanvullingen opnieuw gepubliceerd. Voor een beter begrip van de noodzakelijkheid van deze werkkleding wordt kort ingegaan op de specifieke visserij waarvan die een onderdeel vormt. De vissersvrouwen moesten hun mannetje staan en hadden het bepaald niet minder makkelijk dan de mannen. Dat ze daarbij soms mannenkleding moesten dragen, deden ze uit noodzaak en traditie en ze voelden zich er dikwijls onplezierig bij.
Het boekje is te bestellen en te koop bij Museum Admiraliteitshuis.

maandag 20 mei 2013

Dokkum niet geheel platgebrand bij Waalse Furie 1572

De stichting Historia Doccumensis werkt al enige tijd aan een publicatie over bouwstijlen en
Gotisch huis Dokkum
bouwhistorie in de Dokkumer binnenstad
. Daarvoor heeft men in de afgelopen maanden, vaak met enthousiaste medewerking van bewoners en eigenaren, dendrochronologisch of ook wel jaarringen-onderzoek gedaan in een twintigtal panden in de binnenstad van Dokkum. De resultaten van het laboratoriumonderzoek in Duitsland bevestigen dat bij de beruchte Waalse Furie in 1572 niet de gehele stad werd platgebrand.

Boren in het verleden
Bij plunderingen in 1572 door Waalse huurlingen onder leiding van de Spaanse Caspar de Robles, werd een groot deel van de Dokkumer binnenstad verwoest. Sommige stenen huizen zijn toen echter behouden gebleven en dus al gebouwd in de zestiende eeuw of zelfs daarvoor, al is dat aan de buitenkant vaak niet (meer) te zien. Veel panden zijn later van een nieuwe gevel voorzien, maar een oudere achterbouw of een kapconstructie kan zijn geheimen nog prijsgeven! Via een nieuwe methode kan door jaarringenonderzoek de precieze bouwdatum van een gebouw worden achterhaald. Door deze zogenaamde dendrochronologie kan van ouder eiken- en grenenhout de vel-datum van de bomen worden achterhaald.

In december is er met een deskundige van de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed in twee panden een eerste onderzoek gedaan om te kijken of er dateerbaar hout aanwezig was en om de bestuursleden van de stichting te trainen in het boren van bruikbare monsters. De panden van de voormalige Friesland Bank aan De Dijk en het Gotische Huis aan de Boterstraat gaven daarmee de aftrap voor dit onderzoek.
In negen gevallen was er geen oude constructie meer aanwezig, of kon men er niet bij, omdat de kapconstructie netjes was weggetimmerd. Bij de overige elf panden was vaak een prachtige balkconstructie aanwezig en meestal konden daaruit de nodige boringen gedaan worden. In alle geselecteerde panden werden vier of vijf monsters geboord en deze zijn vervolgens naar het laboratorium van Pressler Gmbh in Gersten (Duitsland) gestuurd om onderzocht te worden.

Onderzoeksresultaten
De oudste balk werd gevonden in de kloostervleugel van De Abdij en is gekapt in 1534. Waarschijnlijk is deze balk hergebruikt bij de verbouw van de vleugel tot weeshuis in 1610. Het grootste deel van de panden (Boterstraat 8, Kerkstraat 3, Grote Breedstraat 16 en 35, Vlasstraat 4, Diepswal 21, De Dijk 4) dateert uit de periode 1550-1565. Blijkbaar bloeide Dokkum in die periode en werd er flink gebouwd. De volgende bouwperiode viel vlak na de aanleg van de bolwerken in 1582. Een aantal panden dateert van rond 1600 (De Dijk 2, Legeweg 23, Hoogstraat 29 en Markt 30a).

De onderzoekers kunnen daarmee de hypothese voor het onderzoek bevestigen: de brand en verwoesting bij de Waalse Furie in 1572 heeft lang niet alle panden in de binnenstad in de as gelegd. Mogelijk dat alleen de westzijde van de stad (waaronder Legeweg 23) in brand heeft gestaan, maar de kern van de stad is grotendeels ouder dan 1572. Ook panden die er op het eerste gezicht niet zo oud uit zien (Grote Breedstraat 16 en Vlasstraat 4) kunnen dus een rijke historie herbergen!

Uitgave over bouwhistorie
In januari is Omrop Fryslân radio en tv bij de boringen in de oude kloostervleugel van De Abdij aan de Markt aanwezig geweest, en is het onderzoek provinciaal in het nieuws geweest. Dat het een belangrijk en voor Friesland bijzonder onderzoek is, werd overigens onderstreept door de provinciale subsidie die we hiervoor hebben toegezegd gekregen. Mede door particuliere bijdragen is het voor een vrijwilligersclub haalbaar om zo'n grootschalig onderzoek te kunnen doen.

De stichting Historia Doccumensis, die zich bezig houdt met het uitgeven van publicaties over de geschiedenis van de stad Dokkum en omgeving is al enige tijd bezig met het voorbereiden van een publicatie over bouwstijlen en bouwgeschiedenis in de oude binnenstad. Hiervoor heeft het bestuur architect Siebe van Seijen als auteur benaderd. Van Seijen is werkzaam bij Adema Architecten en vaak betrokken bij restauraties en historische bouwprojecten. Hij heeft verschillende bouwstijlen in Dokkum beschreven aan de hand van panden die uit zo’n periode in de binnenstad te vinden zijn. Het boekwerk verschijnt eind 2013 in de reeks ‘Dockumer Granaetsjes’ van de stichting.

Voor inlichtingen:
Ihno Dragt – voorzitter Historia Doccumensis    giwdragt@museumdokkum.nl     0519 – 29 31 34
Siebe van Seijen – Adema Architecten      s.vanseijen@adema-architecten.nl    0519 – 29 56 65

vrijdag 17 mei 2013

Vele Handen of een enkele hand

Het fenomeen crowdsourcing krijgt steeds meer voet aan de grond in de wereld van genealogen en historici. Het project Velehanden.nl is daar een mooi voorbeeld van, met de recente toevoeging van de transcripties van de Friese bevolkingsregisters uit het tijdvak 1850-1939. U kunt zich trouwens nog opgeven om mee te doen!
In alle stilte hebben we binnen onze vereniging een vrijwilligster, Theunie Wijnstra, die een transcriptie gemaakt heeft van een van de journalen van de Friese kapitein ter zee en later schout-bij-nacht Hendrik Brunsvelt. Hij diende in de jaren 1659-1660 onder de fameuze Admiraal De Ruyter en deed ook mee aan de Tocht naar Chatham in 1667, waarbij Hans Willem baron van Aylva het Friese smaldeel aanvoerde (als transcriptie verschenen in De Navorscher van 1898).
Vooral in het gebied rond de Sont werden vele uitvallen gedaan op vijandelijke troepen, om de zee open te houden voor de belangrijke handel op de Oostzeelanden. De Nederlanden steunden daarbij Denemarken tegen de Zweden, die de controle over de Sont wilden nemen. Dit was onderdeel van de omvangrijke Noordse Oorlog (1655-1660). Het interessante van deze specifieke transcriptie is dat er diverse namen van Friese zeelui in voorkomen die waarschijnlijk nog niet eerder gepubliceerd zijn.
De transcripties zullen we t.z.t. online ter beschikking stellen via onze site, voor studie en eventuele publicaties. Of vraag nadere info op via ons emailadres.

woensdag 15 mei 2013

De oudste kaart van Dokkum?

Door Richard Keijzer

De kaarten van Joannis Blaeu uit het midden van de 17e eeuw zijn bekend, maar zijn dat ook de oudste plattegronden van de stad? In de periode voor Blaeu denken we al snel aan cartografen zoals Mercator en zijn leermeester Gemma Frisius. Mogelijk dat een van de twee een kaart van Dokkum heeft gemaakt, maar die heeft de tand des tijds waarschijnlijk niet overleefd.
Nee, voor een zeer oude kaart moeten we het zoeken in Spanje. En wel in de Nationale Bibliotheek van Madrid. Daar ligt een in zwart leer gebonden atlas, gemaakt door Jacob van Deventer. Het werk is, volgens de catalogus van de bibliotheek gemaakt in 1545, maar er circuleert ook een jaartal 1565. Van Deventer tekende zijn kaarten in opdracht van de Spaanse koning Felipe Segundo, hier beter bekend als Filips II. Hij kreeg pas in 1558 de opdracht en maakte de kaart dus waarschijnlijk rond 1560.
De atlas is op hoge resolutie gescand en de resultaten zijn op internet gezet. Hieronder een uitsnede uit zijn kaart, gecombineerd met een hedendaagse opname. De knik in de Ee is er nog steeds en ook andere elementen op de oude kaart zijn nog terug te vinden.
Dat de kaarten van Jacob van Deventer zo exact zijn, komt doordat hij gebruik maakte van driehoeksmeting. Deze techniek is door Gemma Frisius bedacht rond het jaar 1530. Of Frisius en Van Deventer elkaar ooit hebben ontmoet is onzeker, maar in elk geval zal Jacob wel het boek van Frisius hebben gelezen, waarin de triangulatie uitgebreid wordt beschreven.

maandag 13 mei 2013

Nieuw boek Kwartierstaat van Sape van der Ploeg en Gryt Tamminga

Ons lid Douwe Halbesma deed uitgebreid genealogisch onderzoek rond de kwartierstaat van Sape van der Ploeg en zijn vrouw Gryt Tamminga. Het resultaat vindt zijn weerslag in een boek van 250 pagina's. Sape-en-Gryt zijn afkomstig van Ternaard en Wierum maar verhuisden in 1921, kort nadat ze getrouwd zijn, naar Oudwoude. Daar kregen ze dertien kinderen.
Het boek vertelt over het wel en wee van de familie in Oudwoude maar gaat terug tot ongeveer 1424. Het is het relaas van arbeiders en schoenmakers die vooral verbleven in Westdongeradeel. It skuonmakkerspaad in Wierum dankt zijn naam aan het feit dat één van de voorouders daar de schoenen voor de Wierumers maakte. Na de Ramp van Wierum (1893) maakt Lucas van der Ploeg, die net als schoenmaker begonnen is, moeilijke tijden door. Omdat veel geleverde laarzen op afbetaling werden geleverd komt er amper meer geld binnen. Lucas van der Ploeg besluit dan zijn zaak naar Ternaard te verplaatsen.
In het boek is veel informatie te vinden over de dorpen Ternaard, Fiskbuoren, Wierum, Nes en Anjum. Familienamen die veel voorkomen: Van der Ploeg, Tamminga, de Roos, Huizenga, Visser, Elzenga, Plat, Aagtjes.
Halbesma publiceerde enkele verhalen in De Sneuper over de emigratie van de Huizenga's naar Noord- en Zuid-Amerika en over de vermissing van Harmen Gerbens. Deze verhalen zijn  terug te vinden in het boek.

ISBN 978-90-82050-30-1

Meer informatie vragen en bestellingen doen kan via email met de auteur.

woensdag 8 mei 2013

Prachtige ode aan vissers in Paesens-Moddergat

Afgelopen vrijdagavond, exact 130 jaar na de Ramp van Moddergat, vond in de Hervormde kerk van
Paesens een bijzonder concert plaats. Documentairemaker Johann de Graaf liet, in samenwerking met zanger/kunstenaar Gerrit Breteler, een oud visserslied herleven dat in de vergetelheid was geraakt. De geschiedenis van het lied zal in de documentaire Arme Visschers belicht worden op 4 juni aanstaande via Omrop Fryslân en op zondag 9 juni op Nederland 2.
Het middeleeuwse Paesumer kerkje was al rond 19.45 uur goed gevuld met tegen de 100 mensen. Dat was ook het tijdstip waarop Breteler en de overige muzikanten pas arriveerden. Gelukkig ging de soundcheck heel vlot ("Ja, klinkt goed!") en kon er vlak na achten (de kerkklokken luidden) worden begonnen. Onder het publiek o.a. onze leden Gerard de Weger (de puttoloog van Moddergat), museumdirecteur Ihno Dragt, wethouder Pytsje de Graaf en Ciska Hoekstra met familie.
Organisator Johann de Graaf gaf een korte introductie en meldde dat er niet geflitst moest worden tijdens de opname van het hoogtepunt van de avond, het visserslied.
De Friese Tukker Breteler werd begeleid door toetseniste Clara Rullmann en een accordeonist. Om de stem en stemming wat op te warmen zong hij eerst enige nummers van zijn bekende werken, o.a. Catarsis, uit het Requiem van Moddergat 'Ivich Boppedat', een lied over Semarang waar zowel Gerrit als Clara een familielid op het kerkhof heeft liggen en een Fries/Twents lied 'Op een dag drink je geen Grolsch meer'.
Ook vertelde Breteler een mooie anecdote over oud-koningin Beatrix die tijdens een saaie lezing een boekje doorbladerde met een Friese tekst van Breteler die het verzoek van de RVD om een Nederlandse vertaling te maken simpelweg genegeerd had met de reactie: "Onmogelijk". Bea had wel waardering voor die eigenwijsheid. Een mooie reden trouwens voor onze nieuwe koning om Fries te leren. Niet voor niets stammen alle Europese koningshuizen af van de Friese stadhouder Johan Willem Friso.

En toen kwam het hoofdnummer Arme Visschers. Voorwaar geen eenvoudig lied, dat vanuit het Nederlands van componist Maurice Hageman in het Fries vertaald is door Breteler. Voor de opnamen moest het lied dan ook enige keren overgedaan worden, wat het publiek helemaal niet erg vond. Na aanvankelijk aarzelend applaus (mocht dat wel?) was er uiteindelijk een staande ovatie van de vele aanwezigen in het intieme kerkje. Koster Jan met de pet keek het alles met tevredenheid aan. Het zou wel leuk zijn als nog ergens online de tekst van het lied beschikbaar wordt gesteld!

maandag 29 april 2013

Erelid Reinder Tolsma benoemd tot Lid in Orde van Oranje-Nassau

Vlnr: Burgemeester Marga Waanders, Reinder Tolsma, Willem Wittermans, Broor Adema
Ons erelid en mede-oprichter van onze verening, Reinder Tolsma, werd tijdens de lintjesregen op het gemeentehuis van Dongeradeel gedecoreerd tot Lid in de Orde van Oranje Nassau. Burgemeester Marga Waanders speldde hem de bijbehorende medaille op.

Hieronder een samenvatting van de verdiensten op basis waarvan hij gedecoreerd werd. 

Dhr. Reinder Tolsma (21-06-1950) uit Oosternijkerk

Tolsma is auteur van diverse boeken over de geschiedenis van de gemeente Oosternijkerk en diverse verenigingen en organisaties binnen die gemeente. Als zodanig was betrokkene auteur van “Hark ris wat kinne dy mannen spylje” (100-jarig jubileum van de Brassband UDI te Oosternijkerk); auteur van een boek over 125 jaar Christelijk Onderwijs in Oosternijkerk; auteur van het boek “Kan er iets goeds uit Nazareth zijn” (75 jaar UDI); mede-auteur van “Een geschiedenis van Oosternijkerk” en mede-auteur van “Als dat niet het doel is” ……. Het Samen op Weg-proces in Oosternijkerk.

Van 1981 tot 2004 was hij oprichter en eindredacteur van de Dorpskrant te Oosternijkerk. Als zodanig was decorandus verantwoordelijk voor de lay-out, de eindredactie en schrijver van diverse artikelen over het Oosternijkerk van weleer. Hij levert nu nog altijd historische artikelen aan.

Van 1986 tot 2011 was hij medeoprichter, eindredacteur van het verenigingsblad “De Sneuper” van de Historische Vereniging Noordoost-Friesland te Dokkum. In de periode 1979-2012 organiseerde betrokkene drie dorpsreünies in Oosternijkerk.

maandag 22 april 2013

Kerkmuseum Jannum een bezoekje waard!

Tussen Dokkum en Birdaard ligt het terpdorpje Jannum (of Janum). Op de terp staat een 13e eeuwse kerk die als museum dient van kerkhistorische voorwerpen. Zo vindt u er het enige in Friesland nog bewaard gebleven Romaanse doopvont en een verzameling zandstenen sarcofagen. Ook heeft het kerkje nog een ouderwetse klokkenstoel.
In 2005 is de kerk van Jannum voor het laatst gerestaureerd. Wilt u meer weten over het gebouw en zijn vroegere gebruikers? In 2009 is een geheel herziene versie van het boekje Kerkmuseum Jannum verschenen. Een digitale versie hiervan kunt u bekijken op de website van terp Hegebeintum
De voorwerpencollectie van het kerkmuseum is eigendom van het Fries Museum, dat Jannum vroeger als uithof had.
Voor sneupers dus een mooie gelegenheid om eens kennis te maken met dit prachtige stuk historie op de terp van Jannum. In de online database van Hessel de Walle worden de inscripties in de kerk ook beschreven.
Van april t/m september zijn ze elke zaterdagmiddag open van 13 tot 17 uur.
Kosten € 2 p/p, kinderen tot 12 jaar gratis. Groepen vanaf tien personen zijn ook buiten deze tijden welkom voor een rondleiding. Kosten € 1,50 p/p. Meer info bij Yvonne via 06-41425228.

vrijdag 19 april 2013

Zwanen op Landgoed Borg Verhildersum te Leens

Vijf jaar geleden schreef ik een blogartikel over het Recht van Zwanenjacht in Friesland. Dat leverde toen al leuk reacties op, o.a. van Reinder Postma met een zwanenring van Landgoed Fogelsangh te Veenklooster.
Een paar maanden geleden werd ik gemaild door Jeanine Oostland van Landgoed Borg Verhildersum te Leens met de vraag of ik wist hoe het zwanenboek uit 1635 van Barthold Tjaerda van Starkenborgh in bruikleen gekregen zou kunnen worden. Ik bracht haar in contact met Otto Kuipers van Tresoar die voor haar op zoek ging in het archief. In het boek werd door de pluimgraaf bijgehouden, met tekeningen, welke bezitter van het Recht van Zwanenjacht welke merktekenen voerde (in poot en snavel).
Zwanenboek Barthold Tjaerda van Starkenborgh, 1635, collectie Tresoar EVC 5466
Het resultaat is te zien in de prachtige tentoonstelling die sinds kort geopend is op de borg: Terugkomst van de bewoners. Er is o.a. een schitterende zwanehalsband (foto hieronder) te zien.

Elke lente trok de hele familie vanuit de stad naar hun zomerhuis. Zilver, porselein, de mooie lakens, alles werd ingepakt in grote koffers en kisten en op de koetsen gehesen. En natuurlijk op de plaats van bestemming weer uitgeladen. Ook deze zomer keren de oud-bewoners van Borg Verhildersum terug naar Leens. De Onsta’s, de Tjarda Van Starkenborghs, de Van Bolhuis’ en de Frima’s, u kunt alle families ontmoeten op het landgoed. In deze tentoonstelling keren de voorwerpen en verhalen van vroegere bewoners terug naar het landgoed. Voor de meeste voorwerpen is het een weerzien met de families en de belevenissen en omstandigheden waarin zij het dagelijkse leven hebben vormgegeven.

De tentoonstelling is samengesteld na uitgebreid onderzoek naar de borg en zijn bewoners en vertelt het verhaal van de Groninger elite door de eeuwen heen. Veldslagen, huwelijken, overdadige banketten en de heerlijke zomers op het platteland. Voor deze gelegenheid wordt er ook in de Borg extra aandacht besteed aan de objecten en de verhalen van de vroegere bewoners

Voor leden van onze vereniging is een speciale 20% korting beschikbaar (mail ons daarvoor even om de digitale coupon te ontvangen) maar de Museum(jaar)kaart is ook geldig!
Leens is natuurlijk maar op een steenworp afstand gelegen van Noordoost-Friesland, aan de oostkant van de voormalige Lauwerszee. Via Lauwersoog bent u er zo!
Het landgoed is trouwens nog op zoek naar enkele vrijwilligers die op de prachtige borg willen meehelpen.
Zwanehalsband Borg Verhildersum

maandag 15 april 2013

Vondst bladmuziek 1883 leidt tot nieuw concert in Paesens-Moddergat

Documentairemaker Johann de Graaf, oud-Dokkumer, herontdekte vorig jaar bladmuziek van Maurice Hageman, muzikant , dirigent en directeur van de muziekschool in Leeuwarden ten tijde van de Vissersramp in 1883. Hageman besloot na het horen van de ramp om met een speciaal gecomponeerd lied geld in te zamelen voor de nabestaanden van de 83 omgekomen vissers in de dorpen.
Maurice Hageman voerde het muziekstuk weliswaar ook uit op 4 mei 1883 maar faalde in zijn missie om geld in te zamelen. Het stuk raakte in de vergetelheid maar zal nu wederom, 130 jaar later, worden uitgevoerd!

Vrijdagavond 3 mei organiseren Johann de Graaf en zanger Gerrit Breteler dan ook een bijzonder concert, van 20:00 tot 21:00 uur, in de Hervormde kerk van Paesens-Moddergat. Tijdens het concert speelt Breteler samen met muzikanten dit vergeten lied voor de nabestaanden van de vissersramp in het dorp. Het concert is speciaal gewijd aan de inwoners van Paesens-Moddergat. Adres van de kerk: De Buorren 9,9136 PT Paesens.

In 2008 was ik aanwezig bij een van de uitvoeringen op het wad bij Moddergat van het Friestalige Oer de Seedyk. Ook toen speelde Gerrit Breteler een hoofdrol in de muzikale uitvoering. De belangstelling was groot en het spektakel eveneens. Zie de beeld- en geluidsfragmenten van het begin, het lied Ivich Boppedat en de slotscene (zonder geluid).

De toegang tot het concert in Paesens-Moddergat is gratis. Ik heb me al aangemeld. Let op, er is plaats voor honderd aanwezigen. Mocht u interesse hebben om aanwezig te zijn, stuur dan een e-mail naar Johann de Graaf: concert@johanndegraaf.nl.
Reageer snel, want vol is vol
. Inwoners van Paesens-Moddergat hebben bij aanmelding voorrang.

Tijdens het concert worden opnames gemaakt voor de documentaire Arme Visschers. Deze wordt 4 juni aanstaande uitgezonden op Omrop Fryslân en op zondag 9 juni op Nederland 2. Noteer deze data in uw agenda! De documentaire wordt gefilmd door cameraman Shaun Layden van Mintamatics.


vrijdag 12 april 2013

ANBI-status. En dan?

De Historische Vereniging Noordoost-Friesland is sinds vorig jaar officieel een Algemeen Nut Beogende Instelling (ANBI). En wel nog iets specifieker: een culturele ANBI. Hiermee geeft de Belastingdienst een faciliteit die het aantrekkelijk maakt om schenkingen te doen!
Op de recente jubileumdag vroeg ik de penningmeester hoeveel schenkingen hij via deze regeling afgelopen jaar had ontvangen. Nou, een stuk of 4 a 5. Dat is op zich een hoopgevend begin maar volgens mij zijn nog weinig Sneupers op de hoogte van de mogelijkheden van de ANBI.
Waarom zou je een schenking doen? Voor de hand liggend is dat je onze vereniging een warm hart toedraagt. En met een schenking geef je onze ongesubsidieerde vereniging, waarvan de contributie nog steeds maar 15 euro per jaar is (met een verenigingsblad in full-colour, zonder advertenties), de mogelijkheid een keer iets extra's te doen. Zoals bijvoorbeeld een extra (dikke) Sneuper, een bijzondere ledendaglocatie etc.
Concreet biedt de Belastingdienst bij een culturele ANBI de mogelijkheid om 150% van de gift als aftrekbaar bedrag op te voeren. Een simpel voorbeeld: u schenkt 100 euro. U mag dan 150 euro op uw belastingopgave opvoeren. Stel dat u rond de 50% Inkomstenbelasting betaalt, dan betaalt de Belastingdienst dus 50% mee= 75 euro.  
Per saldo betaalt u dus maar ongeveer 25 euro om de vereniging met 100 euro te steunen! Dat is nog eens een rendement!
Mocht u nu al van plan zijn iets te doen of er in uw testament rekening mee willen houden, bedenk dan dat we sinds kort een nieuw bankrekeningnummer hebben: Het nummer is: 177.8581.41 (Rabobank Dokkum). IBAN: NL08 RABO 0177 8581 41 t.n.v. Historische Vereniging Noordoost-Friesland te Dokkum (het oude ING nummer vervalt in de loop van het jaar). Kleine moeite, groot plezier!

Update: Een van de lezers reageerde.  Nuancering: de 150% geldt voor ondernemingen en 125% voor particulieren. Bij een schenking van 100 euro zou u dan als particulier 125 euro kunnen opvoeren. Bij 50% IB betaalt de Belasting dus ca 62 euro mee. Per saldo betaalt u dan dus ongeveer 100-62 euro=38 euro.