woensdag 6 december 2017

Twee keer herberg Wapen van Oostdongeradeel

Andrys Stienstra, voormalig webmaster van Tresoar en sinds kort met pensioen, mailde ons met een vraag over herberg het Wapen van Oostdongeradeel. Het leek er op dat er twee verschillende herbergen met dezelfde naam in en om Dokkum gevestigd waren. Dit was zijn vraag:
Paulus Baukes was herbergier in het "Wapen van Oostdongeradeel". Ik kom hem in de Leeuwarder Courant als zodanig voor het eerst tegen in 1766, maar al in 1757 is hij herbergier in Oostrum. In mei 1784 is er een verkoping ten huize van de Wed. Paulus Baukes, dus zal hij in 1783/1784 overleden zijn. In 1792 is Jan Wybrens Koning herbergier in het Wapen van Oostdongeradeel.
Halvemaanspoort rond 1800, met rechts Wapen van Oostdongeradeel


Paulus Baukes is herbergier in het Wapen van Oostdongeradeel buiten de Halfmaanspoort onder Oostrum, dus moet dat de huidige IJsherberg zijn. Maar in de Leeuwarder Courant van 23 januari 1765 wordt de verkoping aangekondigd van "Eene Heerlyke en Nieuw betimmerde Huizinge en Herberg by Jan Douwes cum uxore bewoond en gebruikt, staande en gelegen by de Aalsumerpoort binnen Dockum, op den 12 May 1765 vry van Huiringe. Wie Gading maken komen op voorsz. tyden in opgedagte Huizinge en Herberg 't Wapen van Oostdongeradeel genaamt".
Een herberg met dezelfde naam, maar bij een andere poort. Misschien is de naam van de ene herberg overgegaan naar de andere? Het is wel opvallend dat ik de eerste vermelding van Paulus Baukes in het Wapen van O'deel in 1766, dus vlak na de verkoping, vind.

In dit soort gevallen, met een kadastrale component, weet redactielid Piet de Haan vaak raad. Hij ging op onderzoek uit in het streekarchief en vond het volgende.
Oostrum
Herberg Het wapen van Oostdongeradeel in Oostrum net buiten de Halvemaans poort van Dokkum [IJsherberg] wordt in de weesboeken van Oostdongeradeel al in 1685 zo genoemd, mogelijk al eerder [bron: Oostdongeradeel Weesboeken Inv 57]
Paulus Baukes staat in 1756 voor de eerste keer in het reeel op: Huis nr 1.  Zijn aankoop van de herberg staat in de Proclamaties Oostdongeradeel Inv 106  blad 139/140.

Dokkum
De herberg in Dokkum Het Wapen van Oostdongeradeel wordt in mijn bestanden die beginnen vanaf 1760 al in 1778 tot zeker in 1806 al zo genoemd.
De in de mail genoemd Jan Wijbrens Koning was herbergier in de herberg Het Wapen van Oostdongeradeel in Dokkum.  Reeel nr 63 Kadaster 1832 A3 huisnr Nu Aalsumerpoort 10.

Reeelboeken, microfiches etc zijn in het Streekarchief Dokkum, uitgezonderd op maandagmorgen, te raadplegen.

Andrys kwam nog met de volgende aanvullingen:
Antje, het eerste kind uit het huwelijk van Paulus Baukes en Pytje Meinerts wordt in 1747 gedoopt in Dokkum. In het doopboek wordt dan vermeld dat de vader 'wolkammer buiten de Woudpoort' is, dat is dus aan de weg van Dokkum naar Dantumawoude.
In 1749 woont Paulus Baukes met zijn vrouw en één kind in (of bij?) Dantumawoude. Hij is dan nog steeds wolkammer. In de quotisatie wordt hij aangeslagen voor £ 10:1:-.
Paulus Baukes en Pytie Meinerts krijgen drie kinderen: Antje (1747), Meindert (1753) en nog een Meindert (1755). Pytie Meinerts is overleden in 1755 of 1756.

In 1756 wordt Paulus Baukes herbergier in "Het Wapen van Oostdongeradeel" in Oostrum en het jaar daarop hertrouwt hij met Vroukje Hiddes, afkomstig van Dokkum. In het lidmatenboek van Oostrum en Jouswier wordt - pas twee jaar later - opgetekend dat Paulus op 9 februari 1759 is ingekomen van Dantumawoude.« Lidmatenregister Herv. Gemeente Oostrum en Jouswier, archiefnummer 28, Collectie doop-, trouw-, lidmaten- en begraafboeken - Tresoar, inventarisnummer 542, aktenummer 36 »
In de Leeuwarder Courant van 6 augustus 1766 wordt een verkoping van 'een groot party Cromhout' aangekondigd. De verkoping vindt plaats 'ten Huize van Paulus Baukes Herbergier in het Wapen van Oostdongeladeel, buiten de Halfmaans-Poort van Dockum''. Eerder (LC 5 juli 1766) wordt er een verkoping gemeld 'ten Huize van Paulus Baukes buiten de Halfmaanspoort'. In de Leeuwarder Courant zijn meer advertenties te vinden van Paulus Baukes als kastelein in 'het Wapen van Oostdongeradeel', o.a. 2-10-1773, 3-8-1774, 23-11-1782, 7-12-1782 en 11-1-1783.
Op 29 mei 1784 wordt er een verkoping aangekondigd 'ten Huize van de Wed. Paulus Baukes'. Paulus Baukes is dus overleden en de zaak wordt voortgezet door Vroukje Hiddes. Ook in 1788 wordt er nog een verkoping gehouden bij de "Wed. Paulus Baukes".
Froukje Hiddes is overleden op 28 januari 1810 te Dokkum, 85 jaar oud. Ze wordt begraven in Dokkum in graf L67.

De herberg 'Het Wapen van Oostdongeradeel' was gelegen buiten de Halfmaanspoort bij Dokkum onder Oostrum en had twee beneden- en twee bovenkamers. Verder een keuken, bleek, put en regenwatersbak. Het bezat een vrije doorgang voor de gevel en was gebouwd op één bunder grond. Ten noorden van de herberg lag het bouwland van Jan Idses Idsardi, ten oosten op nr.40 lag het huis van Oeds Brouwer, ten westen lag de stadsgracht en ten zuiden liep de dijk (naar Oostrum), De herberg heeft thans weer wat van zijn "oorspronkelijke" functie terug, want het is tegenwoordig een restaurant, gelegen aan het Oostelijk Bolwerk van de stad Dokkum. Dit restaurant heet tegenwoordig "De IJsherberg" en ligt aan de Harddraversdijk. De herberg is o.a. in bezit geweest van de familie Boomsma, distelateurs in Dokkum.
Vanaf 1976 was het de openbare bibliotheek van Dokkum. « De Sneuper 60, september 2001 »
Overigens is er binnen de Dokkumer stadspoorten nog een herberg met dezelfde naam "Het Wapen van Oostdongeradeel" geweest. Deze stond bij de Aalsumerpoort en gebruikte deze naam in ieder geval vanaf 1778 tot in 1806. Een directe concurrent van Paulus Baukes!

zondag 3 december 2017

Brieven van Agatha, jonkvrouwe van Groot Terhorne te Beetgum

Onlangs kwam bij uitgeverij Bornmeer het aardige boekje Geen honinck soet sonder bitter gal uit. In deze nieuwe publicatie worden de brieven behandeld van Agatha Tjaerda van Starckenborgh (1620-1670), stammend uit een oud adellijk Fries geslacht.
Zij was getrouwd met Georg Frederik thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg; het echtpaar woont op Groot Terhorne te Beetgum, of ‘Horn’, zoals zij hun huis zelf noemen. Het is een van de centra van de Friese adel.

Als een rode draad door het verhaal loopt de correspondentie met de Duitse zaakwaarnemer Michael Buschius (Von dem Busch), die voor de familie moet uitzoeken en bewijzen dat ze recht hebben op een deel van de erfenissen van de Duitse tak van de Thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg familie. Ook moest hij een oogje in het zeil houden op de studerende zoons Johan Georg en Georg Wolfgang in Heidelberg, waar ook een neefje studeert, voordat ze op een grand tour door Europa gaan. Als ondersteuning werden er hals over kop allerlei familieportretten gemaakt of gereproduceerd.
In feite was Buschius een vroege sneuper die de genealogie van de familie moest publiceren, maar wel voor het behalen van financieel voordeel. Want ondanks de vele bezittingen in landerijen en onroerend goed leidt de familie een wankel bestaan op het gebied van financiën en gezondheid.

De mannen zijn vooral op oorlogspad en uiteindelijk komen de beide zoons dan ook jammerlijk om het leven in de Slag bij Seneffe (boven Charleroi) op 11 juli 1674 tussen de geallieerde Spaanse, Staatse en keizerlijke troepen enerzijds en de Fransen onder de prins van Condé anderzijds.
Dit wordt op een prent van Romeyn de Hooghe pijnlijk verbeeld. Onder nummer 17 liggen de broers geveld vooraan in het strijdgewoel, terwijl iets verderop in de stofwolken in het midden van de afbeelding nog de ontzaglijke generaal Hans Willem baron van Aylva (nummer 6, De Generael Alua) moet bewegen, die bij de slag slechts gewond raakt.
Het regiment Nassau-Friesland werd op een heuvel ingesloten en op meedogenloze wijze in de pan gehakt door de Fransen. De kogel uit het lichaam van zoon Johan is in een doosje opgestuurd naar de familie in Friesland. Het doosje is nog bewaard in het familiearchief bij Tresoar maar de kogel is verdwenen.
"Hij suipt hem nu alle dagen strontvol", zei Agatha Tjaerda v Starckenborgh over de labiele stadhouder Willem Frederik van Nassau-Dietz. Haar zoons verkeerden in zijn nabijheid en dat deed de moeder constant vrezen dat ook zij zich teveel aan de alcohol zouden laven.
In zijn dagboeken (online als Gloria Parendi) is Willem Frederik ook heel openhartig over zijn alcoholgebruik en bezoek aan dames van lichte zeden. Op p. 669 schrijft hij: verloopen in dronckenschap eens oft tweemahl en dahrnae in hoereri seuvenmahl op het lest van de maent; ick weet niet, hoe ick den duyvel, de werelt, mijn vleesch sooveul ruym heb gegeven en mij soo laeten vallen, [...] die mensch iss swack.

Agatha schrijft in 1665 over het ongeluk van graaf Johan Maurits van Nassau-Siegen bij Franeker, (na zijn bezoek aan de begrafenis van Willem Frederik), waar haar beide zoons Thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg bij betrokken waren! Gelukkig overleven ze het hachelijke avontuur.

Verder roddelt Agatha natuurlijk graag en heeft ze het o.a. over Hessel Meckema van Aylva en de ophef die zijn grote grafmonument in Holwerd veroorzaakte.

Ook de familie op Holdinga State in Anjum komt regelmatig ter sprake want er is een slepend conflict met neef Wilco Holdinga Thoe Schwartzenberg over een huwelijksbelofte.

Al met al een heel interessant inkijkje in de wereld van de 17e eeuwse Friese adel!

vrijdag 1 december 2017

Interieur Dokkumer trekschuit duikt op in Deens schilderij

De Sneuper 118, juni 2015, had een coverartikel over 'Met de trekschuit naar Dokkum'.
Met prachtige foto's van de trekschuit die nu nog in de vaart is in Dokkum (en te huur voor gezelschappen!), getrokken door een Fries paard en met mensen in klederdracht aan boord!
Ook is de trekschuit afgebeeld op een herdenkingspenning van 1657, kort nadat de Stroobosscher Trekvaart geopend werd (waarbij op de aanleg Dokkum zo goed als failliet ging).
Her en der staan nog wel rolpalen in bochten van de vaarweg (zoals in Dokkum), waar langs de lijn van paard naar schip geleid werd.

Het aardige is dat enkele historische reizigers ooit verslag deden van hun reis per trekschip, zoals in 1823 Jacob van Lennep in zijn dagboek, er glorieus mee door Dokkum kwamen (admiraal Michiel de Ruyter) of er in beeld herinneringen aan nalieten.
Zo voer in 1834 een jonge Deense kunstenaar door Dokkum en tekende toen vanuit het interieur de toenmalige Dokkumer trekschipper Jan Thijses Feenstra (1768-1835) die we in de Dokkumer archieven af en toe tegenkomen, bv als verkoper of vader van de bruid en bij zijn overlijden in 1835 in huis D-140, als echtgenoot van Sytske Jans van der Meulen en (vermoedelijk zijn hulpje) Pieter Bernardus Boomsma (in 1855 vermeld als schippersknecht te Sneek). Tussen hen in is de roerkop versierd met het hoofd van een gekruld jongetje met pet. De tekening drukten we ook af in De Sneuper 118.
Opvallend was al dat er aanwijzingen voor kleuren op de tekening stonden die deden vermoeden dat het als voorstudie van een schilderij moest dienen.
Deze Martinus Rørbye zou uitgroeien tot een van de beroemdste Deense schilders van de zogenaamde Deense Gouden Eeuw (waartoe ook bv. Kierkegaard en Hans-Christiaan Andersen behoorden, in eerste helft 19e eeuw). Tijdens de reis door Friesland in 1834 tekende hij overigens ook diverse, inmiddels afgebroken, stadspoorten van Harlingen en Leeuwarden. Waarschijnlijk ook van Dokkum, maar een deel van de tekeningen is in een onbekende particuliere collectie verdwenen. Het zou mooi zijn als we die ook eens terugvonden!

Toen ik recent weer eens online aan het sneupen was kwam ik opeens een schilderij tegen van Rørbye's hand, waarop exact het tafereel van de trekschuit-tekening herkenbaar was!
De beschrijving bij Bruun Rasmussen wees er weliswaar niet precies op: Martinus Rørbye: Travel scene on board a Dutch canal barge. Signed and dated M. Rørbye 1846. Oil on cardboard. 28,5×35 cm. Thorvaldsens Museum, A Catalogue Raisonné of the Works of Martinus Rørbye no. 263, reproduced p. 76. Kunstforeningen, “Fortegnelse over M. Rørbyes arbejder" (a list of the works of M. Rørbye) in the section of "Fortegnelse over malerier, hvis ejere eller hvis opbevaringssted er ubekendte” (a list of the works whose owners or location are unknown) 1905 nr. 263.
Exhibited: Charlottenborg 1847 no. 10. Literature: Reproduced in “Smaa Kunstbøger”, vol. 22, p. 41. Provenance: Chamberlain Count Knuth (before 1905)
.

Het moge duidelijk zijn dat dit schilderij gebaseerd is op de eerdere tekening in Dokkum uit 1834. Opvallend is wel dat het schilderij 12 jaar later gedateerd en gesigneerd is dan de tekening. Ook schijnt het vorig jaar al eens eerder ter veiling geweest te zijn. Er zijn nu twee slapende passagiers bij geschilderd die we op de tekening niet eerder zagen. Zouden dat ook nog ergens beschreven Dokkumers zijn? Het geheel heeft in ieder geval een gezellige Anton Pieck-achtige uitstraling.

Inmiddels heeft de veiling plaatsgevonden en is het schilderijtje, ongeveer ter grootte van een laptop, verkocht voor zo'n 16.000 euro (excl. opgeld). Voor het Museum Dokkum wat boven de pet, maar wie weet kan het ooit nog eens als bruikleen tentoongesteld worden!

Voor de Leeuwarders ook nog een leuke vondst: een tot nu toe onbekende tekening met markttafereel in Leeuwarden in 1834. Ook van Rorbye natuurlijk, in de collectie van het Vejle Kunstmuseum.

Update: Medelid Klaas Pera attendeerde me op deze tekening die Rørbye maakte in Winschoten van een brug, tijdens dezelfde reis in 1834. In collectie Metropolitan Museum of Art in New York: https://metmuseum.org/exhibitions/view?oid=643153

Ze hebben ook een tekening van de Waag in Amsterdam.

Zelf ook nog maar eens verder gezocht: ja hoor, er is ook nog tekening van een groep pratende mannen in Leeuwarden die in 2015 is geveild in Berlijn: https://www.invaluable.com/auction-lot/rorbye-martinus-christian-wedseltoft:-manner-auf-6476-c-750485b966

Vier tekeningen in Haarlem en Den Haag.

De dagboeken van Rørbye staan online en daarin kunnen we zien dat hij in mei 1834 bij Nieuweschans de provincie Groningen binnenkomt en op 28 mei in Dokkum is om vervolgens door te reizen naar Leeuwarden.

donderdag 30 november 2017

Voorgeslacht van Mata Hari in kaart: Genealogysk Jierboek 2017

Op 15 oktober was het honderd jaar geleden dat Margaretha Geertruida (Griet) Zelle, beter bekend als Mata Hari, in Frankrijk door een vuurpeloton werd geëxecuteerd. Het nieuwste Genealogyske Jierboek, dat aanstaande zaterdag wordt gepresenteerd, besteedt aandacht aan haar voorgeslacht en familieleden.

De familienaam Zelle stamt uit Duitsland. Griet Zelle’s betovergrootvader Herman Otto Zelle (1744-1806) was afkomstig uit de heerlijkheid Rheda en vestigde zich in 1771 in Leeuwarden als linnenwever. In maart 1780 werd hij als burger van de Friese hoofdstad vermeld. Met zijn gezin woonde hij aan de Kelders. Aan dezelfde gracht is ook Margreet Zelle alias Mata Hari geboren. Haar geboortehuis werd in de grote brand van 19 oktober 2013 verwoest.

Enkele generaties Zelle waren werkzaam als kastmakers, schrijnwerkers, pettenmakers en kooplieden. Griets vader Adam Zelle (1840-1910) begon als winkelier in hoeden en petten in het pand aan de Kelders en betrok in 1883 een prestigieus herenhuis aan de Grote Kerkstraat. Nadat hij in 1889 failliet werd verklaard, trok hij met zijn gezin naar Den Haag. In zijn laatste jaren heeft hij in Amsterdam gewoond.

De auteurs van de uitgebreide kwartierstaat, Bouwe van der Meulen en Pieter Nieuwland, zijn verre verwanten van Griet Zelle. Zij zullen op zaterdag 2 december a.s. hun genealogische onderzoek toelichten bij de presentatie van het Genealogysk Jierboek 2017.

Wanneer:       zaterdag 2 december 2017
Waar:             De Koperen Tuin, Prinsentuin 1, Leeuwarden
Meer info:     Genealogysk Wurkferbân

Zie ook: www.fryske-akademy.nl

maandag 13 november 2017

Kwart van adel in Verbond der Edelen kwam uit Friesland

Het Verbond der Edelen (ook wel Compromis of Eedverbond genoemd) was aan de vooravond van de Tachtigjarige Oorlog (1565) een poging door de lagere adel om de maatregelen tegen protestantse ketters te verzachten.

De Opstand tegen de Spaanse overheerser was in eerste instantie een initiatief van zowel de Zuidelijke als Noordelijke Nederlanden, maar na 1576 groeiden ze door de opkomst van de Reformatie uit elkaar. Het zuiden bleef grotendeels katholiek terwijl het noorden (boven de grote rivieren) met name protestants werd. In Friesland werd in 1580 het katholicisme zelfs formeel verboden.
Over het algemeen wordt gedacht dat het Verbond der Edelen, onder leiding van de 'Grote Geus' Heer van Brederode, vooral door de Zuidelijke Nederlanden werd gedragen, maar er deed ook een aanzienlijk aantal Friese edelen aan mee.
Ons lid Hessel de Walle, die Friese inscripties van voor 1811 in kaart brengt evenals Friese familiewapens, deelde een lijst met namen waarop in rood nog eens extra wordt aangegeven van wie een grafschrift bekend is. Hieruit blijkt dat zo'n 25% van de deelnemende edelen van Friese komaf is!
Bekende namen, zoals de Watergeus Doecke van Martena komen op de lijst voor, maar ook veel 'onbekende' namen van Friezen. Die Friese Watergeuzen waren geen lieverdjes.

Bekenden uit onze regio zijn o.a. Sippe (Scipio) van Meckema en Wilco van Holdinga. Van Holdinga moest vluchten naar Emden. Na terugkomst in 1580 werd hij Raadsheer bij het Hof van Friesland en liet een nieuwe Holdingastate bouwen bij Anjum. Van hem zijn ook 3 testamenten bewaard gebleven. Zie ook achtergrondinformatie over Friese testamenten.



donderdag 9 november 2017

Dokkumer silhouetportretten duiken op bij Tussen Kunst en Kitsch

Het is altijd leuk om tijdens het kijken naar het televisieprogramma Tussen Kunst en Kitsch op te letten of er ook interessante Friese spullen voorbijkomen.
En met enige regelmaat komen er inderdaad ook zaken voorbij die 'nijsgjirrich' zijn.
Zo was er vorige week al een stoof met tegel waarop de naam Jantje Bottes Groen en het jaartal 1888 stond. Deze kwam uit Moddergat, zoals de huidige bezitster ook vertelde. Ons lid Gerard de Weger was ook meteen enthousiast over deze 'vondst'.

Gisteravond was er iets in de uitzending wat mij nog veel meer frappeerde. In een voorstukje werd al genoemd dat er silhouetportretten getoond gingen worden. Dan ga ik altijd even extra opletten. En ja hoor, er kwamen notabene silhouetportretten in beeld waarover ik 15 jaar geleden al op onze oude 'blauwe' website publiceerde.
Het betrof de portretten van Dokkumer notabelen, de echtparen Harmannus Jansz van Assen (1725-1798) en Trijntje Hotzes van Sinderen (1735-1805) en Dr. Feddo Jan van Slooten (1750-1804) en Sytske Ypey. Ze zijn gemaakt door de Dokkumer schilder Jacob Bonga.

Voor het eerst zag ik hoe de portretjes er in 'kleur' uitzien. De dame die ze bezit, ongetwijfeld een nazaat van een van de geportretteerden, wilde ze niet weg doen, maar het was leuk om te horen dat ze per stuk ongeveer 500 euro waard zijn en als set zelfs 2500 euro.
Het zou bijzonder zijn als de eigenaresse eens contact opneemt met Museum Dokkum, om ze ooit tijdens een tentoonstelling aan het grote publiek te tonen!

woensdag 8 november 2017

Egge Knol boekstaaft Kapen op Rottum(eroog)

Als Deel 11 in de reeks Monumenten in Noord-Groningen is een heel aardig boek verschenen over de kapen op het eiland Rottum, beter bekend als Rottumeroog.
Conservator bij het Groninger Museum, Egge Knol, heeft jarenlang onderzoek gedaan naar dit interessante fenomeen. Vanwege de link met Noordoost-Friesland heb ik ook een kleine bijdrage aan de inhoud kunnen leveren.

De gietijzeren Kaap op Rottum is het meest noordelijke rijksmonument van ons land.
Knol deed onderzoek in archieven in Groningen, Den Haag, Aurich en Emden.
Het is een kloek boek geworden van 200 bladzijden met veel afbeeldingen, oa van Rottum tot ver in de 16de eeuw.
De kapen zijn in de 16de eeuw opgericht als baken voor de zeevaart. Ze maakten deel uit van veiligheidsmaatregelen op de Eems. Dat verhaal begint in 1539.
Egge Knol: “Dankzij de Kapen op Rottum wist onze zeeheld Michiel de Ruyter ooit te ontsnappen aan de Engelsen die hem achtervolgden. Dat verhaal is opgenomen in het boek.
Eeuwenlang had het eiland twee kapen, de Emder of Grote Kaap en de Kleine of Groninger Kaap. Lang waren dat houten bouwwerken van 22 tot 25 meter hoog. Sinds 1864 is er sprake van een ijzeren kaap. In 1883 kwamen er twee gietijzeren kapen. De Groninger Kaap is in 1931 omgevallen, maar de Emder Kaap staat er nog steeds”. 
Zoals u wellicht weet is het eiland enige jaren in privé-bezit geweest van de Dokkumer koopman Pieter Pivé.
Ook heeft de Malle Graaf Clancarty enige tijd op het eiland gebivakkeerd met een harem dames!

Het boek bevat enkele bijzondere kaartjes, die voor cartografisch geinteresseerden zeer de moeite waard zijn.
De uitgave is als hardcover met prima kwaliteit illustraties en papier gemaakt.
Te koop bij Stichting Uitgaven Noord-Groningen in Warffum.

maandag 6 november 2017

Ode aan Dokkumer zeeheld Hinxt op begraafplaats Huisduinen

Afgelopen zaterdag hield de Nederlandse Vereniging voor Zeegeschiedenis haar ledendag in Den
Helder bij het Marinemuseum.
Aangezien er binnen onze Historische Vereniging Noordoost-Friesland ook de nodige belangstelling is voor maritieme geschiedenis, waren we met drie man van de redactie aanwezig.

Naast de interessante lezingen over o.a. de inzet van Nederlandse onderzeeboten in de Koude Oorlog en het bezoek aan het museum zelf, maakten we van de gelegenheid gebruik om het nabijgelegen kerkhof van Huisduinen te bezoeken.
Hier ligt namelijk de in de Slag bij Kamperduin in 1797 gesneuvelde Dokkumer zeeheld Dooitse Eelkes Hinxt.
Nykle Dijkstra schreef over hem het coverartikel in De Sneuper 119.
In Tresoar ligt ook nog een Friestalig gedicht dat Dirk Lenige schreef naar aanleiding van de dood van zeeheld Dooitse Hinxt in 1797.

Na enig zoeken vonden we het bijzonder vormgegeven graf, een soort platte piramide, met enkele witte vlekken van een schimmel. Nykle had voor de gelegenheid de tekst van de grafrede die ooit moet zijn uitgesproken bij zich, en droeg deze ter plekke voor.
Nadat hij en Jacob Roep naast de steen een moment stilte in acht namen en op de foto gingen, liepen we nog even bij het huisje van de beheerder langs. Hier bleek een enthousiaste man te zitten, de heer Duyvelshoff, een voormalig steenhouwer. En hij kende Hinxt ook wel degelijk! Hinxt wordt zelfs in drie pagina's genoemd in een boekje wat ter plekke te koop is over bijzondere graven op het kerkhof. Alleen jammer dat hij daarin als Leeuwarder wordt genoemd!
Volgens Duyvelshoff moet er weinig van Hinxt overgebleven zijn nadat hij in de slag omkwam. Hoewel in de verslagen staat dat hij met name aan zijn handen gewond was, zou mogelijk alleen de romp begraven zijn!
Afijn, na een gezellig onderhoud en de belofte dat we het artikel over Hinxt zouden mailen, vertrokken we weer.

Het bijzondere is dat Nykle onlangs ontdekte dat er ook nog een miniatuurportret van Hinxt bestaan heeft. Hij kwam er achter dat dit portret van Hinxt getoond is bij de Historische Tentoonstelling van Friesland in 1877 in het Hr.Ms. Paleis te Leeuwarden, naast Tjerk Hiddes de Vries!  Het is toen getoond door een verre nazaat (Tobias Theodosius Hinxt uit 's-Heerenberg), en het vermoeden was dat het daarna is overgegaan naar de familie Rompel. Dit bleek helaas bij navraag (nog) niet het geval te zijn.
Het kan ook bij nazaten in Zuid-Afrika zijn terechtgekomen. Maar mocht u het toevallig weten, laat het ons dan weten! Wordt vervolgd!


vrijdag 27 oktober 2017

Lezing HISGIS door Hans Mol en Piet de Haan op zaterdag 4 november

Waar hebben ze eigenlijk gewoond?
Prof. dr. Hans Mol geeft een toelichting op Hisgis
Wie meer wil weten over zijn voorouders wil ook weten waar ze gewoond hebben. Een handig instrument om daar achter te komen is HISGIS. Prof. Mol vertelt daar deze middag meer over. HISGIS-Fryslân is het oudste onderdeel van HISGIS. Het komt voort uit het sinds 1988 lopende project Kadastrale en Prekadastrale Atlas fan Fryslân van de Fryske Akademy. In 1998 werd begonnen met het digitaliseren van de al uitgegeven delen voor het westen en noorden van Fryslân. Eind 2005 kon de HISGIS-site gelanceerd worden.

Hisgis Dokkum wat kun je ermee?
door Piet de Haan
Piet de Haan, redacteur van de Historische Vereniging Noordoost Friesland, vertelt over het project: Dokkum ien grutte puzzel. Hoe kwam de koppeling tussen enerzijds de kadasternummers van 1832 en anderzijds de nummering van de Reële goedschatting van 1805 tot stand? Wat waren de problemen en hoe werden ze opgelost? Wat zijn tot nu toe de resultaten en wordt er al gebruik van gemaakt?

Belangstellenden zijn van harte welkom op deze bijeenkomst!
De locatie is Café Wouters, Sophialaan 5, Leeuwarden tegenover het centraal station en het busstation.
Zaterdag 4 november.
Aanvang 13.30 uur. Toegang is vrij. Parkeren kunt u in de parkeergarages Zaailand en de Klanderij en op de P+R parkeerplaats Wijnhorsterstraat, achter het station.

woensdag 25 oktober 2017

Leeuwarden ontvangt grootste familie-historisch festival van Nederland in 2018

Het CBG|Centrum voor familiegeschiedenis organiseert samen met Tresoar en het Historisch Centrum Leeuwarden op zondag 3 juni 2018 het Famillement - het grootste evenement op het gebied van familiegeschiedenis in Nederland.

Het Famillement is een gratis evenement dat zowel leken als gevorderden op het terrein van (familie)geschiedenis veel te bieden heeft.

Voor 2018 is Leeuwarden als locatie gekozen omdat de stad dan culturele hoofdstad van Europa is. Het CBG heeft samen met Tresoar en het Historisch Centrum Leeuwarden (HCL) de organisatie in handen. Op het programma staan interviews, workshops, lezingen, rondleidingen en een informatiemarkt. Onderwerpen die aan bod komen zijn onder andere ontwikkelingen op het gebied van DNA-onderzoek en Friese geschiedenis. Ook worden dit jaar activiteiten voor kinderen georganiseerd. Plaats van handeling zal zijn Stadsschouwburg De Harmonie, Tresoar en HCL.


De komende maanden wordt het volledige programma bekend gemaakt op www.famillement.nl

De Historische Vereniging Noordoost Friesland had afgelopen jaar, in Utrecht, een drukbezochte stand en zal ongetwijfeld in 2018 ook van de partij zijn!

dinsdag 17 oktober 2017

Verslag ledendag Historische Vereniging Noordoost Friesland te Kollum

Op zaterdag 14 oktober 2017 werd de traditionele najaarsbijeenkomst van de Historische Vereniging Noordoost Friesland in Kollum gehouden. Het bestuur had een gevarieerd programma opgezet. We werden `s morgens bij Kollumer Museum Mr. Andreae vriendelijk met koffie en oranjekoek ontvangen.
We kregen een korte introductie over het ontstaan en de opzet van het museum. Daarna volgden twee lezingen. Eén van redacteur Hans Zijlstra, over de Doutzen Kroes van de zeventiende eeuw: Lisck van Eysinga (1595-1624). Deze lezing werd live via Twitter uitgezonden en kunt u hier terugkijken: https://www.pscp.tv/w/1yNxaVaDEMlKj

Volle zaal bij ledendag in Kollum


Wibo Boswijk heeft een portret schilderij van Lisck van Eysinga. Over haar zal nog een artikel in De Sneuper worden gepubliceerd, naar aanleiding van een vondst in een Album Amicorum over haar en een afgewezen liefde, Anthonius van Aylva.
Daarna volgde een lezing van dr. Oebele Vries over het Kollumer oproer van 1797. Vries is bestuurslid van museum Andreae en heeft zich jarenlang in het Kollumer oproer verdiept. In het museum zijn prachtige zaken rondom het oproer te bezichtigen.
U kunt hier de lezing van Oebele Vries terugzien: https://www.pscp.tv/w/1kvJpkrglWPGE

Vervolgens werd het tijd voor een bezoek aan het museum zelf.
Diverse foto's geven u een indruk van het Kollumer oproer, het leven van Mr. Andreae en werken van schilder Ids Wiersma. Ook zijn er diverse vitrines met zilveren objecten van Kollumer zilversmeden als Pytter Martens en de familie Radema.
Daarna lunchten we in de Colle, waar traditioneel weer een lekkere broodje kroket voor elk lid lag te wachten. Na de lunch vertelden de redacteuren Nykle Dijkstra en Jacob Roep over diverse actuele projecten van de verenigingen.
Jacob vertelde over de totstandkoming van de beeldbank die dankzij webmaster Jaap-Sip Faber prachtig is opgezet en via de website is te raadplegen. Diverse foto's worden nu ook op de Facebookpagina Oud Dokkum uitgelicht. We hopen te zijner tijd de beeldbank aan Europeana te koppelen zodat via deze website iedereen in Europa de foto's kan vinden. Verder vertelde Jacob over zijn deelname aan het project van Frisian book & Paper Restorers. Zij maken in het kader van Leeuwarden Culturele Hoofdstad 2018 een historisch prentenboek van alle Friese Elfsteden. Van elke stad wordt één verhaal opgenomen waarbij een historische prent wordt getekend en gedrukt. Dit gebeurt allemaal ambachtelijk. Van de stad Dokkum heeft Jacob het zeeroversverhaal van Nykle Dijkstra aangeleverd. Daarvan wordt momenteel een historische prent gemaakt met een korte toelichting van het verhaal.
Nykle nam daarna het woord en vertelde hoe het zeeroversverhaal de afgelopen maanden het NOS, radio NPO 1 en andere regionale media wist te halen. Tijdens de Admiraliteitsdagen werd het lied ten gehore gebracht. Nadien kreeg Nykle nog veel positieve reacties en het blijft doorwerken, want misschien komt er wel een standbeeld van de rovers in Dokkum. Maar dat is toekomstmuziek.

Tot slot vertelde Nykle over de deelname van onze vereniging aan de Historicidagen die op 24, 25 en 26 augustus in Utrecht plaatsvonden. Onze vereniging gaf daar een sessie met vier andere historici. We hebben onze werkwijze met wetenschappers en Sneupers gepromoot aangezien daar prachtige projecten uit voort zijn gekomen. Wij hopen dat meer historische verenigingen in Nederland met wetenschappers gaan samenwerken. Dit kan tot mooie resultaten leiden.

Na de lunch brachten we eerst een bezoek aan de Maartenskerk Deze heeft prachtige oude muur- en plafondschilderingen, vele herenbanken (met familiewapens van oa families Botnia, Broersma, Van Rosema, De Schepper), een Van Gruisenorgel, een rouwbord van Eyso de Wendt (rijk geworden bij de VOC in China) en bijzondere grafzerken.
De echtgenoot van Lisck van Eysinga, Hessel van Meckema ligt met een grote steen op het koor, waar ook een voormalig ingang naar de grafkelder lijkt te zijn (een rijtje zwarte stenen dwars boven de grafsteen).
Ook de gelijknamige overgrootvader van de kunstschilder Hermannus Collenius ligt met een grafsteen op het koor.
Boven een deur een mooi schilderij met putti, door Wessel Pieters Ruwersma, een leermeester van Willem Bartel van de Kooi en in de consistoriekamer een gevelsteen uit 1695 van de 7 Kamers , een voormalig woningencomplex. Kortom een rijk bedeelde kerk!
Van een heel andere aard was de Oosterkerk met zijn bijzondere interieur. Deze gereformeerde kerk is verrassend kleurrijk en ontworpen door architect Egbert Reitsma, die lid was van de Groninger Ploeg en de kerk in Amsterdamse Schoolstijl liet bouwen.

De foto-impressie gemaakt door Jacob Roep kunt u hier bekijken.
Ook een online album gemaakt door Hans Zijlstra

We hebben nu al veel zin in de voorjaarsbijeenkomst van 2018. Daar kunt u ook bij zijn! Nadere informatie volgt in De Sneuper.
Word nu lid via dit aanmeldformulier op onze site: http://www.hvnf.nl/aanmeld-formulier/

maandag 16 oktober 2017

Online beeldbank van de Historische Vereniging Noordoost-Friesland

Een jaar geleden deed Jacob Roep een voorstel binnen de redactie tot het maken van een beeldbank voor de beeldcollectie van de vereniging. Destijds reageerde de redactie erg enthousiast op dit initiatief. Er werd veel overlegd aan welke voorwaarden de beeldbank in dat geval moest voldoen. Dit werd in nauw overleg met het bestuur en de webmaster Jaap-Sip Faber gedaan. Zowel het bestuur als Jaap-Sip stonden achter het initiatief tot het realiseren van de beeldbank. Na een jaar van hard werken, is de beeldbank een feit!

Vooraf werden diverse programma’s (CMS’en) voor de beeldbank bekeken en getest. Uiteindelijk werd besloten de beeldbank binnen de website van de vereniging (www.hvnf.nl) te integreren. Dankzij de kunde en het geduld van onze webmaster Jaap-Sip werd de beeldbank stukje bij beetje opgebouwd. Jaap-Sip is grondig te werk gegaan en heeft bij diverse mensen en instellingen advies ingewonnen, zoals bij collectievormer Hans Laagland van Tresoar, medewerkers van Picturae en Europeana. Op basis van deze contacten werden de voorwaarden opgesteld waaraan de beeldbank moest voldoen. Zo voldoet iedere foto in de beeldbank aan de Dublin Cores. Dit is een internationale standaard voor meta-data waaraan de omschrijvingen van een foto moet voldoen, zoals een titel, auteur, labels, omschrijving, datum, locatie, enz. Op deze wijze zijn de afgelopen maanden vele foto’s aan de beeldbank toegevoegd.

Het resultaat mag er zijn. U kunt de beeldbank in het menu bovenaan de website van de vereniging vinden: www.hvnf.nl
Vervolgens kunt u honderden foto’s bekijken. Via een zoekbalk kunt u op trefwoord naar foto’s zoeken maar ook op basis van labels. Bij iedere foto staan deelknoppen waarmee u de foto via social media kunt delen. Tevens kunt u bij iedere foto een reactie plaatsen. Verder kunt u de foto’s uitvergroten zodat u de details op de foto nog beter kunt zien. Met alle reacties van bezoekers hopen wij meer informatie over onze beeldcollectie te verzamelen.
Tot slot willen we nog melden dat er automatisch een backup (reservekopie) van de beeldbank wordt aangemaakt. Dit verkleint de kans op het verliezen van foto’s in de toekomst mocht er iets met de website gebeuren.

Op onze Facebookpagina en die van Oud Dokkum zullen de komende tijd regelmatig foto’s uit de beeldbank worden geplaatst. Zo kunnen vele mensen van de oude foto’s genieten. Mocht u ook foto’s voor onze beeldbank ter beschikking willen stellen dan kunt u die mailen naar info@hvnf.nl
Ook voor vragen en opmerkingen kunt u bij dit e-mailadres terecht. 

vrijdag 13 oktober 2017

Poezie-album Trijntje Vrolijk uit Sneek op Amsterdamse rommelmarkt

Na het bezoeken van de tentoonstelling over Johannes Maelwael in het Rijksmuseum in Amsterdam liep ik nog even over het Museumplein. Er stonden nog diverse marktkraampjes, die zo langzamerhand aan het afbreken waren. Bij een van de laatste kraampjes stond een jongeman door een oud boekje te bladeren, en toen ik over zijn schouder meekeek zag ik plots de handgeschreven naam Zijlstra.

Nieuwsgierig pakte ik het boekje op nadat hij het had teruggelegd. Het bleek een poezie-album uit 1918 van ene Trijntje Vrolijk uit Sneek.
Bijna alle versjes, met bijbehorend plaatje zijn door mensen uit Sneek in 1918 en 1919 geschreven. Het begint met haar vader en moeder en daarna volgen namen als Feenstra, Hoekstra, Postma, Zijlstra, Hammersma en Henstra.
In totaal staan er 30 versjes in (veel hebben de aanhef Zus of Zusje), voor de volledigheid van de volgende personen (ze begon dichtbij huis):  Pa Vrolijk, Ma Semplonius, Broer Jo, Broer Henk, Nicht Eberdina. En verder:
G vd Sluis, onderwijzeres
Aebeltje Zijlstra
JW Zijlstra
Schoolvriendin Sjoe Feenstra
Idem Hielkje Hoekstra
Nicht Helena
Vriendin Jantje Ferwerda
A Dijkstra
Aerie Pschitizki
Marijke Hoekstra
M Henstra
Tante Janna
Grietje Vis
Gretha Westra
T Postma
Jacoba Zijlstra
Reintje Baning
Marianne Reindorp
H de Jong
Hermina de Vries
Tante Ydema (?)
A Hammersma
F Terpstra

Trijntje is geboren in 1909 in Sneek, dus toen circa 9 jaar oud: dochter v Pieter Vrolijk en Geesje Semplonius. De ouders huwden in 1898 in Sneek, hij van Sneek en zij van Oosterwierum. Ze woonden in Sneek aan de Prins Hendrikkade 46a.

Ik vroeg via Twitter of het Museum Sneek, beter bekend als het Fries Scheepvaartmuseum, interesse had. En dat hadden ze!
Binnenkort zullen ze het album aan hun (bibliotheek-)collectie kunnen toevoegen en nakomelingen of andere sneupers er mogelijk nog plezier van hebben.










maandag 9 oktober 2017

Friese Flora Saskia van Uylenburgh steelt show in Amsterdam

Begin mei was ik in Rusland, in Sint-Petersburg en Moskou. In Sint-Petersburg, vanaf 1703 door tsaar Peter gebouwd met behulp van o.a. veel ambachtslieden uit de Republiek, moet je natuurlijk het wereldberoemde Hermitage bezoeken.
In de loop der eeuwen zijn door de tsaren honderden Hollandse meesters verzameld, die dan ook na aankoop nooit meer in Nederland te zien waren. Deze schilderijen werden vaak via agenten op veilingen gekocht en per schip over de Oostzee getransporteerd. Eenmaal ging dit mis en belandde de lading van 27 Hollandse Meesters in het schip de Vrouw Maria op de zeebodem!

Een van de mooiste schilderijen in de vaste collectie in Sint-Petersburg is Rembrandts Flora, een portret van zijn Friese echtgenote Saskia van Uylenburgh, die hij in hun trouwjaar 1634 schilderde. Argeloos kijkt ze de aanschouwer aan. In hetzelfde jaar schilderde Rembrandt de inmiddels beroemde portretten van Marten en Oopjen, terwijl Wybrand de Geest (in 1622 getrouwd met Hendrickje Uylenburgh, een nicht van Saskia) de weelderige Vrijheer van Ameland, Wytze van Cammingha schilderde.

Saskia, geboren in Leeuwarden, woonde vanaf haar twaalfde, toen ze wees werd (1624), met haar broer Geert en zus Titia in het gezin van haar oudere zus Hiskje van Uylenburgh in Sint Annaparochie. Hiskje van Uylenburgh was gehuwd met jurist Gerrit van Loo, secretaris van Het Bildt.
Saskia woonde in 1634 tijdelijk in Franeker, waar ze haar zwager, de Poolse hoogleraar Johannes Maccovius, hielp nadat zijn vrouw Antje van Uylenburgh was overleden.
In 1642 overleed Saskia op 29-jarige leeftijd, vermoedelijk aan tuberculose. Ze werd begraven in de Oude Kerk te Amsterdam, waar hedentendage haar grafsteen nog te zien is. Elk jaar op 9 maart om precies acht over half negen in de ochtend valt de zon op het graf. Er is dan een ontbijtbijeenkomst in de kerk met muziek en een korte lezing.

Sinds afgelopen week is Saskia, middels haar portret als Flora, terug in Amsterdam. Het Hermitage in Sint-Petersburg heeft haar, samen met diverse andere Hollandse Meesterwerken, uitgeleend aan het Hermitage aan de Amstel in Amsterdam. Daar schittert ze nu in het middelpunt van wat al het Rembrandtplein wordt genoemd, de centrale ruimte met diverse schilderijen van Rembrandt, maar ook van fijnschilder Gerard Dou, de zoon van Harlinger glasschilder Douwe Jans. (Dou is dus een verkorte versie van het patroniem Douwes.)

maandag 25 september 2017

Ids Wiersma, kunstschilder uit Brantgum

Recentelijk kwam bij het televisieprogramma Tussen Kunst en Kitsch in het Fries Museum een schilderij van Ids Wiersma aan het licht. Het toonde op het land werkende mensen met korenschoven en een kerk op de achtergrond. Dat deed me direct aan Noordoost-Friesland denken. Welk dorp het precies is weet ik niet, maar wellicht herkent een van de lezers het.


Wiersma werd ook wel de Monet van Friesland genoemd. En inderdaad hebben zijn schilderijen wel iets weg van zijn stijl.

De in 1878 in Brantgum geboren kunstschilder (zoon van arbeider Doeke Goslings Wiersma en Eeke Idzes Koopmans) begon aanvankelijk als huisschilder maar kwam al gauw onder de aandacht van kenners. Uiteindelijk kon hij toch naar de Tekenacademie in Den Haag en zo tekende hij o.a. voor het Koninklijk Huis, als lid van de Haagse Pulchri Studio. Ook maakte hij muurschilderingen voor de Rijksmunt in Utrecht. Nadat hij een tijdje tekenleraar was geweest keerde hij terug naar Friesland om als kunstschilder het boerenleven te vereeuwigen.
Hij woonde ook enige tijd in Amsterdam, waar hij het verdwijnende stadsleven in beeld bracht en ook huwde. Het Stadsarchief Amsterdam bewaart 46 tekeningen van hem.

Toen ik het op ons Twitterkanaal meldde kreeg ik een reactie van Louw Dijkstra van Uitgeverij Wijdemeer, die een vergelijkbaar schilderij van Ids Wiersma kende, met daarbij op de achtergrond een wel herkende kerk, die van Dronrijp, in 1923. De overeenkomst in compositie is frappant, maar is de andere inderdaad in Noordoost-Friesland ontstaan?
Ids Wiersma, Dronrijp 1923

maandag 18 september 2017

Voorintekenaktie Dokkumer Bierboek

In Dokkum wordt sinds kort weer Bonifatiusbier gebrouwen en op de markt gebracht. De geschiedenis van het Dokkumer bier lijkt op de geschiedenis van de stad Dokkum. Het brouwen en drinken van bier is bijna zo oud als de mens zelf. In de Bonifatiusstad is die biertraditie annex aan de Bonifatiusbron of -fontein. Binnen de bolwerken waren ooit bijna twintig brouwerijen gevestigd!

Warner B. Banga en Piet de Haan, twee ‘sneupers’ van de Historische Vereniging Noordoost-Friesland, onderzochten op verzoek van de stichting Dockumer Biergilde het bierbrouwen in Dokkum door de eeuwen heen. Zij haalden uit eeuwenoude archieven de historie van de bierbrouwersstad Dokkum uit de vergetelheid...

Verbluffend veel feiten en gegevens over het bierbrouwen in de noordelijkste stad van Nederland in een boek van ruim 300 bladzijden dik. Dat komt eind dit jaar uit en is nu verkrijgbaar met een aantrekkelijke korting bij voorintekening. Zie ook onze digitale flyer met bestelformulier.

Het standaardwerk over het bierbrouwen in de Bonifatiusstad wordt uitgegeven door de stichting Historia Doccumensis en wordt geheel in full colour uitgevoerd met een harde kaft.
Naast een enorme hoeveelheid informatie over bierbrouwen en de biercultuur van Dokkum, bevat het boek de geschiedenissen van 20 Dokkumer brouwerijen en een uitgebreide namenindex voor genealogen en speurders naar familiegeschiedenissen.

Het boek zal in de winkel € 24,95 gaan kosten, maar is vooraf te bestellen voor € 17,50 via www.historia-doccumensis.nl.

zondag 10 september 2017

Boek over verloren gewaand Dokkumer skûtsje

De familie Van der Werf heeft afgelopen donderdag het boek over het verloren gewaande familieskûtsje Eben Haëzer aangeboden aan bestuursvoorzitter Hylke Heidstra van Skûtsje Stêd Dockum. ,,Heidstra jout  mei syn stichting ús skûtsje in nije takomst. Hy set him der tige foar yn. En mei sukses, want 4e wurde foar de earste kear yn de 3e klasse fan de IFKS is in boppeslach. Wy fertrouwe ús skip graach oan him ta’’, aldus Sytse van der Werf die het boek over de rijke historie van het skûtsje samen met de andere familieleden Henk, Sjoerd, Bram en Klasina van der Werf presenteerde. ,,Troch dit boek realisearje je jo wat je yn hannen ha. Dan krije jo yn ‘e gaten werom it sa wichtich is dat ús histoarje en dizze skippen bewarre bliuwe moatte. It skip hat in siel krigen. Sa fielt it.’’

Wethouder Pieter Braaksma van de gemeente Dongeradeel kreeg eveneens een exemplaar. ,,Wy hoopje dat - mei jim stipe - it skûtsje Dokkum en de Dongeradielen mar goed op de kaart sette mei. Der twivelje wy net oan’’, zegt Van der Werf. Braaksma stelt dat het een grote wens van hem is dat er steeds meer schepen in de haven van Dokkum komen te liggen, zodat het een echte museumhaven wordt. Ook voorzitter Jan-Michiel van der Gang van de Admiraliteitsdagen ziet de Dokkumer vloot graag uitbreiden in het kader van hét maritieme festival. Dit skûtsje past daar precies bij. Na de presentatie ging de Dorpenslag van start. Het was deze eerste avond meteen al gezellig druk in de stad. De hele kade stond vol met mensen die de deelnemers aanmoedigden. Een mooi begin van de Admiraliteitsdagen 2017.

De eerste druk van het boek over het skûtsje Eben Haëzer is inmiddels al uitverkocht, maar het boek kan besteld worden via skutsjeebenhaezer@outlook.com of tel: 06-40371514. Zie ook www.steddockum.nl

zaterdag 19 augustus 2017

De Sneuper 127, september 2017, met piraten, vluchtelingen en bruidsschat

Het najaarsnummer van ons verenigingsblad De Sneuper, nummer 127, heeft als thema de Admiraliteit van Friesland, die van de start in 1597 tot 1645 in Dokkum gevestigd was. Dit sluit ook mooi aan op de Admiraliteitsdagen die begin september in Dokkum plaatsvinden. Daar zal het door ons redactielid Nykle Dijkstra ontdekte beklaglied worden opgevoerd door het Shantykoor Admiraliteitssjongers, wat ook een belangrijk verhaal in dit nummer van De Sneuper is.

Het schilderij op de cover is gemaakt door de beroemde Abraham Storck Sr. Het werd ontdekt door ons lid Wibo Boswijk bij een antiquair in België en zit nu in de collectie van het Fries Scheepvaartmuseum. Het toont het vlaggenschip Groot Frisia van admiraal Tjerk Hiddes de Vries, evenals het schip De Postiljon van zijn broer Barend.

In dit nummer van De Sneuper naast het verhaal over het beklaglied opnieuw een artikel van Eimert Smits F.Azn. dat al een paar jaar in onze kopijmap zat: in een themanummer over de Admiraliteit mag een uitleg over het wapen van de Admiraliteit (met aanvullingen van Hans Zijlstra) niet ontbreken.
Sake Meindersma neemt weer een genealogisch artikel voor zijn rekening over de bruidsschat van Fettje D. Meindersma en Antonia Veldhuis vertelt hoe het de criminele Aaltje Jans uit Dokkum verging.
Natuurlijk het vervolg en derde deel over vluchtelingen en evacués in Oostdongeradeel tijdens de laatste wereldoorlog door Doede Douma en Reinder Tolsma, die ook aan een boek over dat onderwerp werken.
Hilda Bouta haar schrijfwerk voor de rubriek ‘Veldpost uit WO I‘ zit erop; wie neemt het stokje over met een nieuwe rubriek in De Sneuper?

Zo is De Sneuper 127 afwisselend en interessant voor iedereen, maar natuurlijk kan uw artikel daaraan bijdragen in een volgend nummer... Want wij blijven afhankelijk van de kopij van onze leden. Stuur dus vooral uw bijdrage in! De kopijvoorwaarden kunt u online inzien.

De najaarsledenbijeenkomst is op zaterdag 14 oktober in Kollum
We zullen dan een bezoek brengen aan het nieuwe museum Kollum Mr Andreae van de vroegere Oudheidskamer en twee kerken: Maartenskerk en Oosterkerk. Het museumgebouw Oostenburg staat aan de Oostenburgstraat 2. Mogelijk komen we nog met een bijzondere onthulling!
Komt allen tezamen op deze bijzondere dag en meldt u aan bij penningmeester Arjen Dijkstra of telefoon 0519 -589674 (graag na 19.00 uur)!

Inhoudsopgave:
HISTORIE & STREEKGESCHIEDENIS
- Zeerovers gehangen bij de kettingbrug, Nykle Dijkstra
- Admiraliteitssjongers op piratenjacht, Pieter Zuidema
- Het wapen van de Friese Admiraliteit, Eimert Smits Fazn, Hans Zijlstra
- Vluchtelingen in Oostdongeradeel (3), Doede Douma en Reinder Tolsma

GENEALOGIE & FAMILIEGESCHIEDENIS
- De bruidsschat van Fettje Meindersma, Sake Meindersma

- Criminele Aaltje Jans uit Dokkum, Antonia Veldhuis
 
RUBRIEKEN & COLUMNS
- COLUMN: Je mutte mar hoare...,Ihno Dragt
.
- Veldpost WO I: Einde en nieuw begin, Hilda Bouta 
- Heraldiek, dorpswapens Niawier en Oosternijkerk, Rudolf J. Broersma
 
DIGITAAL, ACTUEEL & VARIA
 
- WEBSITE & -BLOG: Sneupers helpen!, Hans Zijlstra

Op de Praatstoel 2: verhalen uit NOF. Bestel dit fantastische boek (leuk als kadootje)! Slechts 10 euro voor ruim 400 pagina's hardcover (plus verzendkosten 6,75 ivm dikte boek. Af te halen in Dokkum zonder verzendkosten).
 
Wilt u ook meegenieten van de interessante verhalen uit onze regio, dan kunt u zich eenvoudig aanmelden als lid (slechts 15 euro per jaar voor oa 4 x De Sneuper) via dit online formulier.

U kunt ook altijd een ruim van de belasting aftrekbare gift doen. Wij zijn immers een Algemeen Nut Beogende Instelling: Culturele ANBI. Voor donateurs van culturele ANBI’s geldt een extra giftenaftrek. Particulieren mogen in de aangifte inkomstenbelasting 1,25 keer het bedrag van de gift aftrekken. Ondernemingen die onder de vennootschapsbelasting vallen, mogen 1,5 keer het bedrag van de gift aftrekken in de aangifte vennootschapsbelasting.
Dus een particulier die 1000 euro schenkt mag 1250 euro van de belasting aftrekken, een bedrijf zelfs 1500 euro.

woensdag 16 augustus 2017

Jonge redacteuren De Sneuper presenteren op Historicidagen 2017

Van 24 tot en met 26 augustus worden in Utrecht de Historicidagen 2017 gehouden. Het is een initiatief van KNHG in samenwerking met de Universiteit Utrecht.
Jacob Roep (l) en Nykle Dijkstra in VOC hoofdkwartier

Drie dagen vol inspirerende lezingen, debatten en workshops over alle mogelijke aspecten van geschiedbeoefening nu, voor alle historici: studenten, docenten, onderzoekers, historici werkzaam in archieven, musea, erfgoed, zzp-ers, kunsthistorici en publiekshistorici.

Een van de sessies wordt mede verzorgd door twee van onze jonge redacteuren, Nykle Dijkstra en Jacob Roep.

Op zaterdag 26 augustus vanaf 11 uur is deze parallelsessie:
De interactie tussen geschiedbeoefenaren en hun publiek: vervagende en nieuwe grenzen Wetenschappers en instellingen als archieven, musea en historische verenigingen zoeken meer dan voorheen het contact met hun publiek. Omgekeerd melden zich steeds vaker groepen in de samenleving die op zoek gaan naar een (nieuwe interpretatie van) hun eigen geschiedenis.
De grens tussen professioneel en amateur vervaagt en grenzen worden geslecht, maar er worden ook nieuwe grenzen zichtbaar.
  • Wat hebben beide werelden elkaar te bieden?
  • Hoe kunnen ze elkaar versterken?
  • Waar gaat de samenwerking knellen?

Dit panel bestaat uit verschillende korte presentaties, die uitmonden in stellingen of dilemma’s over verschillende soorten grenzen die met de zaal worden besproken: grenzen tussen amateurhistorici (‘sneupers’ in het Fries) en professionele historici, tussen distantie en betrokkenheid, tussen instellingen en hun publiek.

Moderator: Arnoud-Jan Bijsterveld (o.v.).

Sprekers: Jacob Roep en Nykle Dijkstra (Historische Vereniging Noordoost-Friesland), Arnoud-Jan Bijsterveld (Tilburg University), Dolly Verhoeven (RU), Kees Ribbens (NIOD/EUR), Paul Knevel m.m.v. studenten (UvA).


Zie ook het volledige programma, en kom langs!

vrijdag 11 augustus 2017

De Talsma-eendenkooi van Schiermonnikoog

Als u binnenkort op Schiermonnikoog bent, dan moet u zeker eens een bezoek brengen aan de eendenkooi van Talsma.
Deze kooi bij de zogenaamde Kooiplaats (boerderij met kooi) wordt nog steeds gerund door de oude heer Theun Talsma. Dezelfde familie kennen we ook van een kooi bij de Anjumer kolken
In 2012 bezochten we de Van Asperenkooi tijdens een ledendag. De cover van De Sneuper 110 was gesierd met een foto van die kooi.

Tijdens een rondleiding ga je de bebossing rond de omwalde eendenvijver in en vertelt Talsma over de geschiedenis en gebruiken rond de kooi. Vele spreekwoorden zijn gebaseerd op het leven van de kooiker en zijn eenden: de pijp uit gaan, achter de schermen werken etc.

In de Schiermonnikoger kooi komen tal van eendensoorten voor. Ik zag bergeenden, kuifeenden, smienten, talingen en zelfs een gans, die ooit door een eend is uitgebroed in een van de ingegraven melkbussen. De tamme eenden lokken de wilde eenden die gevangen gaan worden. Tegenwoordig is dat alleen nog maar om te ringen.

In het kooikershuisje binnen de kooi staan diverse gereedschappen en ook enkele kleine stukjes turf. Die werden gebruikt om al smeulend de menselijke geur te camoufleren van de naderende kooiker.
Aan de rand van de kooi is ook een klein gedenkteken opgericht met het jaartal 1945, dat herinnert aan het feit dat Schiermonnikoog als een van de laatste plekken bevrijd werd. Collaborateurs uit het Groningse Scholtenhuis hadden zich in hutten in de kooi ingegraven, maar werden uiteindelijk verwijderd.

Rondom de kooi loopt een pad dat helemaal bedekt is met mos. Talsma verwijdert hier regelmatig het gras om het zachte tapijt te onderhouden dat de voetstappen, en dus de geluiden, dempt.
Er groeien ook enkele pruimenbomen in de kooi. Die smaken heerlijk bij een stukje eendenvlees!

Mooi dat zo'n stuk cultureel erfgoed door de familie Talsma in stand gehouden wordt!