Ons erelid Reinder Tolsma heeft weer prachtig werk verricht! De laatste tijd zijn er drie nieuwe indexen beschikbaar gekomen op de website van onze vereniging, terwijl een vierde index in opbouw is. Het aantal namen dat in die indexen voorkomt bedraagt al meer dan 13.600 en wordt alleen nog maar groter. Dit wordt ook beschreven in De Sneuper 121 van maart 2016 en zullen we met enige regelmaat verversen.
1.Index op de floreenkohieren van Oostdongeradeel (6083 namen)
Deze index staat al enige tijd op de webside. De floreenkohieren geven naast de eigenaren, gebruikers, naastlegers en grootte ook de belasting weer die voor elke boerderij betaald moest worden. Deze floreenrente gaat terug tot het Register van Aanbreng uit 1511, eigenlijk het eerste floreenkohier. Nadat in 1640 het aan het floreenkohier gekoppelde stemkohier opnieuw wordt vastgelegd, worden in 1698 de floreenkohieren vernieuwd en daarna iedere 10 jaar aangepast tot 1858, het jaar waarin ook de kadastrale nummers per boerderij worden weergegeven waardoor lokalisatie van de boerderij mogelijk wordt. Zo is in veel gevallen de bezitsgeschiedenis van een boerderij van 1511 tot 1858 te volgen.
Het belang van de floreenkohieren voor de hedendaagse onderzoeker is velerlei. Omdat op de genoemde boerderijen ook het stemrecht in dorps- en grietenijzaken rustte, kan worden nagegaan wie er in dorp en grietenij veel te zeggen had. Voor genealogen is ook veel uit deze index te halen omdat de gebruikers worden genoemd. Soms is iemand te volgen op meerdere boerderijen, een enkele keer in meerdere dorpen. Soms wordt een boerderij generaties lang door dezelfde familie gebruikt, maar er zijn ook boerderijen die vrijwel elke tien jaar een andere gebruiker hebben.
De prachtig gerestaureerde boerderij Humaldawei 37 te Ee, in het floreenkohier bekend onder nummer 10, is niet meer in gebruik voor het boerenbedrijf.
2.Index op de weesboeken van Oostdongeradeel (4158 namen)
Bleven er na het overlijden van de ouders minderjarige wezen over dan werden er door het nedergerecht voogden aangewezen, waarvan nota werd gemaakt in het autorisatieboek; van Oostdongeradeel zijn ze van 1614-1810 aanwezig en van de jaren 1656-1810 heeft de FAF indexen gemaakt.
De benoemde voogden waren aanwezig wanneer door het gerecht een inventaris (later opgenomen in het weesboek) opgemaakt werd na het overlijden van de ouders. Ook als één van de ouders overleed, werd een inventaris opgemaakt om het moeders- of vadersaandeel van de kinderen te bepalen, zeker wanneer de andere ouder wilde hertrouwen. Naast de namen van de ouders, de kinderen (en hun leeftijd!) en de voogden (meestal een oom van moeders- of vaderskant) vindt men ook eventueel de tweede echtgenoot en de woonplaatsen vermeld. Van Oostdongeradeel zijn deze ‘weesboeken’ bewaard gebleven van 1582-1810 in maar liefst 35 delen.
U wordt al een heel eind op weg geholpen met de Uittreksels van de Weesboeken Oostdongeradeel van 1691 tot 1810.
3.Index op de grondpachten van het weeshuis te Dokkum (2927 namen)
De armvoogdij/weesvoogdij had verschillende inkomsten, van de verhuur van de Westerisselanden tot oortjesgelden, marktgelden, collecten, gaven bij het beluiden der doden en bij de verkoop van beurtschepen enz.
Een belangrijke vaste post was die van de grondpachten en eeuwige renten die op huizen in de stad Dokkum, maar ook op landerijen en boerderijen in de regio rustten en die jaarlijks konden worden geïnd. Deze grondpachten zijn op enig moment aan het gasthuis geschonken, de oudste gegevens daarover in de registers komen uit 1509.
Deze registers zijn bijgehouden van 1585-1819 en bevatten honderden namen van eigenaren en bewoners van huizen die een jaarlijkse grondpacht moesten betalen aan het weeshuis. Per huis is zo de bewoningsgeschiedenis na te gaan van 1585 tot na 1800 en daarmee zijn deze ‘staten’ een unieke bron. Door de gegevens uit deze staten te koppelen aan het reëelkohier vanaf 1711 komen er tot 1805 nog meer gegevens beschikbaar.
Redacteur en lid van onze vereniging, Piet de Haan, is er in geslaagd om het reëelkohier weer te koppelen aan kadastrale leggers vanaf 1832 waardoor van een aantal huizen in Dokkum gegevens beschikbaar komen vanaf 1585 tot aan onze tijd.
Uit de gegevens over de 148 in de ‘staten’ genoemde huizen zijn in totaal 2927 namen van eigenaren/bewoners gehaald, een prachtige bron voor genealogen met voorouders uit Dokkum: de straat waarin hij of zij woonde, soms zelfs het huisnummer, en de jaren waarin raken hierdoor bekend. Sommige personen zijn in meerdere huizen te volgen of werden van bewoner eigenaar (ook andersom!).
4.Stedepachten, 1630 (466 namen)
In het archief van de stad Dokkum is het volgende archiefstuk opgenomen:
"Stadsgrondpachten iaerlijx opden 1 Maij verschinende soo wel van heer Magnus, Heer Hardus ende heer Hidde, lenen, kercke grondpachten ende andere". Dat register lijkt een mooie aanvulling op de index van de hierboven genoemde registers van grondpachten van het weeshuis. Dit register is weliswaar maar van één jaar, maar bevat toch weer 233 huizen/kamers. Opgeteld bij de 148 huizen uit de weeshuisboeken zijn dat in totaal 381 huizen in de stad Dokkum waarvan gegevens beschikbaar komen
Vroeg floreenregister
Het tweede gedeelte van dit register bevat de: ‘Florenen van landen onder dese stads tafel schietende ende alle tue maenten betaelt wordende’. Daarmee is een vroeg floreenregister nu ook ontsloten want zoals hierboven al is geschreven zijn van de meeste grietenijen de floreenkohieren pas bewaard gebleven vanaf 1698.
Laat het ons weten als u iets moois vindt en/of er een artikel voor De Sneuper over wilt schrijven!
Posts tonen met het label Floreenkohieren. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Floreenkohieren. Alle posts tonen
maandag 14 maart 2016
Vier nieuwe indexen: Floreenkohieren, Weesboeken, Grondpachten en Stedepachten
Labels:
1630,
1640,
1698,
boerderijen,
dokkum,
Dongeradelen,
Floreenkohieren,
Friesland,
genealogie,
grondpacht,
namen,
Oostdongeradeel,
plaetsen,
stamboom,
stedepachten,
stemkohieren,
weesboeken
maandag 9 juni 2014
Index op de floreenkohieren van Oostdongeradeel.
Onze actieve leden zullen de prachtige online bronbewerkingen op onze website wel kennen, maar
let op, er komen regelmatig nieuwe bij!
Ons erelid Reinder Tolsma heeft onlangs de floreenkohieren van Oostdongeradeel eens even netjes op een rijtje gezet.
Deze index betreft de namen van eigenaren en gebruikers van alle 325 stemdragende boerderijen in de 13 dorpen van Oostdongeradeel. Bedoeld worden: Aalsum, Anjum, Ee, Engwierum, Jouswier, Lioessens, Metslawier, Morra, Niawier, Oosternijkerk, Oostrum, Paesens en Wetsens. In totaal worden 6083 regels weergegeven waarbij, alle dorpen meegerekend, 4058 unieke namen worden vermeld. Gezegd dient te worden dat veel eigenaren in meerdere dorpen voorkomen, voor de gebruikers geldt dat meestal niet.
De floreenkohieren geven de eigenaren, gebruikers, naastlegers, grootte en de grondbelasting weer die voor elke boerderij betaald moest worden. Deze floreenrente gaat terug tot het Register van Aanbreng uit 1511, eigenlijk het eerste floreenkohier. In 1700 worden de floreenkohieren vernieuwd waarna in 1708 en daarna iedere 10 jaar de kohieren worden aangepast. Het jaar 1808 wordt overgeslagen maar daarna lopen de kohieren door tot 1858, het jaar waarin ook de kadastrale nummers per boerderij worden weergegeven waardoor localisatie van de boerderij mogelijk wordt. Via de “Kadastrale en Pre-kadastrale atlas van Friesland”, deel 17 Oostdongeradeel, is dat door de Fryske Akademy in boekvorm uitgegeven en op internet te raadplegen via HisGis. Zo is in veel gevallen bezitsgeschiedenis van een boerderij van 1511 tot 1858 te volgen.
Het belang van de floreenkohieren voor de hedendaagse onderzoeker is velerlei. Omdat op de genoemde boerderijen ook het stemrecht in dorps- en grietenijzaken rustte, kan worden nagegaan wie er in dorp en grietenij veel te zeggen had. Zo koopt secretaris Wilhelmus Bergsma rond 1750 veel boerderijen op waarna hij het land verkoopt en het hornleger, waarop het stemrecht rustte, voor zichzelf houdt. Het valt ook op dat er in veel dorpen een geregelde opvolging in eigenaren voorkomt. Een veel geziene is: Wilco van Holdinga, weduwe Schwartzenbergh, Ernst van Aylva, Hans Hendrik van Haersma, Sjoerd Talma, Wilhelmus Bergsma, diens weduwe, Johannes Casparus Bergsma, Petrus Adrianus Bergsma; zij bestrijken de periode 1700-1828. Vooral in het dorp Wetsens is dit duidelijk het geval, genoemde personen waren dus in dat dorp de baas en hadden daardoor stemrecht in de grietenij Oostdongeradeel.
Voor genealogen is ook veel uit deze index te halen omdat de gebruikers worden genoemd. Soms is iemand te volgen op meerdere boerderijen, een enkele keer in meerdere dorpen. Soms wordt een boerderij generaties lang door dezelfde familie gebruikt, maar er zijn ook boerderijen die vrijwel elke tien jaar een andere gebruiker hebben.
De index heeft wel een paar nadelen.
-de kohieren werden om de 10 jaar opgemaakt, als iemand in de tussenperiode op een boerderij zat, wordt hij niet genoemd (de juiste jaren dat iemand op een boerderij zat, kunnen gevonden worden in de reeelkohieren die vrijwel van elk jaar beschikbaar zijn: nummer van floreen- en reelkohier zijn gelijk)
-het kohier van 1808 ontbreekt
-niet altijd kan het kohier vertrouwd worden of is duidelijk wie er bedoeld wordt. Zo worden de leden van de familie Van Haersma aangeduid als: grietman Haarsma, kapitein van Haersma, Heere Haersma, mevrouw Haersma, H.H. van Haersma, enz. Soms zijn vermeldingen aantoonbaar onjuist. Daarnaar zal verder onderzoek nodig zijn.
De kolommen hebben de volgende betekenis:
A. Plaats
B. Nummer van de boerderij
C. Eigenaar (e) of gebruiker (g) of eigenaar/gebruiker (e/g) van de boerderij
D. Jaren waarin deze persoon voorkomt
E. De eerste keer dat de boerderij genoemd wordt, staat hier de grootte in 1640 en 1700, de floreenrente, de naam van de boerderij, sommige toponiemen en verdere bijzonderheden. De vermelding uit het jaar 1640 komt uit het Stemkohier
Wat de schrijfwijze betreft is zoveel mogelijk uniformiteit betracht, dus niet alle vormen van Pijter, Pijtter, Pyter, Pytter enz. die in de kohieren voorkomen, maar steeds: Pyter, Rienk, Freerk, Claas enz.
![]() |
| Donia Sathe, Oosternijkerk |
Ons erelid Reinder Tolsma heeft onlangs de floreenkohieren van Oostdongeradeel eens even netjes op een rijtje gezet.
Deze index betreft de namen van eigenaren en gebruikers van alle 325 stemdragende boerderijen in de 13 dorpen van Oostdongeradeel. Bedoeld worden: Aalsum, Anjum, Ee, Engwierum, Jouswier, Lioessens, Metslawier, Morra, Niawier, Oosternijkerk, Oostrum, Paesens en Wetsens. In totaal worden 6083 regels weergegeven waarbij, alle dorpen meegerekend, 4058 unieke namen worden vermeld. Gezegd dient te worden dat veel eigenaren in meerdere dorpen voorkomen, voor de gebruikers geldt dat meestal niet.
De floreenkohieren geven de eigenaren, gebruikers, naastlegers, grootte en de grondbelasting weer die voor elke boerderij betaald moest worden. Deze floreenrente gaat terug tot het Register van Aanbreng uit 1511, eigenlijk het eerste floreenkohier. In 1700 worden de floreenkohieren vernieuwd waarna in 1708 en daarna iedere 10 jaar de kohieren worden aangepast. Het jaar 1808 wordt overgeslagen maar daarna lopen de kohieren door tot 1858, het jaar waarin ook de kadastrale nummers per boerderij worden weergegeven waardoor localisatie van de boerderij mogelijk wordt. Via de “Kadastrale en Pre-kadastrale atlas van Friesland”, deel 17 Oostdongeradeel, is dat door de Fryske Akademy in boekvorm uitgegeven en op internet te raadplegen via HisGis. Zo is in veel gevallen bezitsgeschiedenis van een boerderij van 1511 tot 1858 te volgen.
Het belang van de floreenkohieren voor de hedendaagse onderzoeker is velerlei. Omdat op de genoemde boerderijen ook het stemrecht in dorps- en grietenijzaken rustte, kan worden nagegaan wie er in dorp en grietenij veel te zeggen had. Zo koopt secretaris Wilhelmus Bergsma rond 1750 veel boerderijen op waarna hij het land verkoopt en het hornleger, waarop het stemrecht rustte, voor zichzelf houdt. Het valt ook op dat er in veel dorpen een geregelde opvolging in eigenaren voorkomt. Een veel geziene is: Wilco van Holdinga, weduwe Schwartzenbergh, Ernst van Aylva, Hans Hendrik van Haersma, Sjoerd Talma, Wilhelmus Bergsma, diens weduwe, Johannes Casparus Bergsma, Petrus Adrianus Bergsma; zij bestrijken de periode 1700-1828. Vooral in het dorp Wetsens is dit duidelijk het geval, genoemde personen waren dus in dat dorp de baas en hadden daardoor stemrecht in de grietenij Oostdongeradeel.
Voor genealogen is ook veel uit deze index te halen omdat de gebruikers worden genoemd. Soms is iemand te volgen op meerdere boerderijen, een enkele keer in meerdere dorpen. Soms wordt een boerderij generaties lang door dezelfde familie gebruikt, maar er zijn ook boerderijen die vrijwel elke tien jaar een andere gebruiker hebben.
De index heeft wel een paar nadelen.
-de kohieren werden om de 10 jaar opgemaakt, als iemand in de tussenperiode op een boerderij zat, wordt hij niet genoemd (de juiste jaren dat iemand op een boerderij zat, kunnen gevonden worden in de reeelkohieren die vrijwel van elk jaar beschikbaar zijn: nummer van floreen- en reelkohier zijn gelijk)
-het kohier van 1808 ontbreekt
-niet altijd kan het kohier vertrouwd worden of is duidelijk wie er bedoeld wordt. Zo worden de leden van de familie Van Haersma aangeduid als: grietman Haarsma, kapitein van Haersma, Heere Haersma, mevrouw Haersma, H.H. van Haersma, enz. Soms zijn vermeldingen aantoonbaar onjuist. Daarnaar zal verder onderzoek nodig zijn.
De kolommen hebben de volgende betekenis:
A. Plaats
B. Nummer van de boerderij
C. Eigenaar (e) of gebruiker (g) of eigenaar/gebruiker (e/g) van de boerderij
D. Jaren waarin deze persoon voorkomt
E. De eerste keer dat de boerderij genoemd wordt, staat hier de grootte in 1640 en 1700, de floreenrente, de naam van de boerderij, sommige toponiemen en verdere bijzonderheden. De vermelding uit het jaar 1640 komt uit het Stemkohier
Wat de schrijfwijze betreft is zoveel mogelijk uniformiteit betracht, dus niet alle vormen van Pijter, Pijtter, Pyter, Pytter enz. die in de kohieren voorkomen, maar steeds: Pyter, Rienk, Freerk, Claas enz.
Labels:
Aalsum,
Anjum,
ee,
Engwierum,
Floreenkohieren,
genealogie,
Jouswier,
Lioessens,
metslawier,
Morra,
Niawier,
Oostdongeradeel,
Oosternijkerk,
Oostrum,
Paesens,
stamboom,
Wetsens
donderdag 20 februari 2014
De huurders en eigenaren van Noord-Friesland Buitendijks vanaf 1511
Uit het onderzoek van Marjan Vroom naar de landschapsgeschiedenis van Noord-Friesland Buitendijks bleek dat het agrarische gebruik van deze kwelder in ieder geval terug gaat tot de vijftiende eeuw en waarschijnlijk zelfs tot de twaalfde eeuw.
Belangrijke bronnen hiervoor waren belasting- en andere registers. De eerste registratie om grondbelasting te kunnen heffen heet het Register van den Aanbreng.
Het “Register van den aanbreng van 1511 en verdere stukken tot de Floreenbelasting” is in 1880 opnieuw uitgegeven en in te zien bij Tresoar. Het register beschrijft in welk dorp de huurders woonden, hoeveel grond ze totaal gebruikten en wat de huurwaarde van die grond was. Bovendien is ook vermeld van welke “landheer” de grond werd gehuurd. Er zijn slechts enkele van deze registers bewaard, waaronder die van Ferwerderadeel (Holwerd staat hier ook bij). Marjan heeft de eigenaren en de huurders van het buitendijkse gebied in 1511 in een document op de website gezet.
De Stemkohieren zijn een politieke stemadministratie en bevatten per boerderij informatie over eigenaren en gebruikers. De stemcohieren van 1640, 1698 en 1728 zijn opgenomen in HISGIS. Dit is een Historisch Geografisch Informatie Systeem, waarin ruimtelijke informatie in de vorm van kaarten is verbonden met gegevens uit Kadaster, Floreenkohieren, Stemkohieren en andere bronnen. De Fryske Akademy leidt dit landelijke project (www.hisgis.nl).
Ook hiervan heeft Marjan de gebruikers en eigenaren van percelen in de kwelder in een document beschikbaar gesteld.
Op de site van de Fryske Akademy staat ook van Achtkarspelen een transcriptie van het Register van de Aanbreng.
DBNL heeft nog een scan online met oa Kollumerland en op pag.225 enkele uittreksels uit de Proclamatieboeken van Oostdongeradeel rond 1687.
Update: In Sneuper 114, juni 2014 komt een artikel over de drinkdobben door Marjan Vroom.
Belangrijke bronnen hiervoor waren belasting- en andere registers. De eerste registratie om grondbelasting te kunnen heffen heet het Register van den Aanbreng.
Het “Register van den aanbreng van 1511 en verdere stukken tot de Floreenbelasting” is in 1880 opnieuw uitgegeven en in te zien bij Tresoar. Het register beschrijft in welk dorp de huurders woonden, hoeveel grond ze totaal gebruikten en wat de huurwaarde van die grond was. Bovendien is ook vermeld van welke “landheer” de grond werd gehuurd. Er zijn slechts enkele van deze registers bewaard, waaronder die van Ferwerderadeel (Holwerd staat hier ook bij). Marjan heeft de eigenaren en de huurders van het buitendijkse gebied in 1511 in een document op de website gezet.
De Stemkohieren zijn een politieke stemadministratie en bevatten per boerderij informatie over eigenaren en gebruikers. De stemcohieren van 1640, 1698 en 1728 zijn opgenomen in HISGIS. Dit is een Historisch Geografisch Informatie Systeem, waarin ruimtelijke informatie in de vorm van kaarten is verbonden met gegevens uit Kadaster, Floreenkohieren, Stemkohieren en andere bronnen. De Fryske Akademy leidt dit landelijke project (www.hisgis.nl).
Ook hiervan heeft Marjan de gebruikers en eigenaren van percelen in de kwelder in een document beschikbaar gesteld.
Op de site van de Fryske Akademy staat ook van Achtkarspelen een transcriptie van het Register van de Aanbreng.
DBNL heeft nog een scan online met oa Kollumerland en op pag.225 enkele uittreksels uit de Proclamatieboeken van Oostdongeradeel rond 1687.
Update: In Sneuper 114, juni 2014 komt een artikel over de drinkdobben door Marjan Vroom.
Abonneren op:
Posts (Atom)


