Posts tonen met het label genootschap. Alle posts tonen
Posts tonen met het label genootschap. Alle posts tonen

zaterdag 23 januari 2016

Vernieuwde website Fries Genootschap met digitale artikelen De Vrije Fries en Fryslân

Het Koninklijk Fries Genootschap voor Geschiedenis en Cultuur, opgericht in 1827, spant zich in om het onderzoek naar en de belangstelling voor de Friese geschiedenis en cultuur te bevorderen.

Om deze doelstelling te bereiken geeft het Genootschap twee periodieken uit: het wetenschappelijk jaarboek De Vrije Fries en het publiekstijdschrift Fryslân. Daarnaast ontplooit het Genootschap nog een aantal andere activiteiten zoals excursies, lezingen en een website (tweetalig: in het Fries en Nederlands).

Als oprichter van het inmiddels verzelfstandigde Fries Museum is het Fries Genootschap nog altijd de formele eigenaar van een belangrijk deel van de collectie van dit museum. In de collectie van het Fries Genootschap bevinden zich onder andere schilderijen van Wybrand de Geest en vele stukken Fries zilverwerk.

De website van de vereniging was al langere tijd toe aan een opfrisbeurt, wat begin januari 2016 dan ook zijn beslag kreeg. Dankzij de medewerking van Inge de Vries en Neeltje van der Weide van Tresoar is een volledig nieuw webplatform gebouwd met vele nieuwe mogelijkheden. Niet alleen kunnen de redacties van de twee uitgaven makkelijker zelf inhoud toevoegen en wijzigen, maar ook is veel van het tot nu toe gepubliceerde materiaal gratis digitaal beschikbaar gemaakt of zal dat binnenkort worden.
Ook zijn social media als Twitter geïntegreerd en zal er met enige regelmatig geblogd worden met korte artikelen of nieuws. Alles zowel op mobiele telefoons, tablets, laptops als op bureaucomputers duidelijk te lezen.

Voor De Vrije Fries, gepubliceerd sinds 1839, staan momenteel de artikelen van 1839 t/m 1929 online. Een reeks artikelen of volledige jaarboeken tot aan enkele jaren geleden zal binnenkort worden toegevoegd!
Voor het Historisch Tijdschrift Fryslân zijn en worden de nummers online beschikbaar gesteld die minimaal 8 maanden oud zijn.

Uiteraard ontvangen de leden van het Fries Genootschap zowel het jaarboek De Vrije Fries als Historisch Tijdschrift Fryslân, 6 keer per jaar, op papier in de brievenbus. Geïnteresseerden kunnen zich online aanmelden.

woensdag 25 november 2015

Historisch Tijdschrift Fryslan met poartepleats Sjuxma en oorsprong Friese paard

Het winternummer van Historisch Tijdschrift Fryslan (nr.6, november/december 2015) heeft
een mooie coverfoto met twee terpafgravers. Het bijbehorende artikel van Kerst Huisman stelt de vaak al te makkelijke conclusies aan de kaak die in de loop der jaren op onderzoek in delen van terpen gedaan is. Dunne bewijzen met dikke conclusies!

De eigenaar van de Poartepleats in Waaxens bij Holwerd, Pieter van der Plank, wordt geïnterviewd over hoe hij de ooit zeer vervallen boerderij weer heeft opgeknapt, inclusief de prachtige poort met duiventil (voor de gibben, halfwilde duiven) in de vorm van een paralellogram. Ooit was er ook nog een Sjuxma state maar die werd net als het nabijgelegen Huis Tjessens afgebroken. Het artikel is geschreven door drs. Wiebe Hoekstra uit Veenwouden.

Het beroemde zwarte Friese paard kent al een lange historie. Jorieke Savelkouls zal daar uitgebreid over rapporteren in het nieuwe nummer van De Vrije Fries dat volgende maand uitkomt. In deze Fryslan schetst zij alvast in het kort de contouren van dit fenomeen met wereldwijde aantrekkingskracht. O.a. de beroemde thrillerschrijver Dan Brown is een bekende fan.

Jeanine Otten brengt het Fries Culinair erfgoed onder de aandacht met o.a. Pastachoca Beregoed!, een slogan van Friesche Vlag, onderdeel van de CCF. De chocopasta werd gefabriceerd in een voormalige zuivelfabriek aan de Bitgumerdyk in Berlikum.

In Suiker, slaven en Suriname neemt Nynke Smit ons mee naar het begin van de 18e eeuw in Suriname waar de familie Groenewoud plantages had. Veel correspondentie uit die tijd is bewaard gebleven, o.a. door een conflict over de nalatenschap, in het archief van de doopsgezinde gemeente in Harlingen.

In Wurk ûnder hannen doet Sjoukje de Boer onderzoek naar de zuivelindustrie in Friesland, als trainee bij de Fryske Akademy.

Bauke van der Pol komt met de laatste in de trilogie over de mannen uit de familie Canter Visscher in India. Deze keer de rijke Tammerus Canter Visscher (1729-1778) die in Bengalen aan zijn fortuin kwam en in het Indische Cossimbazar een enorm neoclassisistisch grafmonument kreeg.

In de rubriek Kort Nieuws vinden we o.a. de verhalen van Dam Jaarsma die online verzameld zijn in de website www.sagenjager.nl , een routeplanner vol met volksverhalen!
Ook wordt er bericht over de vondst van een middeleeuwse schaats, een benen glis, aan de rand van de oude dorpsterp van Metslawier.

Uit de rubriek Boeken Kort is de publicatie van It deistich bestean by alds, Obe Postma, vermeldenswaard.

maandag 15 december 2014

Vrije Fries 2014, nummer 94, met Wybrand de Geest, Abraham Ferwerda, Wopke Eekhoff en Heringastate

Van de redactie Vrije Fries:
De snelle veranderingen in het Friese landschap tijdens de laatste decennia blijven de gemoederen bezig houden. In De Vrije Fries van 2010 verwoordde Goffe Jensma zijn visie op dit thema. Zijn boodschap was dat de Friese gemeenschap een eigentijdse visie op het ‘Frysk eigene’ dient te ontwikkelen. Jensma’s beschouwing, getiteld ‘Plat land, diepe geschiedenis: Friesland als trauma’, was voor het Fries Genootschap aanleiding tot het organiseren van een symposium op 23 november 2012. De toen gestelde vraag was of Fryslân het jaar 2034 zal halen. Een van de sprekers, Geert Mak, verkondigde daarna zijn opvattingen ook elders. In het Friesch Dagblad van 30 april 2013 verscheen bijvoorbeeld zijn tekst van een eerder in Wommels gehouden toespraak, met de intrigerende kop: ‘Het Friese landschap interesseert ons geen bal’, gevolgd door de lead: ‘Fryslân bevindt zich in een identiteitscrisis. De bouwsels op het platteland zijn daar een voorbeeld van.’
Wat is nu de stand van zaken en hoe hoog is de nood? Ook al verandert het Friese landschap snel, toch ook weer niet zo vlug dat het geen geschikt onderwerp is voor voortgaand debat in een jaarboek. Voor deze aflevering van De Vrije Fries vonden wij Geert Mak bereid om opnieuw aan te geven hoe hij denkt over de landschappelijke transformatie van Fryslân.
Maks openingsessay wordt in het eerste deel van dit jaarboek gevolgd door een vijftal, chronologisch gerangschikte artikelen over uiteenlopende onderwerpen. In hun artikel ‘All Change’ onderzoeken Marcus Roxburgh, Hans Huisman en Bertil van Os de mogelijkheden van materiaalanalyse met een XRF-scanner om meer te weten te komen over de mogelijke organisatie van broche-productie in vroegmiddeleeuws Fryslân. Zij analyseren de koperlegering van 600 broches en bekijken de veranderingen in de samenstelling van het metaal door de tijd heen. Hiermee komen zij tot een idee over de productie-organisatie en toekomstige onderzoeksmogelijkheden.
Suzanne Rus geeft vervolgens betekenis aan het album amicorum van Wybrand de Geest, Fryslâns bekendste schilder uit de Gouden Eeuw. Vanaf 1611 liet De Geest dit vriendenboek negen jaar lang invullen met allerlei persoonlijke teksten, heraldiek en tekeningen. Dit vond plaats tijdens zijn reis naar Utrecht en Rome, voordat hij zich weer in Leeuwarden vestigde. Alleen al door de verscheidenheid aan bijdragen betreft het een uniek document.
De uitgever Abraham Ferwerda is vooral bekend als founding father van de Leeuwarder Courant in 1752. Matthijs Droog onderzocht echter de andere uitgaven in het fonds van deze Leeuwarder ‘pommerant’. Hij toont onder meer aan dat er heel wat meer publicaties van Ferwerda’s persen rolden dan de eerst wekelijkse en later tweewekelijkse edities van Fryslâns oudste krant.
Volgens hem had er dan ook allang in Leeuwarden een straat naar Ferwerda vernoemd moeten zijn.
Ben Broos brengt ons daarna via Wopke Eekhoff bij de beroemdste Nederlandse schilder uit de Gouden Eeuw, Rembrandt van Rijn, of beter gezegd bij diens echtgenote Saskia Uylenburgh. Zij was een achternicht van Hendrickje Uylenburgh, de vrouw van de al genoemde Wybrand de Geest. Een kleine wereld dus, waarvan men zou denken dat de genealogische verhoudingen bekend bleven in het publieke domein. Toch raakte Saskia als echtgenote van Rembrandt in de vergetelheid, totdat Eekhoff haar in de negentiende eeuw weer op de juiste plek zette. Hiertoe was hij in staat doordat hij een identificerende notitie aantrof in het album amicorum van de Friese jurist Rombertus Ockema.
Aan het eind van het eerste deel in dit jaarboek vraagt Gunar Boon zich af of de verbouwing van Heringastate in Marsum, beter bekend als het Poptaslot, in het begin van de twintigste eeuw een restauratie of reconstructie was. Vanwege verzakking van de state werd destijds de architect Johan F.L. Frowein, een leerling van Pierre Cuypers, aangetrokken. Froweins beslissingen en activiteiten moeten volgens Boon getypeerd worden als ‘historiserende reconstructie’.
De tweede helft van deze aflevering staat in het teken van de Beneficiaalboeken uit 1543. Van deze uitzonderlijke bron met allerhande gegevens over inkomsten uit geestelijk bezit verscheen vorig jaar een nieuwe, ook digitaal doorzoekbare editie, bezorgd door Peter van der Meer en Hans Mol. Deze uitgave werd op 18 oktober 2013 gepresenteerd tijdens een studiedag van de Fryske Akademy. Acht sprekers bogen zich toen over de vraag hoe deze bron in historisch en taalkundig onderzoek benut kan worden. Zij werkten hun voordrachten om in artikelen, die wij in samenwerking met de bezorgers van de broneditie redigeerden. Voor nadere introductie verwijzen we hier naar de inleiding van Mol en Van der Meer die vooraf gaat aan de acht artikelen. Een aankondiging van deze bijdragen over de Benificaalboeken stond al in het afgelopen septembernummer van Fryslân, het andere blad dat onder auspiciën van het Frysk Genoatskip verschijnt. Met de redactie van dit tijdschrift spraken wij de wens uit de banden aan te halen en in de toekomst meer gezamenlijk te opereren waar dit mogelijk is.
Als redactie namen wij in het voorjaar afscheid van Ernst Taayke. We bedanken hem hartelijk voor al zijn inbreng sinds zijn aantreden in 2009, in het bijzonder voor de archeologische kronieken die hij steeds energiek samenstelde. Hoewel afwezig in deze aflevering betekent zijn vertrek niet het einde van de archeologische kroniek in De Vrije Fries. Het gemis van Ernst Taayke werd dit jaar gecompenseerd door de komst van Marijn Molema in de redactie, eerder dit jaar benoemd als historicus voor de negentiende en twintigste eeuw aan de Fryske Akademy.

Inhoud
Van de redactie, 7
ESSAY
  • Geert Mak, Het Friese landschap: geen trauma maar een open wond, 9
BIJDRAGEN
  • Marcus Roxburgh, Hans Huisman, Bertil van Os, All change: The end of a metalworking tradition in Dark Age Frisia, 19
  • Suzanne Rus, Het album amicorum van Wybrand de Geest, Een uniek reisdocument, 31
  • Matthijs Droog, Drukwerk voor iedereen. Het fonds van de Leeuwarder uitgever Abraham Ferwerda (1716-1783), 61
  • Ben Broos, Wopke Eekhoff en ‘de ontdekking’ van Saskia Uylenburgh als de vrouw van Rembrandt, 85
  • Gunar R. Boon, De verbouwing van Heringastate in Marsum, 1906-1912, Restauratie of reconstructie?, 107

THEMA: STUDIES OVER DE BENEFICIAALBOEKEN VAN 1543
  • J.A. (Hans) Mol en Peter van der Meer, Inleiding, 129
  • Paul Noomen, Enkele lijnen in de ontwikkeling van het parochiewezen in Oostergo, 133
  • Jan Kuys, Vrijgesteld maar vaak ook niet, Belasting op kerkelijke inkomens in het laatmiddeleeuwse bisdom Utrecht, 147
  • J.A. (Hans) Mol, Het inkomen van zielzorgers in Friesland, 1511-1543 . 165
  • Otto Roemeling, De geestelijken van 1543: cijfers over studie en afkomst . 175
  • Henk Bloemhoff, Nedersaksische elementen in de Stellingwerver Beneficiaalboekteksten 183
  • Karel. F. Gildemacher, Het Friese landschap volgens de toponiemen in de Beneficiaalboeken 201
  • Philippus H. Breuker, De hemrik lokalisatie, datering en betekenisontwikkeling 229
  • Merijn Knibbe, De kerk, de staat en het vredesdividend, De pachtopbrengsten van kerkelijke goederen in Friesland, 1511-1543, 251
  • Dennis Worst, Hooi halen stroomafwaarts. Het belang van hooiwinning voor de veenboeren in Zuidoost-Friesland, 279
  • Geraadpleegd materiaal bij de thematische bijdragen, 299
  • Jaarverslag Koninklijk Fries Genootschap over 2013, 313
  • Over de auteurs, 317
Ook lid worden van het Koninklijk Genootschap voor Geschiedenis en Cultuur, en daarmee de Vrije Fries en tijdschrift Fryslan ontvangen? Meldt u nu aan via het online Lidmaatschapsformulier.

dinsdag 17 december 2013

Vrije Fries 2013 met boerenprofessor Ekama, Macht, Geweld en Monniken

Het Jaarboek van het Koninklijk Fries Genootschap voor Geschiedenis en Cultuur en de Fryske Akademy over 2013, De Vrije Fries 93, biedt weer een brede keur aan doorwrochte artikelen.
Het Redactioneel geeft een samenvatting van de artikelen:
Bij het verschijnen van dit jaarboek heeft Fryslân een nieuw Fries Museum in Leeuwarden. Dat leek de redactie een mooie gelegenheid om stil te staan bij een vorige keer dat de opstelling van het Fries Museum grondig op de schop ging, in 1952. In dit jaarboek belicht Henny de Leeuw de museale veranderingen van toen binnen de context van de ideeën die halverwege de twintigste eeuw in de museumwereld leefden over de inrichting van musea.
Het tweede artikel is afkomstig van Leo Verhart en gaat over archeologie en terpen in de eerste helft van de twintigste eeuw. Het is een vervolg op zijn bijdrage in het jaarboek van 2012, waarin onder andere de slechte verhouding tussen het Fries Genootschap en het Leidse Rijksmuseum van Oudheden rond 1900 centraal staat. In dit jaarboek pakt Verhart de draad op bij 1908 toen Albert Egges van Giffen bij het Fries Genootschap in beeld kwam.
Matthijs Gerrits en Hans Mol reconstrueren vervolgens het ontspoorde conflict in het zuidwesten van Fryslân tussen abt Agge Thomaszoon en hoofdeling Ige Galama. Aan het einde van de vijftiende eeuw vochten deze heren en hun achterban een vete uit die achteraf gezien het einde van de zogeheten Friese vrijheid (1498) inluidde.
Met het volgende artikel van Huib Zuidervaart over het verschijnsel ‘boerenprofessor’ maken we een sprong naar de achttiende eeuw. Deze term, door G.A. Wumkes in 1914 geïntroduceerd, is een eigen leven gaan leiden. Zuidervaart relativeert het belang van de ‘autodidacten’, zoals Eise Eisinga, die als boerenprofessoren worden getypeerd. Voor de bestudering van het wetenschappelijke klimaat blijven zij niettemin buitengewoon interessant.
De eeuwenoude angst voor hondsdolheid komt aan de orde in de bijdrage van Minie Baron. Zij laat zien hoe vanaf de achttiende tot het einde van de twintigste eeuw preventie en bestrijding van deze ziekte in Fryslân werden georganiseerd. Daarnaast bespreekt Baron hoe hondsdolheid doorwerkte in de Friese samenleving. Het accent ligt op de jaren van 1850 tot 1925, toen veel werk werd gemaakt van de indamming van rabiës.
In het laatste artikel van dit jaarboek analyseert Bert Looper de wereld van het meubelbedrijf Fristho, dat werd opgericht in 1920 en in Franeker gevestigd was van 1924 tot 1970. Hoewel dit bedrijf halverwege de twintigste eeuw doordrong tot de top van het Nederlandse meubeldesign en ook internationaal furore maakte, is het bij grote publiek momenteel weinig bekend. Looper pleit voor een herwaardering van Fristho, dat door het bekende designblad Goed wonen stelselmatig werd genegeerd en volgens hem daardoor mist in de hedendaagse canon van het meubeldesign. Op de valreep geeft Looper Fristho ook nog een plaats in de huidige discussie over de identiteit van Fryslân.
In de rubriek ‘Bronnen en egodocumenten’ presenteren Truus de Vries en Goffe Jensma de eerste lezing van François HaverSchmidt, gehouden in 1850 voor zijn gymnasiastengezelschap aan het einde van zijn schooltijd in Leeuwarden, onder de titel ‘De Friesche Koningen’. Uit deze lezing blijkt dat HaverSchmidt al op jonge leeftijd vraagtekens plaatste bij de geschiedschrijvers die beweerden dat de Friezen sinds de Romeinse tijd continuïteit kenden als volk. Dit jaarboek bevat verder traditiegetrouw de archeologische kroniek – wederom samengesteld door Ernst Taayke – en het jaarverslag 2012 van het Genootschap.

De titels van de artikelen:
- De nieuwe koers voor het Fries Museum
- Terug naar het land van herkomst 2
- Macht, geweld en monniken
- De Friese boerenprofessor (Ekama)
- Hondsdolheid in Friesland vanaf 1700
- Fries design goes international
- De Friesche Koningen van Francois HaverSchmidt
- Archeologische Kroniek van Ernst Taayke van NAD Nuis