Vanaf oktober 2016 organiseert het Fries Museum een grote tentoonstelling van de kunstschilder Lourens Alma Tadema. Hij wordt wel de beroemdste Fries genoemd, maar daar is lang niet iedereen het mee eens. Hij emigreerde immers op jeugdige leeftijd naar Engeland en liet zich ook tot Engelsman naturaliseren. Als eerbetoon aan zijn werk kreeg hij de ridderlijke titel van Sir toegekend: Sir Lawrence Alma-Tadema en werd hij als lid van de Royal Academy of Arts begraven in de Londense St. Paul's Cathedral.
Waar kwamen dan zijn voorouders vandaan?
Het spoor leidt in eerste instantie richting Dronrijp en Bolsward, waar het gezin waarin Lourens ter wereld kwam woonde. Lourens werd in 1836 in Dronrijp geboren als zoon van Pieter Tadema en Hinke Brouwer. In feite was Alma zijn tweede voornaam!
In een recent onderzoek dat ik deed voor een artikel over de Dokkumer familie Tadema, waar o.a. het VOC-opperhoofd in India Nicolaas Tadema deel van uit maakte, vond ik geen enkele connectie met de kunstzinnige Lourens.
Via AlleFriezen.nl kwam ik ook niet verder dan een Zacharias Jeltes. Bij zo'n bijzondere voornaam moet je toch even stilstaan. Het kwartje viel toen ik een oud nummer van Gens Nostra uit 1993 digitaal doorbladerde. Naast interessante artikelen over de genealogie Heeringa en diverse andere Friese families, kwam ik daarin een genealogie Tadema tegen met Lourens: De familie Tadema uit Holwerd!
Daar waar de Tadema families uit Dokkum en Kollum hun familienaam ontlenen aan de Tadema state in Oostrum of Kollum (Genealogysk Jierboekje 1981, pag. 87-108), en die naam ook al vanaf de 16e eeuw gebruikten, daar baseert de familie van de kunstschilder Lourens zijn familienaam op het patroniem van ene Taede.
De oudst gevonden voorvader was:
Taede Taedes, woonde te Hallum als meijer op plaats 58 (1640), aangenomen als lidmaat april 1629, maar behoorde in 1646 tot de leden die lange tijd niet aan het avondmaal hadden deelgenomen, overleden waarschijnlijk begin 1675.
De volgende generatie o.a. de gelijknamige zoon:
Taede Taedes de jonge (ook genoemd Taede Taedes Jongha/Jongma), geboren (Hallum?) ca. 1635, bierbrouwer te Holwerd (1663), trouwt (1) Hallum 2-1-1659 Jetske Wytses, van Hallum; trouwt(2) Holwerd 3-5-1663 Elisabeth Huber, geboren Dokkum 4-2-1643, overleden Franeker 1699, dochter van Zacharias Huber, notaris en secretaris van West Dongeradeel, en Sjoukje Jensma.
Zacharias Taedes uit Holwerd ging als eerste in deze familie de naam Tadema voeren, vandaar ook de titel van het artikel in Gens Nostra. De auteur, drs. K. Terpstra, wijst in dat artikel op de artistieke verbanden in de kwartierstaat van Lourens met zijn neven, de bekende schilders Taco en Hendrik Willem Mesdag en zilversmeden Brouwer (Genealogysk Jierboekje 1983, pag. 60-69).. En hoewel de eerste generaties allemaal Nederlands Hervormd waren komen in latere generaties ook diverse doopsgezinden voor.
Het moge duidelijk zijn: de voornaam Zacharias kwam uit de familie Huber, van de bekende Dokkumer jurist Ulrik Huber!
Recent werd door het Fries Museum het portret van Frederika Reijnders uit Leeuwarden gerestaureerd. Zij werd in 1839 geboren als dochter van Izaak Reijnders en Catharina Anna van Wicheren.
Update: Als liefhebber van portretten meld ik graag deze andere portretten die Alma Tadema aan het begin van zijn carriere maakte:
Sientje Tadema: dochter van Zacharias Jeltes Tadema en Klaaske Canter Visscher. Zij was muzieklerares.
Marie Josephine Jacoba van Marcke de Lummen, in particulier Fries bezit. Zie ook deze afbeelding. Zij was gehuwd met Louis Kufferath, een componist, dirigent en pianist.
Posts tonen met het label Engeland. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Engeland. Alle posts tonen
vrijdag 29 januari 2016
Voorouders Lourens Alma Tadema kwamen uit Hallum/Holwerd
Labels:
afkomst,
Bolsward,
dokkum,
Engeland,
fries museum,
genealogie,
Hallum,
holwerd,
Kollum,
Lawrence Alma-Tadema,
leeuwarden,
London,
Lourens Alma Tadema,
Sir,
stamboom,
Taede,
tentoonstelling
dinsdag 2 oktober 2012
Engelse hondjes op Friese schoorsteenmantels
Foar dy, leave (Voor jou, lieverd) zijn de gefantaseerde woorden waarmee een Friestalige zeevisser uit Moddergat of Wierum zijn souvenirs aan zijn geliefde thuis overhandigde. De ondertitel Engelse hondjes op Friese schoorsteenmantels geeft aan dat vooral de figuurkeramiek uit Engeland populair was en in de visserswoningen een plaats vond op de schoorsteenmantel.
Wederom is er in de reeks “musea in noordoost fryslân” (streekmuseum Het Admiraliteitshuis te Dokkum en museum ‘t Fiskershúske te Moddergat) een rijk geïllustreerd boekje in de inmiddels kenmerkende vierkante vorm verschenen. Eigenlijk was dit deeltje al wat eerder gepubliceerd (februari 2012) maar dat had ik even gemist. Niet zo gek ook als je bedenkt dat Ihno Dragt tussen december 2010 en nu maar liefst 10 boeken heeft gepubliceerd, dus ongeveer om de 2 maanden eentje!
Van allerlei hondenrassen werden beeldjes gemaakt, die door de Engelse middenklasse gretig werden afgenomen en meestal voor de ramen gezet. Toch was een der populairste dat van de spaniël, het kleine langharige hondje dat in Engeland door de adel al eeuwen gefokt werd als gezelschapshondje. De populariteit bij de massa was te danken aan koningin Victoria, die Engeland regeerde van 1837-1901.
De jonge koningin was erg geliefd en het beeld van haar lievelingsspaniël Dash, die de eenzaamheid van haar jeugd verdreef, werd verspreid via schilderijen, gravures en borduurpatronen.
De pottenbakkers van Staffordshire speelden hierop in door beeldjes van spaniëls te maken, steeds als een paar naar elkaar toegekeerd. Het bleken bestsellers te zijn, die tot de Eerste Wereldoorlog in zeer grote aantallen gemaakt werden.
Hoe de vissers uit Noordoost-Friesland en elders uit Nederland aan deze hondjes kwamen? In de tijd dat visserij vanuit het eigen dorp steeds minder lonend werd, monsterden velen aan op schepen van bijvoorbeeld Vlaardingse reders, die bij de noordelijke Shetlandeilanden op haringvangst gingen. Van ongeveer 1890 tot 1915 kochten zij in de hoofdplaats Lerwick hun souvenirs. Onkundig van het feit dat veel van dat goedkope aardewerk over de ruggen van de (vaak heel jonge) arbeiders vervaardigd was.
De spaniëls uit de collectie van museum ‘t Fiskershúske staan in dit boekje centraal. Voor verzamelaars van dergelijke honden zijn er veel nuttige gegevens en prachtige foto’s in opgenomen.
Ook wordt er uit de doeken gedaan hoe het nu zit met het verband tussen de hondjes en de dames van lichte zeden in de Engelse kustplaatsen.
Overigens is er een mooie site van het Shetlandmuseum in Lerwick met 60.000 oude foto's. Zoek maar eens op "Vlaardingen" of "Dutch Fisherman" via deze pagina van het museum.
Het Fries Scheepvaartmuseum heeft ook enkele van deze zeemanssouvenirs in de collectie, evenals het Noordelijk Scheepvaartmuseum in Groningen, die ze schoorsteenmantelhondjes noemt.
En sommige mensen sparen de honden als hobby.
Inhoudsopgave:
Inleiding 6
Staffordshire 9
Lerwick 12
Spaniël: oorsprong en soorten 15
Koningin Victoria 18
De techniek 20
Jeugdige fabrieksslaven 25
Hoerenhondjes? 30
Het kaf van het koren scheiden 34
Tot slot: stel je eens voor... 36
Beschrijvingen 40
Literatuur 58
U kunt het boekje kopen bij Museum Dokkum en Museum Fiskershuske of via info@museumdokkum.nl
Wederom is er in de reeks “musea in noordoost fryslân” (streekmuseum Het Admiraliteitshuis te Dokkum en museum ‘t Fiskershúske te Moddergat) een rijk geïllustreerd boekje in de inmiddels kenmerkende vierkante vorm verschenen. Eigenlijk was dit deeltje al wat eerder gepubliceerd (februari 2012) maar dat had ik even gemist. Niet zo gek ook als je bedenkt dat Ihno Dragt tussen december 2010 en nu maar liefst 10 boeken heeft gepubliceerd, dus ongeveer om de 2 maanden eentje!
Van allerlei hondenrassen werden beeldjes gemaakt, die door de Engelse middenklasse gretig werden afgenomen en meestal voor de ramen gezet. Toch was een der populairste dat van de spaniël, het kleine langharige hondje dat in Engeland door de adel al eeuwen gefokt werd als gezelschapshondje. De populariteit bij de massa was te danken aan koningin Victoria, die Engeland regeerde van 1837-1901.
De jonge koningin was erg geliefd en het beeld van haar lievelingsspaniël Dash, die de eenzaamheid van haar jeugd verdreef, werd verspreid via schilderijen, gravures en borduurpatronen.
De pottenbakkers van Staffordshire speelden hierop in door beeldjes van spaniëls te maken, steeds als een paar naar elkaar toegekeerd. Het bleken bestsellers te zijn, die tot de Eerste Wereldoorlog in zeer grote aantallen gemaakt werden.
Hoe de vissers uit Noordoost-Friesland en elders uit Nederland aan deze hondjes kwamen? In de tijd dat visserij vanuit het eigen dorp steeds minder lonend werd, monsterden velen aan op schepen van bijvoorbeeld Vlaardingse reders, die bij de noordelijke Shetlandeilanden op haringvangst gingen. Van ongeveer 1890 tot 1915 kochten zij in de hoofdplaats Lerwick hun souvenirs. Onkundig van het feit dat veel van dat goedkope aardewerk over de ruggen van de (vaak heel jonge) arbeiders vervaardigd was.
De spaniëls uit de collectie van museum ‘t Fiskershúske staan in dit boekje centraal. Voor verzamelaars van dergelijke honden zijn er veel nuttige gegevens en prachtige foto’s in opgenomen.
Ook wordt er uit de doeken gedaan hoe het nu zit met het verband tussen de hondjes en de dames van lichte zeden in de Engelse kustplaatsen.
Overigens is er een mooie site van het Shetlandmuseum in Lerwick met 60.000 oude foto's. Zoek maar eens op "Vlaardingen" of "Dutch Fisherman" via deze pagina van het museum.
Het Fries Scheepvaartmuseum heeft ook enkele van deze zeemanssouvenirs in de collectie, evenals het Noordelijk Scheepvaartmuseum in Groningen, die ze schoorsteenmantelhondjes noemt.
En sommige mensen sparen de honden als hobby.
Inhoudsopgave:
Inleiding 6
Staffordshire 9
Lerwick 12
Spaniël: oorsprong en soorten 15
Koningin Victoria 18
De techniek 20
Jeugdige fabrieksslaven 25
Hoerenhondjes? 30
Het kaf van het koren scheiden 34
Tot slot: stel je eens voor... 36
Beschrijvingen 40
Literatuur 58
U kunt het boekje kopen bij Museum Dokkum en Museum Fiskershuske of via info@museumdokkum.nl
Abonneren op:
Posts (Atom)
